De Ring is óók een enorm transportprobleem

Morgen begint De Nederlandse Opera voor het eerst in zijn bestaan aan de uitvoering van vier complete cycli van Wagners `Der Ring des Nibelungen'. Het enorme Amsterdamse Muziektheater is nog bijna te klein voor de vier reusachtige decors.

,,Pas op, het is levensgevaarlijk hier,'' waarschuwt een man die op een vorkheftruck met een metershoge ijzeren stellage manoeuvreert. Drie mannen proberen met hun gewicht het wiebelende gevaarte in toom te houden. Rondom klinkt gehamer, gesis van pneumatisch gereedschap en een sporadische vloek. Het toneel van het Amsterdamse Muziektheater lijkt eerder een fabrieksterrein dan een operahuis. Gigantische stukken hout en metaal worden af en aan gereden, of bungelen aan lieren in de lucht.

Aanleiding tot deze operatie, de grootste in de geschiedenis van De Nederlandse Opera, is de opvoering van vier complete cycli van Wagners Der Ring des Nibelungen, die bestaat uit Das Rheingold, Die Walküre, Siegfried en Götterdämmerung. Tachtig trailers waren nodig om alle onderdelen te vervoeren van hun loods in het Brabantse Beek en Donk naar Amsterdam. Het decorcentrum van De Nederlandse Opera in de Bijlmermeer was niet groot genoeg om de enorme decorstukken onder te brengen. Voor elke generale repetitie en straks voor de 16 uitvoeringen worden complete changementen uitgevoerd. Het opbouwen duurt vier tot vijf uur, het afbouwen eveneens. Voor Götterdämmerung is zelfs twee keer zes uur nodig.

Anders dan andere operagezelschappen, die voor de Ring één basisdecor gebruiken, heeft de Nederlandse Opera nu vier verschillende decors. De producties zijn al apart te zien geweest in Het Muziektheater. Het was een hele schrik destijds toen de Russisch-Amerikaanse decorontwerper George Tsypin en regisseur Pierre Audi met hun spectaculaire ontwerpen aankwamen. ,,In het begin duurde het opbouwen en afbreken nog uren langer, maar we hebben er nu ervaring mee,'' zegt productie-manager Dein Schmidt van De Nederlandse Opera. ,,We hebben een technische planning gemaakt en werken in kleine groepjes die elk een eigen onderdeel voor hun rekening nemen. Er zijn een aantal verbeteringen aangebracht, onder meer in het plafond, dat oorspronkelijk één stijve constructie was. Het bestaat nu uit platen die onderling met kabeltjes en katrollen zijn verbonden. Die platen kunnen rechtstandig in de kap verdwijnen.

,,We hebben alle decorstukken in delen gehakt zodat je ze kunt stapelen. Siegfried staat opgeslagen in pakketjes van twee meter hoog. Sommige grote stukken worden omhoog getakeld. Om het gewicht op te vangen hebben we speciale lieren aangeschaft die elk 3000 kilo kunnen torsen. Bij Das Rheingold bijvoorbeeld hangt er 9 ton glas, 7 ton ijzer, 2 ton publieksgalerij en dan nog de gebruikelijke dingen als belichting. Onder veel onderdelen hebben we wielen aangebracht om ze makkelijker te verplaatsen. Het grootste probleem is dat het allemaal zo volumineus is. Voor één productie is dat niet erg, maar bij vier samen krijg je opslagproblemen.''

De gebruikelijke routes achter het toneel, een van de grootste ter wereld, zijn bijna onbegaanbaar geworden. In alle beschikbare ruimten zijn decorstukken weggestouwd. Een bijkomend probleem vormen de drie begeleidende orkesten. Voor hun grote instrumenten is alleen nog in de gangen plaats. In de ruimte links van het toneel glimt het goud van Das Rheingold. De grote operastudio is ingeruimd voor Die Walküre. In een muur is een gat van 4 bij 10 meter gehakt om de lange onderdelen in en uit te kunnen draaien. Na de laatste voorstelling zal het gat weer worden gedicht. Rode en witte strepen, kruizen en stippen op de meters hoge stellages wijzen de technici waar de onderdelen aan elkaar moeten komen.

Vier materialen beheersen de opera's: hout, glas, metaal en steen. ,,De materialen worden soms zuiver getoond, soms in samenhang met elkaar en soms verstoort het ene het andere,'' zegt dramaturg Klaus Bertisch. Het Walhalla, de burcht van de goden, is van koel metaal. Een immense plaat van plexiglas in Das Rheingold stelt het water voor waarin de Rijndochters zich wellustig wentelen. In Die Walküre overheerst het hout. Cirkelvormige planken die lijken op de jaarringen van een boom, reiken tot in de zaal. Bertisch: ,,In Die Walküre komen voor het eerst echte mensen voor. Het warme van hout staat voor de menselijke sfeer. Maar het kan openbreken, er komt vuur door, er zitten wapens in. De houten schijf heeft ook te maken met de es waarin Wotan zijn zwaard heeft gestoken, het is ook het beeld van de gekwetse natuur.''

De gebruikte materialen zien er voor de toeschouwer zwaarder en massiever uit dan ze zijn. Een levensecht rotsblok dat over het toneel wordt gerold beschrijft Schmidt als `een holle constructie van piepschuim, bewerkt met verf en lijm'. De glinsterende kristallen erin zijn scherven van een kapot geslagen autoruit. Het metalen Walhalla achter op het toneel bestaat uit hoge houten wanden bekleed met flinterdun aluminium. Bertisch: ,,Bij Das Rheingold geeft Wagner `zwemmen' aan als regieaanwijzing. Het is altijd moeilijk om water te laten zien op toneel. We wilden iets doorzichtigs, maar glas is te zwaar. Daarom is gekozen voor plexiglas waar je doorheen kunt belichten''

Bij Die Walküre en Siegfried zit het orkest respectievelijk rechts en links op het toneel. Schuin oplopende speelvlakken reiken over de orkestbak tot in de zaal. De eerste drie rijen stoelen zijn verwijderd; de verloren plaatsen worden teruggewonnen door boven de speelvloer hangende bakken met `adventure seats'. De zangers, op speciale sloffen om niet onderuit te gaan op de hellende vlakken, spelen soms zo dicht bij de toeschouwers dat je ze bijna kunt aanraken. Bertisch: ,,Sommige zangers vinden dat vreselijk, en proberen wat afstand te houden, maar anderen vinden het juist prachtig om die spanning in de zaal te voelen en een directe reactie van het publiek te krijgen.''

Der Ring des Nibelungen. Muziektheater Amsterdam 1 t/m 30/6. Er is nog een beperkt aantal kaarten verkrijgbaar. Res. (020) 6255455. De Ring is 17, 18, 20 en 23/6 te zien op videoscherm in het Amsterdamse Oosterpark. Theaterrondleidingen 5, 12, 19, 26/6. Tel. (020) 5518054.