TUSSEN KLIMAAT EN AARDMAGNETISCH VELD BESTAAT GEEN VERBAND

Het aardmagnetisch veld is niet constant: het varieert zowel in sterkte als in richting. Zo ligt de huidige magnetische noordpool inmiddels zon 780.000 jaar in het noorden (dit interval staat bekend als de Brunhes-periode); daarvoor is hij veelvuldig tussen noord en zuid omgekeerd. Ook de intensiteit van het veld toont uitschieters naar boven en naar beneden. De oorzaken van deze ompolingen en veranderingen in veldsterkte zijn niet goed begrepen, maar er zijn in het verleden wel enkele verbanden met andere verschijnselen gelegd. Zo kwam bij de eerste analyses naar voren dat de ompolingen opvallend vaak gepaard gingen met het massaal uitsterven van diergroepen. Toen er eenmaal meer gegevens beschikbaar kwamen, bleek de eerdere `ontdekking op een aantal toevallige gelijktijdige gebeurtenissen te berusten. Ook het idee dat er in de variaties een cyclus van 41.000 jaar kon worden onderscheiden, heeft enige tijd geleid tot de gedachte dat klimaat en aardmagnetisch veld aan elkaar waren gekoppeld. De 41.000-jarige cyclus is immers een van de drie belangrijke astronomische parameters waarmee de klimaatfluctuaties in het laatste IJstijdvak kunnen worden verklaard.

Het reconstrueren van het vroegere aardmagnetisch veld blijkt inmiddels moeilijker dan men aanvankelijk dacht. Dat komt omdat de reconstructie moet plaatsvinden op basis van de karakteristieken van gesteenten die bij hun vorming aan tal van andere invloeden hebben blootgestaan. Dat heeft er inmiddels toe geleid dat tal van correctiefactoren op gemeten waarden moeten worden toegepast. Naarmate men daar meer grip op heeft gekregen wordt het uiteraard beter mogelijk om nauwkeurige waarden voor het vroegere aardmagnetisch veld vast te stellen. Dat betekent overigens niet dat het daarmee automatisch mogelijk wordt om ook een curve op te stellen die de veranderingen van het aardmagnetisch veld met de tijd weergeeft. Lang niet alle gepubliceerde waarden houden immers rekening met de inmiddels bekende noodzakelijke correctiefactoren.

Onderzoekers van het Institut de Physique du Globe de Paris hebben nu alle beschikbare gegevens over de laatste 800.000 jaar opnieuw geïnterpreteerd op basis van de nu bestaande kennis. Dat leverde een curve op die net iets verder teruggaat dan de Brunhes-periode, en daarmee zowel een ompoling als talrijke intensiteitsfluctuaties omvat. Ze hebben hun gegevens gepubliceerd in Nature (20 mei), en komen tot de conclusie dat de veranderingen in het aardmagnetisch veld worden gedomineerd door patronen met een zeer lange tijdsduur, maar zonder (binnen het tijdsbestek van 800.000 jaar traceerbare) periodiciteit.

De variaties in intensiteit zijn uiteenlopend wat betreft hun sterkte, maar de gemiddelde waarde blijft voor alle acht delen van elk 100.000 jaar hetzelfde.

De geomagnetische excursies blijken op te treden wanneer het dipoolmoment afneemt tot beneden een kritische waarde (40 x10 ampere per vierkante meter). Van de eerder veronderstelde relatie met het klimaat blijft na deze analyse niets over, en de gedachte dat de karakteristieke bewegingen van de aardbaan een directe, sterke invloed op de `dynamo' van de aarde zouden hebben, moet dan ook worden opgegeven. (A.J. VAN LOON)