KLEUREN

In W&O van 8 mei (`Nol, Wor en Wap') komt de vraag aan de orde hoe de mens over de hele wereld kleuren typeert. In sommige talen komen maar enkele basale termen voor kleuren voor – het minimum is twee: voor zwart en wit – in andere meer, maar het maximum zou volgens een onderzoek van Berlin & Kay uit 1969 elf zijn: zwart, wit, rood, geel, groen, blauw, bruin, paars, roze, oranje en grijs. Combinatietermen als lichtgeel of zeegroen tellen niet mee, woorden voor een kleur die al door een ander woord gedekt wordt (zoals scharlaken voor rood) ook niet, woorden die niet algemeen gebruikt kunnen worden (`blonde schoenen' zeg je niet) en stofnamen (zalm) evenmin. Alleen het Russisch zou twaalf basale kleurtermen hebben, aangezien daarin twee geheel verschillende woorden bestaan voor lichtblauw en donkerblauw.

Heeft het Nederlands er dan niet op zijn minst dertien? Als roze (`wit-rood') en grijs (`wit-zwart') erkende termen zijn, waarom dan niet ook beige en lila? Tussen paars en lila hebben we zelfs nog een term: violet. En grauw is mijns inziens niet helemaal hetzelfde als grijs.