CPB onpartijdig

De trouwe lezers van NRC Handelsblad weten intussen wel dat columnist Bomhoff het niet zo nauw neemt met de feiten en de demagogie niet schuwt om zijn stellingen kracht bij te zetten. Ik zie er dus maar van af om de feitelijke onjuistheden en de misleidende voorstelling van zaken in zijn column van zaterdag 22 mei te corrigeren. Het Centraal Planbureau (CPB) is geen mechanische gebruiker van blinde modellen, integendeel.

Nieuw en ernstiger is zijn beschuldiging dat het CPB, en meer specifiek ondergetekende, niet onpartijdig is geweest bij de analyse van de economische effecten van de verkiezingsprogrammas van begin vorig jaar. Deze aanval op de integriteit van het CPB en van mij persoonlijk kan niet onweersproken blijven.

Bomhoff baseert zijn beschuldiging op het feit dat de PvdA in zijn verkiezingsprogramma wat grotere financieringstekorten accepteerde voor het tweede en derde jaar van de kabinetsperiode. Ten onrechte beweert hij dat ik hen op die gedachte zou hebben gebracht (en dat ik lid van die partij zou zijn, quod non).

Overigens zaten zulke effecten ook in andere programma's, omdat de tijdpaden van ombuigingen, intensiveringen en lastenverlichting niet steeds nauwkeurig op elkaar waren afgestemd. Voorts suggereert Bomhoff dat een tussentijdse tekortvergroting niet zichtbaar zou zijn in de CPB-uitkomsten, terwijl dat vier jaar eerder wel het geval zou zijn geweest. De rapportage wijkt op dit punt echter niet af van vier jaar eerder: de gevolgen van tussentijdse tekortvergroting komen tot uiting in de rentelasten en de schuldquote van de overheid in het laatste jaar van de kabinetsperiode.

Zoals ook vermeld in de CPB-rapportage is dit een van de redenen waarom bij het CDA-programma een lagere schuldquote resulteerde dan bij de andere partijprogramma's.

Aan de onzorgvuldigheden in de columns van Bomhoff was deze lezer wel gewend geraakt, maar zo langzamerhand ga ik ook twijfelen aan zijn oprechtheid.