Beslag op vakantiepark Sint Maarten

De Rotterdamse zakenman J. Schutte heeft conservatoir beslag laten leggen op het vakantiepark Port de Plaisance op Sint Maarten. Het beslag werd afgelopen donderdag door de rechter bekrachtigd.

Het beslag was nodig omdat de Turkse zakenman Sudi Özkan weigerde het toeristenpark over dragen. Özkan, die volgens de eilandautoriteiten niet door een antecedentenonderzoek van de Veiligheidsdienst van de Nederlandse Antillen is gekomen, was dat verplicht volgens een gerechtelijk vonnis in april.

Het beslag is de meest recente stap in de affaire rond het Port de Plaisance-resort, een van de grootste vakantieparadijzen op Sint Maarten. Het park werd vier jaar geleden getroffen door een orkaan en vormde eveneens het middelpunt van een fraudekwestie bij een Frans pensioenfonds. Schutte, die eerder in de filmwereld zijn sporen verdiende als fiscaal specialist, werkt al jaren aan het plan om van het park een omvangrijk studiocomplex voor film en televisie te maken. Daarvoor is 230 miljoen dollar beschikbaar.

Terwijl de overeenkomst in feite rond was, zag Schutte zijn plannen gedwarsboomd toen het park werd verkocht aan een stroman van Özkan. De Turkse zakenman zou met name belangstelling hebben voor het casino op het complex. Volgens de gezaghebber van Sint Maarten, Dennis Richardson, zal de Turkse zakenman evenwel geen vergunning krijgen om op Sint Maarten een casino uit te baten. Dit na een antecedenten-onderzoek van de veiligheidsdienst, dat sinds enige tijd is ingesteld om een einde te maken aan veronderstelde witwaspraktijken van drugsgelden op de Antillen.

Volgens Schutte heeft Özkan al twee weken geleden een bankgarantie van 26 miljoen dollar voor het resort gekregen, voorwaarde voor de levering. Daar is geen reactie op gekomen, aldus Schutte gisteren vanaf Sint Maarten. Wel reageerde de Turkse zakenman woedend op de woorden in deze krant van gezaghebber Richardson, die bevestigde dat Ökan door de veiligheidsdienst als een ongewenst figuur wordt beschouwd. In een ingezonden brief aan de Antilliaanse Daily Herald eiste Özkan een ,,uitgebreid onderzoek'' naar de verdenkmakingen jegens zijn persoon. Ook dreigde hij met het inzetten van ,,al zijn middelen'' om alles boven water te krijgen.