Twee kernmachten en een kruitvat

De situatie in het door India en Pakistan betwiste Kashmir is plotseling sterk verslechterd. Spierballenpolitiek, menen sommige waarnemers, maar in de twee landen zelf heerst wel degelijk bezorgdheid.

India en Pakistan houden er zo hun eigen terminologie op na. Vandaag is het precies een jaar geleden dat Pakistan de `stand' gelijkbracht met India: op nucleair gebied. De ondergrondse kernproeven van beide landen hadden de veiligheidssituatie in Zuid-Azië een dienst bewezen, zo luidden de commentaren in New Delhi en Islamabad: wie zou de ander ooit nog durven aanvallen?

En toch is de situatie in Kashmir – volgens velen 's werelds gevaarlijkste nucleaire kruitvat – sinds de kernproeven van mei 1998 alleen maar verslechterd. Vorig jaar vielen vlak na de kernproeven aan beide zijden van de bestandslijn in Kashmir enkele honderden doden bij artilleriebeschietingen door grenstroepen. Bij de elk voorjaar terugkerende `seizoensoorlog' in Kashmir is de situatie nu nog verder uit de hand gelopen. Hoewel de twee premiers elkaar nog geen drie maanden geleden in Lahore omhelsden en elkaar plechtig beloofden de kwestie-Kashmir vreedzaam te zullen oplossen, zijn sindsdien opnieuw enkele honderden doden gevallen bij beschietingen.

Deze week zette India voor het eerst sinds de oorlog om het toenmalige Oost-Pakistan (Bangladesh) in 1971 zijn luchtmacht in om ,,door Pakistan gestuurde infiltranten'' uit zijn territorium te verwijderen. Het neerschieten van elk geval één – volgens Pakistan twee – Indiaas MiG-gevechtsvliegtuig gistermiddag, door een Pakistaanse luchtdoelraket, hebben de twee landen aan de rand van hun vierde oorlog gebracht sinds de onafhankelijkheid van Groot-Brittannië en de deling van het subcontinent in 1947.

De Indiase regering onderstreept de luchtaanvallen op de guerrillastrijders in Indiaas Kashmir voort te zetten totdat de vier tot vijf kilometer hoge bergtoppen rondom het plaatsje Kargil weer helemaal in Indiase handen zijn. Pakistan zegt niets te weten van de infiltratie – maar het Pakistaanse leger en de veiligheidsdiensten ondernemen met grote regelmaat zelf acties, zoals ook in Afghanistan ter ondersteuning van de offensieven van de Talibaan, zonder dat de regering daarvan op de hoogte is.

Zichzelf verdedigend tegen ,,indringers'' of tegen ,,ongeprovoceerde beschietingen'' vallen India en Pakistan elkaar vrijwel dagelijks aan langs de 720 kilometer lange bestandslijn in Kashmir, het voormalige prinsdom in de westelijke Himalaya's dat al meer dan vijftig jaar door beide landen wordt geclaimd. Zonder dat een van beide landen het woord `oorlog' in de mond wil nemen vallen al jarenlang, en met grote regelmaat, doden in het gebied. Toch lijken India en Pakistan een zeer hoge tolerantiegrens met elkaar te hebben: de schermutselingen in Kashmir zijn in de loop van de jaren bijna een op zichzelf staande oorlog geworden zonder dat ze ontaarden in een oorlog of uitbreiden naar andere delen van de Indiaas-Pakistaanse grens.

De onderlinge contacten tussen de beide hoofdsteden gaan over het algemeen, na wat heen en weer geblaas, gewoon door. ,,Ik zie niet in waarom het nu ineens zou leiden tot een grote escalatie'', zei gisteren Andrew Brookes van het Internationale Instituut voor Strategische Studies in Londen. ,,Je moet het in de plaatselijke context zien.'' Zo denken ook de meeste Westerse diplomaten over de verhoudingen tussen India en Pakistan. ,,Heel veel van de ruzies is pure spierballenpolitiek, zoals de kernproeven van vorig jaar'', zegt een ambassadeur in Islamabad.

Toch wordt de huidige situatie zowel in India als in Pakistan met enige zorg bekeken, zo blijkt uit de reacties in de media. Zo is de Wereldcup cricket in Engeland – verreweg het belangrijkste gespreksonderwerp in Zuid-Azië – naar de onderkant van de voorpagina's geschoven voor de Indiase MiG's die gisteren boven het Pakistaanse grondgebied verloren gingen. ,,Er is geen reden voor paniek'', zei gisteren Brijesh Mishra, de belangrijkste veiligheidsadviseur van de Indiase premier Atal Behari Vajpayee. ,,India heeft niet de bedoeling dit conflict verder uit te breiden en we denken niet dat dit escaleert tot een totale oorlog.'' In Pakistan, dat de kwestie-Kashmir traditiegetrouw graag op de internationale agenda zet, werd met meer zorg gereageerd. ,,We hopen dat India niet voorbij het point of no return gaat'', zei Informatieminister Mushahid Hussain gisteren in Islamabad. En passant legde Hussain nog uit waarom Pakistan een jaar geleden overging tot zijn kernproeven. ,,Als we de bom nu niet hadden gehad, had India Kashmir al helemaal bezet. De internationale gemeenschap moet zich zeer veel zorgen maken omdat we de laatste dagen een geleidelijke escalering en een dagelijkse verhoging van de temperatuur zien, dankzij India.''

De aanleiding tot de laatste vijandelijkheden, de ,,bezetting'' van Indiaas grondgebied door infiltranten uit Afghanistan en Pakistan, luidde volgens de Indiërs een nieuwe fase in de opstand in Kashmir in. Volgens India is de in 1989 begonnen separatistische opstand van de islamitische bevolking in het Indiase Kashmir op een haar na beëindigd. Bij de opstand vielen in tien jaar tijd meer dan 30.000 doden. India beschuldigt Pakistan ervan dat het bewapende militanten uit islamitische landen als Afghanistan en Bangladesh over de Indiase grens stuurt om de strijd tegen het Indiase leger in de Kashmir Vallei gaande te houden. Het feit dat het er deze keer volgens India 700 tegelijk zijn, die ook nog eens een aantal bergtoppen bezet houden, is volgens New Delhi uitvloeisel van een nieuwe strategie die het Pakistaanse leger met zijn inlichtingendienst ISI hebben uitgedacht. Pakistan heeft een hele andere lezing. Volgens Islamabad geeft het Pakistaanse volk, en zijn regering, alleen ,,politieke en morele'' steun aan de jihad, heilige oorlog, in het Indiase Kashmir en heeft de regering op dit moment ,,geen idee'' waar de honderden infiltranten in de bergen rond Kargil vandaan komen.