Kabinet erkent fout landmijn

Het kabinet geeft toe dat het ministerie van Defensie fouten heeft gemaakt met betrekking tot de zogeheten AP-23 Antipersoneelsmijn, de Tweede Kamer daarover onjuist heeft ingelicht en informatie heeft achtergehouden.

Dat zei staatssecretaris Van Hoof (Defensie), gisteren in overleg met de Kamer. Van Hoof sprak met de Kamer over het rapport van de Nationale Ombudsman, waarin een aantal dodelijke ongevallen is onderzocht dat in de jaren tachtig plaatsvond met de AP-23. Volgens Van Hoof aanvaardt het kabinet de uitkomsten van dat onderzoek en wordt het gebruikt ,,als basis voor verder handelen''. Hij ,,betreurt de gemaakte fouten in hoge mate''.

De AP-23 was een mijn, waarvan Defensie al in 1970 wist dat er een gevaarlijke constructiefout in zat. Desondanks werd de mijn nog jarenlang gebruikt, en zelfs geƫxporteerd. Bij twee ongelukken, in 1983 en 1984, kwamen acht Nederlandse militairen om het leven. De informatievoorziening aan de nabestaanden schoot duidelijk te kort, aldus de Ombudsman. Veel leed had kunnen worden voorkomen als Defensie vanaf het begin volledige openheid had betracht. In de loop der jaren is informatie verdoezeld en werd Tweede Kamer onjuist ingelicht.

Voor de nabestaanden en de overlevenden moet volgens Van Hoof, ,,in alle redelijkheid, in overleg met alle betrokkenen en binnen het recht'', een oplossing gevonden worden. Hij suggereerde dat dat aan de hand van ,,neutrale en bindende arbitrage'' zou kunnen gebeuren. Er komt ook mogelijk een oplossing voor oud-Defensie-medewerker F. Spijkers, die in 1993 werd ontslagen. Volgens Spijkers zelf omdat hij in 1984 de weduwe van een omgekomen militair vertelde dat de AP-23 ondeugdelijk was, terwijl hij van Defensie de schuld bij de betrokken militair had moeten leggen.