Excuus

Ach ja, administratieve foutjes, vervelend, vervelend, mogen niet voorkomen – maar het is natuurlijk niet waar het echt om draait. Zo reageerden de leden van de Raad voor Cultuur in een vraaggesprek in het Cultureel Supplment van 12 maart dit jaar op de twee pijnlijke missers van het adviesorgaan, dat de regering adviseert over welke culturele instantie wel of geen subsidie krijgt.

De Haagse dansgroep Djazzex kreeg te horen dat het wegens gebrek aan kwaliteit geen subsidie meer kreeg – terwijl de raad niet kon aantonen dat hij was wezen kijken. En de Venlose muziekformatie Dutch Jazz Orchestra voldeed volgens de raad ook niet aan de kwaliteitseisen - op basis, zei de raad, van televisie-opnamen. Maar die bestonden helemaal niet. Beide benadeelde groepen stapten naar de rechter en kregen gelijk. De Raad had flodderwerk afgeleverd.

Tijdsdruk? Te veel kunst om te beoordelen, te weinig oordelaars? Desinteresse? Parti pris?

Hoe het ook zij, de meeste leden van de Raad tilden er, blijkens het vraaggesprek in deze krant, niet heel zwaar aan. Over het Dutch Jazz Orchestra (DJO) moest de Raad opnieuw oordelen, en dat oordeel viel opnieuw negatief uit: de uitvoering van het werk van de componist Strayhorn bijvoorbeeld, miste de authenticiteit van de originele uitvoering.

De Raad had er dit keer in haar advies aan de staatssecretaris voor cultuur, bij geschreven dat de leden van de adviescommissie die over jazz oordeelden voldoende deskundig waren.

Geruststellende woorden van het eerbiedwaardige adviescollege. Een ezel stoot zich in 't gemeen... `Juist wij mogen ons geen fouten permitteren,' vond Raadslid Stefan Felsental in maart nog.

En toch: de Raad is opnieuw bij het DJO de fout ingegaan. De uitvoering van het DJO van het werk van Strayhorn mist de authenticiteit van het oorspronkelijke werk, oordeelde de raad – terwijl het werk van Strayhorn nooit `oorspronkelijk' is uitgevoerd. Vandaar dat de staatssecretaris de Raad een paar pijnlijke vragen stelt in een brief over dat advies: `Waarmee maakt u dan wel een vergelijking', wil de bewindsman weten. En `Hoe kan ik uw oordeel, dat de uitvoering de authenticiteit van het oorspronkelijke werk mist, rijmen met het beleidsuitgangspunt dat er sprake moet zijn van vernieuwing?' En om de zaak helemaal af te maken wilde de staatssecretaris ook graag weten wat de achtergrond van de jazzdeskundigen bij de Raad voor Cultuur dan wel is – met andere woorden: de deskundigheid van de Raad wordt nu ook door de staatssecretaris in twijfel getrokken.

Eerder had de staatssecretaris bezwaar gemaakt tegen de gevorderde leeftijd van de meeste raadsleden. Hij vond ze te oud. ,,Hij had publiekelijk zijn excuus moeten aanbieden,'' zei operazanger en Raadslid Lieuwe Visser. De staatssecretaris had op de ziel van de raadsleden getrapt.

De Raad heeft inmiddels het Dutch Jazz Orchestra niet alleen voor de tweede keer op de ziel getrapt, maar ook de geldkraan dichtgedraaid. Ten onrechte.

De Raad zou DJO publiekelijk excuus moeten maken.