De roetzwarte longen van de aarde

Elk jaar worden tijdens het droge seizoen grote delen van het Amazonewoud moedwillig in de as gelegd om er weidegrond van te maken. De Braziliaanse boswachters kunnen hiertegen weinig uitrichten, maar zijn zelf ook niet vrij van blaam.

Over een paar dagen is het weer zo ver. Dan stijgen de rookkolommen weer op uit het Amazonewoud. Elk jaar wordt er in het droge seizoen een gat zo groot als Nederland in de `groene long van de wereld' gebrand. Honderden, mogelijk duizenden dagloners zijn op dit moment bezig het oerwoud `brandklaar' te maken. Ze leggen bladeren, takken en omgehakte struiken onder de bomen. Daarna is het alleen nog wachten tot het droog genoeg is om de boel aan te steken.

,,We hebben niet de middelen noch de mensen om het te voorkomen'', geeft Rodolfo Lobo toe. Hij is hoofd van IBAMA, de boswachters van de Amazone. ,,Soms ontdekken we waar ze bezig zijn, en nemen we zeisen, sikkels en elektrische zagen in beslag. Maar zodra we ons omkeren gaan ze weer door.''

Het klaarmaken van het oerwoud voor de brand is een bijna paramilitaire operatie. Koppelbazen, gatos genoemd, krijgen van hun opdrachtgevers 70 dollar per hectare af te branden oerwoud. Daarmee ronselen ze landarbeiders en werklozen uit verschillende delen van het land. Deze worden naar geheime kampen in het oerwoud gebracht die door gewapende huurlingen worden bewaakt. De houthakkers verdienen met hun werk tien tot twintig gulden per dag – een fortuin in een land waar het minimumloon niet hoger is dan 150 gulden per maand.

Niet zelden blijkt het aangeboden werk in het oerwoud echter een val. De opsporingsdienst van het ministerie van Arbeid bevrijdde de afgelopen jaren meer dan 750 mensen die in clandestiene kampen in het oerwoud als slaaf werden vastgehouden. ,,Van 's ochtends vijf uur tot het donker werd, moesten we kappen, met het pistool van de bewakers op ons hoofd'', vertelt José da Silva (40). Zes maanden werkte hij met zijn vrouw en drie zonen als slaaf. ,,Wie probeerde te ontsnappen kreeg met de zweep en werd naakt in een kuil gegooid'', vertelt Da Silva, die uiteindelijk werd bevrijd door de opsporingsdienst.

Zo blijkt de roof op de natuur in de Amazone steeds vaker hand in in hand te gaan met de roofbouw op mensen.

Sinds kort menen de Braziliaanse autoriteiten een belangrijke stap vooruit te hebben gezet in de bescherming van het regenwoud. ,,Tot nu toe konden we alleen zien hoeveel oerwoud er jaarlijks in de as werd gelegd'', vertelt boswachter Lobo van IBAMA. ,,Nu kunnen we ook nagaan wie voor de branden verantwoordelijk zijn door satellietfoto's en landkaarten met elkaar te verbinden.''

En wat blijkt? Niet de Indianen of kleine boeren op zoek naar landbouwgrond zijn de grote pyromanen. Maar de blanke elite, veelal uit de stad. Mensen die tijdens de militaire dictatuur stukken oerwoud kochten zo groot als de provincies Utrecht en Brabant samen, steken het nu in de brand. Doel van de illegale vernietiging is het creëren van weidegrond.

,,Ik probeer het leven van de mensen te verbeteren'', verdedigt de oogarts Canrobert Domingos zich vanuit zijn privé-kliniek in de stad Goianas. ,,De pers stopt ons in de hoek van de slechteriken. Maar wie zorgt er in de Amazone voor werk?'' Boswachter Lobo en zijn collega's hebben ontdekt dat de oogarts het afgelopen seizoen zijn hele bezit, 2770 hectare regenwoud in de deelstaat Pará, heeft platgebrand. Volgend seizoen zal hij gras zaaien en hierop vierduizend koeien laten grazen. Lang zal zijn weidegrond het niet uithouden: de Amazone kent een subtiel evenwicht tussen water, bomen en de humus. Verdwijnen de bomen, dan spoelt de dunne laag vruchtbare aarde weg, en onstaat er woestijn.

Foto's laten een mistroostig landschap van dode beesten en verschroeide aarde zien. Dokter Canrobert had geen vergunning voor de vernietiging. ,,We geven alleen nog vergunningen aan kleine boertjes die wat grond nodig hebben voor het instandhouden van zichzelf en hun gezin'', stelt IBAMA, die de dokter een boete op zal leggen. ,,Als onze ontwikkeling vereist dat we bomen moeten slachten, dan slachten we bomen'', riep het parlementslid Eloi de Almeida twee weken geleden uit protest tegen het verbod dat IBAMA tot eind juni heeft afgekondigd op de ontbossings van de Amazone.

De nationale boswachters kunnen de verantwoordelijken nu misschien per satelliet opsporen, maar sinds het militaire regime in de jaren zeventig besloot om de Amazone in de uitverkoop te doen, is er in de praktijk weinig veranderd. Lokale politici hebben een bondgenootschap gesloten met grootgrondbezitters als dokter Canrobert. Zijn familie kocht het woud toen tijdens de dictatuur het idee werd gelanceerd om de Amazone te ontginnen. Investeerders werden naar de `groene rijkdom' gelokt met subsidies en douceurtjes. Zo hoefden ondernemers geen belasting te betalen als ze (een deel van) hun winst besteden aan de aankoop van land in de Amazone.

Na de moord op de Indiaanse rubbertapper en activist Chico Mendes in 1988 ging er een golf van verontwaardiging door de wereld over de desastreuze vernietiging van het regenwoud. De zanger Sting schreef liedjes en Amerikaanse filmsterren voerden actie. Op de grote milieuconferentie van 1992 in Rio de Janeiro beloofden de Brazilianen beterschap. Er werden strenge wetten aangenomen en controle-organen in het leven geroepen. `Inmiddels heeft elke boom in de Amazone een eigen milieugroep, en elke Indiaan zijn persoonlijke antropoloog', wordt er Brazilië gegrapt.

Maar de Braziliaanse elite trekt zich weinig aan van de goede voornemens van de overheid. ,,Bijna overal waar we komen worden onze mensen door de lokale autoriteiten geboycot'', vertelt boswachter Lobo. Burgemeesters keren hun de rug toe, hotels weigeren hun de toegang, en in cafés worden ze niet bediend. Vorig jaar werd een opsporingsambtenaar van IBAMA in het oerwoud in een hinderlaag gelokt en door pistoleros doodgeschoten. Twee maanden later werd een andere ambtenaar in de buik geschoten. Lobo zelf is al zestig keer met de dood bedreigd, vertelt hij. De boswachter wisselt voortdurend van telefoonnummer.

Maar Brazilië zou Brazilië niet zijn als niet ook IBAMA-ambtenaren zich op hun eigen manier aan de exploitatie van het oerwoud zouden wijden. In de Amazone bestaat een levendige handel in blanco IBAMA-vergunningen voor het afbranden van bos. ,,Zo'n blanco vergunning is goud waard'', zegt Lobo. ,,Is hij eenmaal ingevuld dan kunnen we niets meer doen.'' Bij een van de grootste branden vorig jaar, waarbij een heel Indianenreservaat wegbrandde, bleken vierhonderd grootgrondbezitters uit de omgeving in het bezit van een dergelijke vergunning.