Dans, zing en studeer

In de achterbuurten van Rio dealen en stelen ze niet meer, maar ze maken muziek. En popster Ceatano Veloso steunt ze.

`Po po pow!' De jongens springen naar voren terwijl ze bezeten op hun Afrikaanse trommels roffelen. `Po pow!', schreeuwen ze. Ze houden hun handen in een gebaar van een schietend pistool op het publiek gericht. Hun gezichten zijn bedekt met wollen bivakmutsen. Dan trekken ze terug, hun armen en benen wild in het rond vechtend. Opnieuw en opnieuw.

Zo verbeeldt de muziekgroep Afroreggae de slachtpartij die de politie zes jaar geleden in hun sloppenwijk Vigário Geral aanrichtte. Meer dan dertig mannen, vrouwen en kinderen werden er toen door de politie vermoord. Zoals elke favela is ook het stoffige Vigário Geral een no go area voor buitenstaanders. Gewapende dealersbenden heersen over de buurt en verstoppen er hun drugs. Met grote machinegeweren zitten ze bij de ingang van de wijk, terwijl de bevolking als levend schild tegen de politie fungeert.

Omgekeerd beschouwt ook de politie de zwarte sloppenwijk als zijn persoonlijke achtertuin. Onder het mom van `elke sloppenwijkbewoner is een crimineel' persen ze mensen af, ontvoeren ze en moorden ze, zonder ooit door de autoriteiten ter verantwoording geroepen te worden. Alleen al in de afgelopen week werden weer drie sloppenwijkbewoners in Rio vermoord. Kinderen nog, van twaalf, veertien en vijftien jaar. Ze hadden de pech tijdens een inval in het schootsveld van een politie te lopen. De politie beweert dat het dealertjes waren; de gemeenschap zegt van niet. Meestal valt de politie echter niet binnen om de dealers op te pakken. In bijna alle gevallen gaat het om een ruzie over het percentage van de winst dat de drugsbende aan de politie moet betalen om met rust gelaten te worden.

Gespierde lijven

,,Recht op gelijkheid/ respect en verantwoordelijkheid/ voor vrijheid en vrede.'' In de muziek van Afroreggae explodeert ook vandaag de woede van de favela. Het publiek bestaat niet alleen uit jongeren. Er zijn vrouwen met baby's, kinderen en oude mannen. Iedereen schreeuwt en joelt. Sommigen schieten lachend met hun vingers terug naar de gemaskerde bandleden. Dan trekt de groep zijn mutsen af. En daar staat hij tussen de anderen. Caetano Veloso, de beroemdste musicus van Brazilië. Zijn schriele lijfje contrasteert met de gespierde lichamen van de jongens van de band. Hij beweegt wat houterig met zijn gitaartje, terwijl de leden van Afroreggae één wervelde trommelbeweging blijven.

Het publiek is uitgelaten. De mensen klappen. Dit is het eerste feest in de wijk in jaren. Normaal is het schoolplein waar het optreden plaatsvindt onbegaanbaar. Een stukje niemandsland tussen twee rivaliserende drugsbenden waar elke dag de kogels rondvliegen. Nu staan er stalletjes. Walmende maïskolven en blikjes bier. ,,Elf jaar geleden geloof ik'', antwoordt een vrouw op vraag wanneer ze voor het laatst uit is geweest. ,,Nog in de tijd dat ik verloofd was'', zegt ze giechelend.

Na een paar nummers samen met Afroreggae mengt Caetano Veloso zich tussen het publiek. Kinderen raken hem aan, lachen en beginnen te kletsen. Veloso is een begrip in Brazilië. In de jaren zestig voerde hij een revolutie door in de Braziliaanse populaire muziek, die tot dan toe vooral uit de carnavalssamba bestond. Zijn tropicalisme was een ,,algehele amnestie voor alle vergeten en aanwezige muziekstijlen van drie continenten'', vertelt hij. Veloso mengde Noord-Amerikaanse jazz met elementen van de Italiaanse balladezangers, Afrikaans-religieuze Afoxé-ritmes en de Indiaans-Afrikaanse frevo-muziek uit zijn geboortestreek Bahia. ,,Het is een zooitje'', zegt Veloso tussen de kinderen. ,,Zoals Brazilië een zooitje is.'' Gelukkig maar dat de Nederlanders na hun verovering van Recife in de zeventiende eeuw niet in Brazilië gebleven zijn. ,,Dat was me een stijve boel geworden'', grinnikt hij.

Al sinds het ontstaan van Afroreggae in de sloppenwijk Vigário Geral in 1993 is Caetano Veloso de padrinho, de peetvader van de groep. De rap-achtige muziek van Afroreggae heeft weinig te maken met de zachte zang van Veloso,maar voor hem is deze band `maravilhoso', prachtig, schitterend. ,,Hetzelfde mengzooitje als Brazilië, als mijn muziek, en als ikzelf met mijn chaotische Portugees-Indiaans-Afrikaanse afkomst.''

De groep die voortkomt uit de samba-percussionisten van de carnavalsvereniging van de sloppenwijk, mengt het Afrikaanse samba-ritme met moderne hip-hop, maar ook met capoeira, de Afrikaanse vechtdans die door de slavenhouders van Brazilië verboden werd. Dat levert een adembenemd schouwspel op waarin lichamen zonder ophouden over het podium tollen.

Anders dan de zwarte Noord-Amerikaanse rap, is Afroreggae niet anti-establishment of anti-wit. ,,We zijn nu eenmaal amateur-racisten'', zegt Caetano Veloso. Hij wijst naar de kleurschakering van de kinderen om hem heen, op de witte en de zwarte bandleden dansend naast elkaar.

Anders dan in het `beroepsracistische' Amerika, is de discriminatie in Brazilië niet in de eerste plaats op kleur, maar op sociale positie, zegt Veloso. ,,Wie aan de onverharde paden van de favela woont is niemand in de ogen van de rijken van het asfalt.'' Dat is waar verandering in moet komen, meent Veloso. En dat is wat Afroreggae uitdraagt. ,,Eén grote zooi zonder uitsluiting.''

Bismarck

De openheid van de groep is inderdaad opvallend. Geen minachting voor de rijke (en doorgaans witte) `asfalt-mens', maar een oproep aan de eigen gemeenschap: gebruik geen geweld, wapens of drugs; maar dans, zing en studeer.

Het blijkt geen stichtend welzijnswerkerspraatje, maar het verhaal van de bandleden zelf. Stuk voor stuk hebben ze voor de drugsdealers van de wijk gewerkt. Ze waren koerier of bendelid. Sommigen al op zo jonge leeftijd dat ze sleepten met geweren die groter waren dan zijzelf.

Totdat Afroreggae opgericht werd. Met hulp van enkele niet-gebonden hulporganisaties, waaronder het Nederlandse IBISS, kon de groep uitgroeien tot een sociale beweging. Bandleden geven dans- percussie- en capoeira-lessen aan de kinderen van de wijk. Naast het ideaal van de stoere drugsdealer wordt nu ook een ander perspectief gekweekt voor de jongeren van de onverharde paden. ,,Zo worden als Paolo Negueba,'' glundert de 8-jarige Bismarck over hoofdzanger van Afroreggae. Zo wil het jochie worden dat al jaren geen vader en geen moeder meer heeft. Opgevoed door een oma die openlijk vertelt dat ze hem liever kwijt dan rijk is: ,,U mag hem zo meenemen, ik kan het niet meer betalen.''

Om zijn voornemen kracht bij te zetten maakt Bismarck een schitterend gelukte salto voorwaarts. Achterwaarts en dan weer voorwaarts springt hij voor de hut van zijn oma. `Po po pow!', roept hij met zijn handjes in de vorm van een geweer.

Inmiddels heeft de nieuwe `rotzooi-rap' van Afroreggae zich als een olievlek over de sloppenwijken van Rio te verspreid. Overal ontstaan groepen met namen als `Zonen van het Getto', `Verzet , of `Drie Zwart'. Voor alle groepen geldt hetzelfde uitgangspunt van afwijzing van geweld en drugs, en openheid jegens alle klassen en rassen. Zelfs de politiek wordt niet geschuwd. ,,Ik voel me prima op m'n gemak om bij een autoriteit aan te schuiven en voorzieningen te vragen voor onze gemeenschap'', zegt bijvoorbeeld de zanger van `Verzet' uit de sloppenwijk Rocinha. ,,Zij komen toch aan de macht met onze stemmen?'' Ook deze groep geeft muziek- en danslessen aan de jeugd. Wie op school geen goede cijfers haalt wordt uitgesloten van de lessen. ,,We hebben zoveel talent in onze wijken. We willen niet dat dat verloren gaat in geweld''. ,,Als geweld het probleem is, dan is onderwijs de oplossing'', zegt ook Mistério, de zanger van `Drie Zwart'.

Tot precies twaalf uur 's nachts duurde het feest in Vigário Geral. Afroreggae speelde, en daarna trad `peetvader' Caetano Veloso nog een uur in zijn eentje op. Uit het publiek werden de namen geroepen van zijn meest populaire nummers, die vervolgens uit volle borst werden meegzongen.

Een paar dagen later verscheen in het grootste Braziliaanse weekblad Veja een venijnige kritiek. De `kleinburger' Caetano Veloso zou hebben willen `stunten' door in de sloppenwijk zijn `geïntellectualiseerde liedjes over de liefdesrelaties van de burgerij' te willen zingen. Niet meer dan extravagantie en egotripperij, concludeerde het blad. Mogelijk. Maar tot nu is Caetano Veloso wel een van de weinige `asfalt-burgers' van Brazilië die de sloppenwijk ingaat, om andere redenen dan er zijn jointje of snuifje cocaïne te kopen.

Afroreggae maakt deze zomer een Europese tournee, en treedt dan ook op in Nederland.