Legende

Herinneringen vervormen het verleden als lachspiegels, en dat geldt voor mensen en naties in gelijke mate. `Ik voel voornamelijk walging als ik eraan terugdenk', schreef een Engelse veteraan aan Walter Lord, de geschiedschrijver van de miraculeuze evacuatie uit Duinkerken. `De lafaards die probeerden zich het eerst een boot in te vechten...' `Hun moed maakte ons werk gemakkelijk', schreef een marineman over exact dezelfde situatie. Volgens twee officieren in het hoofdkwartier was het een `absolute chaos', een `ramp, een schande'. Maar een soldaat zag erin het bewijs `dat de Engelsen een onoverwinnelijk volk waren'.

De reddingsoperatie heeft alle elementen van een legende. Met hulp van de raarste privé-jachtjes werden eind mei 1940 zo'n 200.000 Engelsen en 100.000 Fransen teruggevaren, vlak voor de neus van de oprukkende Duitsers. Plus 170 honden want geen Engelse militair wilde z'n mascotte achterlaten. Maar de Fransen herinneren zich ook iets anders: hun soldaten moesten deze Engelse aftocht dekken, en 30.000 man werden in Duinkerken achtergelaten. Verraad vonden ze dat.

Er ligt nog zo'n houten scheepje in het Imperial War Museum, een dingetje waarmee je op z'n hoogst het Snekermeer bezeilt, en dat toen vol soldaten het Kanaal op en neer pendelde, tussen de bommen door. Over burgermoed gesproken. Maar Duinkerken is anno 1999 een strand als alle anderen, met een groot plastic speelkasteel, kindergeroep, bezwete moeders, ijstenten en lelijke appartementen, een leven dat gewoon maar doordraait, een leven waar alle verleden langsglijdt als waterdruppels.