KALIMANTAN

Kalimantan, het Indonesische deel van het eiland Borneo, wordt niet alleen geteisterd door jaarlijks terugkerende bosbranden, maar vooral door etnische conflicten waarbij de laatste jaren honderden doden zijn gevallen. Slachtoffers zijn vooral de Madoerezen, immigranten afkomstig van het eiland Madura ten noorden van Java. Zij worden door de oorspronkelijke bewoners van West-Kalimantan verjaagd of op op gruwelijke wijze vermoord. De islamitische Madoerezen trokken van oudsher naar vruchtbaarder streken omdat hun eigen, droge eiland weinig te bieden had. De Indonesische regering moedigde de volksverhuizing aan met haar transmigratiebeleid: mensen van dichtbevolkte eilanden naar dunbevolkte provincies laten verhuizen. De bosrijke provincies in Kalimantan waren het nieuwe vestigingsgebied van veel Madoerezen. De spanningen met de autochtone Dajak-bevolking explodeerden in 1997. Na enkele incidenten brak er een totale oorlog uit. Honderden Madoerezen zijn nog steeds op de vlucht.

Madoerese vluchtelingen arriveren in Surabaya, de hoofdstad van Oost–Kalamantan. AP Photo/Prasetyo