Cohen wil geen zeperd

Geen 62.000 asielzoekers, zoals verwacht, maar 52.000. Een ,,trendbreuk'', volgens staatssecretaris Cohen. Of een door Cohen zelf gecreëerde meevaller?

Eind januari doet staatssecretaris Cohen (Justitie) in het weekblad Vrij Nederland een alarmerende mededeling. Als het beleid niet snel wordt aangepast, komen er in 1999 volgens prognoses van de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) 62.000 asielzoekers naar Nederland. Het asielstelsel – de procedures bij de immigratiedienst, de opvang, de rechtzaken – zullen in dat geval ,,ontploffen'', waarschuwt Cohen. ,,En de prognoses van de IND kloppen meestal'', voegt de staatssecretaris er onheilspellend aan toe.

Nu blijken prognoses van de IND niet te kloppen. Niet 62.000, maar 52.000 asielzoekers worden dit jaar verwacht. ,,Een trendbreuk'', noemt Cohen deze daling.

Volgens de staatssecretaris is deze ,,kentering'' veroorzaakt door de maatregelen die hij heeft genomen. Meer asielzoekers worden bij een korte beoordeling kansloos geacht en verdwijnen niet meer in de asielcentra. Asielzoekers zonder papieren maken in principe geen kans meer. En asielzoekers die via een ander land zijn gekomen worden niet opgevangen. Dat soort maatregelen ontmoedigt mensensmokkelaars, denkt Cohen. ,,In het buitenland ziet men dat er in Nederland dingen veranderd zijn.''

Is de staatssecretaris voorbarig geweest met zijn waarschuwing van 62.000 asielzoekers? Nee, zegt hij tegen het Radio 1 journaal. ,,Als het asielstelsel wel was ontploft, als er wel 62.000 asielzoekers waren gekomen, was ik veel eerder demissionair geweest.''

Maar is er wel sprake van een ,,kentering'', zoals hij zegt? Het lijkt er niet op. Vóór de waarschuwing van Cohen verwachtte de IND ongeveer 45.000 asielzoekers in 1999. Nu lijken dat er 52.000 te worden. Een daling ten opzichte van de laatste schatting (62.000), maar 7.000 meer dan de verwachting eind vorig jaar.

Bovendien zou 52.000 asielzoekers een flinke stijging betekenen ten opzichte van de afgelopen jaren. In 1998 kwamen er 42.000 asielzoekers, in '97 waren dat er 34.000, in '96 ruim 22.000 en in '95 een kleine 30.000. Van een dalende trend, zoals Cohen bedoelt, is geen sprake.

Met zijn mededeling dat het asielstelsel zou `ontploffen' bij 62.000 asielzoekers wilde Cohen de discussie op scherp zetten. Dat de prognoses van de IND ,,meestal kloppen'' was te stellig. In 1997 verwachtte de immigratiedienst 25.000 asielzoekers. Dat werden er 34.000. En in 1998 stelde toenmalig staatssecretaris Schmitz vlak voor de verkiezingen de verwachting bij naar ruim 32.000. Er meldden zich 10.000 asielzoekers meer.

Het lijkt erop dat Cohen niet dezelfde fout heeft willen maken. Liever een te hoge voorspelling geven en die naar beneden bijstellen, dan geconfronteerd worden met meer asielzoekers dan verwacht.

De gevolgen daarvan zijn immers niet plezierig: te weinig personeel bij de IND, vastlopende asielprocedures, gebrek aan opvangplaatsen in de centra, tentenkampen, kritiek uit de Tweede Kamer, een overvloed aan rechterlijke procedures en alle bijbehorende kosten.