Begroting Italië verzwakt eurokoers

Wantrouwen op de valutamarkt over de houdbaarheid van Europese afspraken voor begrotingsdiscipline heeft de koers van de ene Europese munt, de euro, gisteren en vanmorgen op een nieuw dieptepunt gebracht. De euro bereikte vanmorgen een koers van 1,0407 dollar, (2,12 gulden per dollar) en is daarmee sinds begin dit jaar met bijna 13 procent in koers gedaald.

De hernieuwde daling van de koers vond plaats nadat de Europese ministers van Financiën aan Italië dinsdag een begrotingstekort voor 1999 toestonden van 2,4 procent, in plaats van de afgesproken 2 procent. Op de financiële markten is deze concessie opgevat als een inbreuk op de Europese begrotingsafspraken die de hardheid van de euro op de lange termijn moeten garanderen. Die afspraken zijn vastgelegd in het zogenoemde stabiliteitspact, dat eurolanden verplicht om hun tekort onder de 3 procent van het bruto binnenlands product te houden, en te streven naar begrotingsevenwicht. President Duisenberg van de Europese Centrale Bank (ECB) zei gisteren dat het de euro geen goed zou doen als andere landen het voorbeeld van Italië zouden volgen. Hij noemde de daling van de euro echter ,,niet onnatuurlijk'' en schreef de zwakte toe aan het verschil tussen de krachtige Amerikaanse economie en de matig groeiende Europese economie. Minister van Schatkist Amato toonde zich vanmorgen niet onder de indruk van de daling van de euro. ,,Er bestaat geen probleem Italië en ik maak me geen grote zorgen over de zwakte van de euro'', zei hij. Het Italiaanse tekort moest naar boven worden bijgesteld omdat de groei zwaar tegenvalt. Amato zei wel dat voor duurzame economische groei ,,moedige structurele hervormingen'' nodig zijn. Hoewel hij niet specifiek sprak over de pensioenen, zijn die het kernprobleem. De vakbonden hebben al bij voorbaat neen gezegd tegen de suggestie dat in ruil voor belastingverlaging op de pensioenen kan worden gekort.

ANALYSEpagina 23