`Alleen een drumcomputer houdt maat'

De Engelse house-muzikant beschouwt de Duitse groep Krafwerk als zijn grote voorbeeld. ,,De Kraftwerkers waren zieners'', zegt hij. Vrijdag treedt zijn groep Presence op in Amsterdam.

Soms begint de roem met een merkwaardig detail. Zo verhuisde de in zijn vaderland impopulaire muzikant Charles Webster begin jaren negentig naar San Francisco. Daarna werden zijn maxisingles vanuit Amerika naar Engeland geëxporteerd. En plotseling was er wel animo voor Websters housemuziek. Want nu zat er een Amerikaans plastic folie om de hoes en dat gaf net dat exotische extra.

Gesterkt door die erkenning, begon Webster, weer terug in Nottingham, onder de naam Presence ook buiten die house-stijl te experimenteren. Onlangs verscheen het resultaat daarvan, de debuut-cd All Systems Gone, met daarop prachtige zwoele dansmuziek. Webster staat er inmiddels niet meer alleen voor. Hij heeft zich omringd met muzikanten die flügelhorn, gitaar en trompet spelen en een aantal zangers en zangeressen. De organisatie van zijn band doet denken aan die van Massive Attack. Ook daar wisselen de vocalisten per nummer. Er is nog een reden waarom Presence vaak met Massive Attack wordt vergeleken, en dat is de samenwerking met Shara Nelson. Nelson is de zangeres die eeuwige roem vergaarde met haar aandeel in Massive's hit en clip Unfinished Sympathy. Zoals blijkt uit liedjes als Matter of Fact en Sense of Danger is sinds die tijd haar stem veranderd. Nelson zingt nu met een voorzichtiger stem, alsof voluit zingen pijn zou doen.

Door de wisselende stemmen op de cd van Presence krijgen de nummers ieder een eigen karakter: zo is er de zwoegende rasp van Steve Edwards en de grappige stem van Sara Jay (ook bekend van platen van Massive Attack). Niet alleen de stemmen variëren, ook de sfeer van de instrumentaties verschilt onderling. Het ene lied drijft op een nerveuze beat, het volgende op zwevende ambient-pulsjes.

Het opvallendst aan de muziek van Presence is het `vloeibare' geluid: alle electronica, piano's en zelfs de gitaar lijken als kleurige vloeistoffen in elkaar over te stromen. Charles Webster, een dertiger met een design-bril, zegt over het vloeiende geluid: ,,Dat de cd zo is, is omdat ik zo ben. Ik kan in mijn muziek niet zwaar of heftig klinken, omdat ik nou eenmaal geen agressief mens ben. Ik wil graag mooie dingen maken, eenvoudig en esthetisch. Mijn muziek is ook altijd `tonaal'.''

Het ritme is het hart van zijn muziek, vertelt Webster. En hoewel hij inmiddels wel live-instrumenten toelaat in zijn studio, blijft de drum steeds electronisch. ,,Er zijn house-groepen die tegenwoordig live spelen, met een drummer. Dat verpest het voor mij. Veel te traditioneel. En bovendien, alleen een electronische drummer kan perfect de maat houden; niemand is zo strak. De drummachine zie ik als de kern van de electronische muziek. Kraftwerk was voor mij de eerste kennismaking met dat genre, zij zijn mijn voorbeelden. En ze gebruikten altijd een drummachine. Dat wil zeggen: zodra die was uitgevonden.''

Later werd de electronische drummer onmisbaar bij hiphop en vervolgens bij house. Door beide stijlen was Webster gegrepen. Maar niemand haalt het bij Kraftwerk. ,,Dat waren zieners. In de jaren zeventig hadden ze al teksten over `programming your home-computer'. Terwijl in die tijd niemand nog een computer thuis had. En kijk nu: het is uitgekomen. Zij hadden begrepen dat een perfecte groove de basis moet zijn, daarom gingen ze bijvoorbeeld uit van het ritme van de trein, voor een nummer als Trans-Europe Express. Ik luister nog iedere dag naar bijvoorbeeld hun plaat Computer World.''

Door Kraftwerk wilde Webster ook muziek maken. Hij kocht begin jaren tachtig wat instrumenten en werd al snel aangezocht door de plaatselijke breakdance-clubjes om hun liedjes te maken. ,,Want ik was de enige in Nottingham met een drummachine.'' Webster had als negentienjarige al een platencontract, met zijn electronica-bandje Mile High Club. Maar toen eind jaren tachtig groepen van zich liet horen als Massive Attack en vooral Soul II Soul, wist Webster wat hij echt wilde. ,,Ik vond die losse samenhang van muzikanten en wisselende zangers een heel mooi uitgangspunt. In een echte `band' heb ik nooit willen spelen. Volgens mij is het typisch Engels om zo losvast een groep te organiseren. En om de een of andere reden levert het ook typisch Engelse muziek op: melancholieke dansmuziek. Dat heb je in Amerika niet.''

Met grote achting spreekt hij over zangeres Shara Nelson, die hij via via had ontmoet. Na haar rol in Massive Attack heeft Nelson twee solo-cd's gemaakt en is vervolgens uit beeld verdwenen. Met Presence maakt ze nu haar come back. ,,Al heeft ze maar weinig muziek op haar naam staan, Shara Nelson is toch een echte diva. De waardering die vooral Unfinished Sympathy haar in Engeland heeft opgeleverd, is enorm. Ik was dan ook erg vereerd dat ze met me wilde werken. Het bleek dat Shara altijd al iets house-achtigs had willen doen.''

All Systems Gone van Presence is uitgebracht door Universal.

Presence speelt op 28 mei op het Drum Rhythm-festival, Amsterdam