NAVO kán niet uit Kosovo weglopen

Twee maanden geleden hadden tegenstanders van de bombardementen op Joegoslavië groot gelijk. Maar Michael Stein vindt dat het nu een politieke nachtmerrie zou zijn als de NAVO wegloopt uit de oorlog, waarin zij blindelings is gewandeld.

Het is immoreel en contra-productief om ,,Joegoslavië naar het stenen tijdperk te bombarderen'', zeggen de tegenstanders van de NAVO-aanvallen. Het Westen bereikt er niets mee, omdat het een politiek voert ,,die niet alleen onduidelijk, incoherent en incapabel is, maar ook geen enkele manoeuvreerruimte biedt behalve verdere escalatie''. Daarmee is deze oorlog ,,in werkelijkheid uitgemond in een Vietnam-achtige situatie''. Aldus de analyse van Bastiaan Bommeljé in NRC Handelsblad van 22 mei.

Volgens hem schreef ik een week voordien dat het huidige debacle slechts kan worden uitgewist door de oorlog voort te zetten totdat victorie op alle fronten is behaald, omdat het anders met de NAVO is gedaan. Helaas liet zijn herinnering hem in de steek. Ik drukte mij bewust een stuk genuanceerder uit: ,,Want als de oorlog zodanig wordt beëindigd dat men niet op een geloofwaardige wijze de overwinning kan opeisen, is het met de NAVO gedaan.''

De overwinning opeisen is een perceptie – en daarmee iets heel anders dan de totale overwinning behalen, wat een objectief gegeven is. Inderdaad was dat laatste, wat Kosovo betreft, al na een week bombarderen onmogelijk omdat het tegendeel werd bereikt van het aanvankelijk door de NAVO gepropageerde doel: de bescherming van de Albanese Kosovaren tegen Miloševic' machtsapparaat. Dat was te voorzien: men kan niet mensen op de grond beschermen door hun vijanden verweg vanuit de lucht te bombarderen. In Kosovo kon dat al helemaal niet omdat de politici van de NAVO hun militairen de opdracht gaven de oorlog met de grootst mogelijke terughoudendheid te voeren. Opdat er aan eigen kant geen, en bij de getroffen burgerbevolking zo min mogelijk slachtoffers zouden vallen.

Joegoslavië wordt net zomin naar het stenen tijdperk terug gebombardeerd als tijdens de Tweede Wereldoorlog Duitsland en Japan, die honderden malen erger werden getroffen, of Vietnam en Irak nadien. Het beeld dat men een land naar het stenen tijdperk terug bombardeert is demagogische stemmingmakerij. Want zo'n terugval van enige duizenden jaren kan waarschijnlijk uitsluitend worden volbracht door langdurig gebruikte massavernietigingswapens, die zowel de economie, als de bevolking en de ecologie permanente schade toebrengen. Vandaar dat Miloševic na twee maanden van bombardementen nog steeds nee kan zeggen tegen de door de NAVO gestelde eisen. Joegoslavië, inclusief Kosovo, wordt maximaal tot een armoe- en ellendestaat gebombardeerd, als de vernietiging nog lang doorgaat en er daarna geen grootscheeps buitenlands hulpprogramma op gang komt.

Wat zijn de politieke gevolgen als de NAVO deze oorlog opgeeft, zonder op een geloofwaardige wijze de overwinning op te eisen? Heel simpel: dat het met de geloofwaardigheid van de macht van het Westen voor een hele tijd is gedaan – zowel naar binnen als naar buiten toe. Bommeljé heeft het daarentegen over een Vietnam-achtige situatie, als de NAVO haar oorlog in Joegoslavië tegen heug en meug doorzet.

Wat is die Vietnam-achtige situatie in werkelijkheid? In Zuid-Vietnam hielpen de Amerikanen met steeds meer wapens en militairen een corrupte dictatuur op de been, die niet de bevolking vertegenwoordigde en zélf nauwelijks tot oorlog en offers bereid was. De Amerikanen wonnen die oorlog militair, maar verloren hem nadat de publieke opinie in de VS tot de conclusie was gekomen dat de kosten in geen verhouding stonden tot de baten, kortom dat hun verdere deelname aan de oorlog niets opleverde. Dus lieten zij uiteindelijk de oorlogvoering over aan hun Zuid-Vietnamese bondgenoten, die er niets van bakten. Toen het laatste restant van de Amerikaanse troepen uiteindelijk hals-over-kop Saigon moest ontvluchten, werd dat als een smadelijke nederlaag ervaren.

Als gevolg van die perceptie werd het altijd sluimerende isolationisme sterk aangewakkerd, waardoor Amerikaanse presidenten tot op de dag van vandaag nauwelijks de mogelijkheid krijgen internationaal in te grijpen waar zij dat nodig vinden. Zodra ook maar een paar Amerikaanse doden (kunnen) vallen en de eindoverwinning niet direct in zicht is, mijden zij het slagveld.

Dat zal in de toekomst eens temeer gebeuren als de oorlog over Kosovo niet zodanig wordt beëindigd dat men op een geloofwaardige wijze de overwinning kan opeisen. Vinden de tegenstanders van de oorlog tegen Joegoslavië dat een aantrekkelijk vooruitzicht? Nee, dat vinden ze niet. Zeker niet in West-Europa, waar men al sinds de Eerste Wereldoorlog in geval van nood op Amerikaanse leiding en steun rekent, en waar men, hoe verenigd ook, nog steeds niet in staat of bereid is militair op eigen benen te staan.

Het feit dat de NAVO de oorlog tegen Joegoslavië met verkeerde vooronderstellingen is begonnen, betekent nog niet dat de afloop niet van levensbelang voor het Westen is geworden. Want stel dat de NAVO zich inderdaad, zoals destijds de Amerikanen in Vietnam, terugtrekt met de mededeling `Jammer, maar helaas`. Wat moet er dan met die 958.000 naar het buitenland gevluchte en de honderdduizenden in Kosovo ronddolende Albanezen gebeuren? Komt het, als de huidige situatie wordt bevroren, in de buurlanden niet vrijwel zeker tot een explosie? Moeten we dan opnieuw reageren met een `Jammer, maar helaas'-politiek?

Als de permanente verdrijving van de Albanese Kosovaren inderdaad onduldbaar is voor de lidstaten van de NAVO – niet op grond van morele waarden die men in Europa zegt te willen toepassen, maar op basis van reële belangen – wordt het hoog tijd de publieke opinie voor te bereiden op méér dan een ogenschijnlijk veredelde speelgoedoorlog met hightech-wapens die ver weg gevoerd wordt. Dan kan men niet langer, zoals tot dusver, een grondoorlog uitsluiten. Niet omdat zo'n grondoorlog aantrekkelijk of zonder grote risico's is, maar omdat de feiten voor zichzelf spreken en de tijd dringt.

De feiten zijn dat Albanië en Macedonië de vluchtelingen niet voor lange tijd kúnnen opnemen, en het Westen hen niet wíl opnemen, tenzij in zéér beperkte aantallen. Zij moeten dus niet alleen terug naar Kosovo, maar ze moeten ook nog eens vóór de winter, die in dit gebied medio, eind oktober begint, zodanig gehuisvest worden dat ze niet doodvriezen. Dat betekent dat er voor warme onderkomens moet worden gezorgd. En dát houdt, gezien de noodzakelijke voorbereidingen, in dat een effectieve troepenmacht uiterlijk begin september in Kosovo geïnstalleerd dient te zijn – ter bescherming van de teruggekeerde Albanezen tegen Servische aanvallen en van de Servische burgers in Kosovo tegen het Kosovo Bevrijdingsleger (UÇK).

Als tot die tijd de Joegoslavische strijdkrachten nog steeds niet geheel op de knieën zijn en er geen diplomatieke oplossing is bereikt, kunnen die grondtroepen alleen met een landoffensief Kosovo binnentrekken. De opbouw van de daarvoor benodigde troepenmacht moet binnen uiterlijk twee weken beginnen, anders hoeft het niet meer.

De geruststellende en in slaap sussende mantra's van de NAVO-politici `Wij zijn aan het winnen, hij is aan het verliezen, en hij weet dat' en `Nooit was de eenheid hechter en de vastberadenheid van de lidstaten groter dan nu' kunnen niet verhullen dat de feitelijke situatie heel anders is en de NAVO met de dag verdeelder raakt. Want steeds luider vragen zowel politici als militairen zich af of de inmiddels bijgestelde politieke doelen inderdaad met de thans gebruikte militaire middelen op tijd gerealiseerd kunnen worden.

De politiek durft echter nog steeds niet de burgers voor te bereiden op de reële mogelijkheid dat er geen andere keus is dan ook vechtende grondtroepen in te zetten. Weliswaar weet iedereen dat er ergens in de Balkan oorlog gevoerd wordt, maar het is geen oorlog die ons qua gevoel direct aangaat. Vandaar dat de tegenstanders met zoveel academisch gemak de stupiditeit en de absurditeit van deze oorlog aan de kaak kunnen stellen, zonder duidelijk te maken wat het alternatief van de thans geschapen situatie zou moeten zijn.

Een serieus gevoerde oorlog is inderdaad een tot vlees geworden nachtmerrie. Maar het zou een nóg grotere ramp zijn als de NAVO uit de oorlog, waarin zij blindelings is gewandeld, zou weglopen zonder dat de gevluchte Kosovaren onder redelijke bescherming naar hun vernietigde dorpen en steden terugkeren. Hoe moeten de tegenstanders van de oorlog dát aan hun kinderen uitleggen?

Michael Stein is redacteur van NRC Handelsblad.