Peil Nederlandse competitie daalt

Spannend was de competitie van Nederlands hoogste voetbalklasse wel, maar niet zo spannend als de competities van Engeland, Italië, België en Frankrijk. Waar in Nederland de strijd zich op de laatste dag alleen nog toespitste op de plaatsen die recht geven op deelname aan Europese toenooien en op de plek die degradatie tot gevolg heeft, werd en wordt in Engeland, Italië, België en Frankrijk op de laatste dag nog gestreden om de landstitel. En daar gaat het natuurlijk alleen maar om: wie wordt de kampioen.

Spannend was de laatste dag in Nederland zeker. Vooral de manier waarop Vitesse zijn voordelige positie verspeelde door dom van Feyenoord te verliezen en de manier waarop PSV alsnog kansrijk blijft voor de Champions League door in de slotminuut van Utrecht te winnen, waren enerverende gebeurtenissen. Zo ongewoon blij PSV in Utrecht was, zo boos en teleurgesteld waren de volgelingen van voorzitter Aalbers in De Kuip.

Met voetbal van hoge kwaliteit hadden de laatste acties van dit seizoen weinig te maken. Nederlands beste clubs sloten de competitie in stijl af. Spanning en spektakel mag er hier en daar dan wel geweest zijn, vreugde, verbazing en verrassing was er alleen bij de supporters van Feyenoord en Willem II. Aanhangers van degelijke ploegen, die slechts uitblonken door saamhorigheid en discipline. Spelers die met uitzonderlijke acties een wedstrijd beslissen en het publiek in extase brengen waren niet te vinden.

Het is natuurlijk leuk en verfrissend wanneer de competitie verassende winnaars krijgt. Het is weer eens wat anders dan Ajax, PSV en Vitesse, clubs die zich voornamelijk op kapitalistische wijze een weg naar de top banen. Een club als Feyenoord verdient de landstitel als geen ander dit seizoen, omdat bestuur, technische staf en spelers zich niet lieten verleiden tot grootspraak en domme uitlatingen over een toekomst aan de Europese top. Dat lieten ze in al hun bescheidenheid over aan Ajax, PSV en Vitesse. Niet zonder leedvermaak. Want zeker de mensen uit de Amsterdam Arena die niet zo lang geleden meenden dat ze voorgoed tot de wereldtop behoorden, zwijgen nu veelbetekenend.

Feyenoord is geen prachtige kampioen, Feyenoord is de kampioenen van het realisme. Beenhakker is een realistische, vakbekwame trainer, Baan een realistische, bescheiden technische coördinator, spelers als Van Gastel, Van Wonderen, Konterman, Paauwe, Bosvelt, Dudek, Tomasson en Van Vossen zijn realistische voetballers. Zelfs Cruz keerde terug in de realiteit, die hem zegt dat hij niet zo'n fantastische voetballer is als hij wel dacht. Op de achtergrond keek voorzitter Van den Herik toe, verlost van zijn chaotisch escapades om de rust in de club te bewaren.

Met de aanhang van Feyenoord, of al die mensen die zich aangetrokken voelen tot voetbal en feest in Rotterdam gaat het nog steeds niet goed. Waarom Feyenoord rebellen aantrekt, is al veelvuldig beschreven, maar niemand weet het. Aan het voetbal dat Feyenoord nu speelt, kan het niet liggen. Behalve een paar rode kaarten en enkele onbesuisde acties in de beginfase, hielden Beenhakker en zijn assistenten het geweld binnen de perken. Niemand had voorzien dat Cruz zijn domheid en agressie zou kunnen beteugelen. Het lukte hem, al verdwenen met het gif ook zijn bijzondere doelpunten.

De vraag is of Feyenoord zich volgend seizoen staande kan houden. Vooral PSV, maar ook Ajax en Vitesse zullen de gelederen versterken met dure spelers en alles in het werk stellen de verloren posities te heroveren. De eenheid die Feyenoord en Willem II het afgelopen seizoen vormden, mogen deze clubs als voorbeeld nemen. Maar of ze dat met nieuwe en weer buitenlandse spelers voorelkaar krijgen moet worden betwijfeld. In de Champions League lijkt voor de kampioen net als voor Willem II weinig succes weggelegd. Maar dat geldt ook voor de clubs die zich voor het UEFA-Cuptoernooi hebben geplaatst.

De kwaliteit van het Nederlandse clubvoetbal loopt zienderogen terug. Dat is niet alleen het gevolg van het feit dat de Nederlandse sterren naar de sterkere buitenlandse competities gaan. Misschien is het ook het gevolg van de houding die veel talentvolle profvoetballers aannemen: onverschilligheid en luiheid. Slechts minder getalenteerde voetballers breken door omdat zij wel over de juiste mentaliteit beschikken. Anderzijds wordt in de opleidingen veel talent kapot gemaakt. Jongens die kunnen pingelen en scoren wordt al heel vroeg geleerd dat ze vooral aan de tactiek moeten denken. Plezier wordt ze ontnomen. Schoffies met talent en lef worden door de meesters weggestuurd.

Mooie voetballers waren nog wel te bewonderen. Van Nistelrooy was een aangename verrassing. Hij werd in nota bene een slecht spelend elftal topscorer met 31 doelpunten. Geen ander dan deze jonge PSV'er verdient daarom als beste voetballer van deze competitie te worden gekozen. Nog staan de doelpunten van hem (de lob à la Pelé tegen Roda en de kanonskogel tegen Ajax) in het geheugen gegrift. Mols deed niet voor hem onder. Zijn prachtige doelpunten waren talrijk.

NAC degradeert. Misschien wel terecht, omdat de club er maar niet in slaagde het eens zo veelbelovende technische en financiële beleid te continueren. Sparta lijkt degradatie te ontlopen. Juist op tijd begrepen de spelers dat een club niet louter op grond van traditie wordt gehandhaafd. Veel kwaliteit liep er tot teleurstelling van de hondstrouwe aanhang niet in het eerste elftal van de club die altijd veel jeugdig talent voortbrengt. Het ontbreekt nu eenmaal aan middelen om het talent te behouden.

Meer toeschouwers (3.931.000-4.209.000) trokken de wedstrijden, minder doelpunten (1002-964) werden gemaakt en het aantal gele (947-931)en rode (79-69) kaarten liep terug. Beter dan vorig jaar werd er niet gevoetbald. Cijfers om die conclusie te rechtvaardigen zijn er niet. Misschien is de vroege uitschakeling van de Nederlandse clubs in de Europese toernooien een bewijs. Misschien moet contact worden gezocht met België, waar de competitie elk jaar aan kwaliteit verliest. Een Belgisch-Nederlandse competitie zou het niveau en de amusementswaarde van voetbal in de kleine landen kunnen opvijzelen.