Aangrijpende zwarte monoloog

Precious is een zwart zestienjarig meisje uit Harlem, New York. Ze wordt mishandeld door haar moeder en misbruikt door haar vader. Ze heeft twee kinderen van hem, de eerste kreeg ze toen ze twaalf was. Vader heeft haar niet alleen zwanger, maar ook seropositief gemaakt. Verder kan Precious niet lezen en schrijven en is haar eerste dochter een mongool. Ze heeft haar Mongo genoemd.

Het lijkt alsof de zwarte Amerikaanse dichter Sapphire in haar eerste roman Push alle stereotypes over zwarten op een hoop heeft gegooid. Zij zadelt haar personage op met alle ellende die een zwarte zoal kan overkomen. Verder wordt Precious ook nog gered door een lieve schooljuf die haar leert lezen en schrijven en haar zelfrespect geeft. Gered door het alfabet – een thema dat al voorkomt in de zwarte Amerikaanse literatuur sinds de slave narratives uit de negentiende eeuw.

Ondanks het clichématige verhaal is Push een bijzonder boek, omdat vertelster Precious zich uitdrukt in een naïeve poëtische stijl: korte associatieve zinnetjes, opgestapelde woorden vol spelfouten en verwonderde omschrijvingen van alledaagse dingen: ,,Me liefst ding is Abdul naar de kres brengen/ dan/ geen ontbijt en dan heb ik tijd om/ door Harlem te lopen/ in de ochtend naar sgool/ gezichten gezichten/ zwart glas/ heeft slaag gekregen/ als je ben/ zo als/ ik/ en geboren worden.'' Door de taal leert Precious voor het eerst de schoonheid van de wereld en zichzelf kennen.

Regisseuse Marlier Heuer en actrice Tessa du Mée hebben voor Huis aan de Amstel de roman bewerkt tot de monoloog Precious, een solovoorstelling voor jongeren vanaf vijftien jaar. Het decor is sober; zwart met drie banen blanco papier. Op een vierde baan, die Du Mée uitrolt, staat het alfabet. Soms schrijft Du Mée wat op het papier. De laatste woorden van haar monoloog bijvoorbeeld: ,,ik vertel''.

Du Mée weet de prachtige monoloog zeer aangrijpend en overtuigend te spelen. Ze maakt van Precious een gedreven, hyperactief meisje dat over zichzelf praat alsof het iemand anders betreft. Ze probeert door taal greep te krijgen op haar verrotte leven. Ze danst, ze vecht, ze beschouwt. Ze is afwisselend schreeuwerig wanhopig, uitgelaten gelukkig, of heel vlak, overtuigd van haar eigen domheid en overbodigheid. Haar moeizaam gespelde woorden gaan soms over in een baringswee.

Met haar geconcentreerde bewegingen houdt Du Mée de spanning goed vast. Het publiek staat zichzelf slechts sporadisch een bevrijdende lach toe. Die lach komt geregeld van schrijfster Sapphire zelve, die op de première aanwezig was. Het moet voor haar een vreemde gewaarwording zijn, haar eigen woorden in een 'funny language', dit typisch zwarte Amerikaanse verhaal te horen uit de mond van een blanke actrice voor een blanke zaal. Ik geloof dat Sapphire de enige aanwezige zwarte was.

Voorstelling: Precious van Huis aan de Amstel. Tekst: Sapphire. Vertaling: Aad van der Mijn. Regie: Marlies Heuer. Spel: Tessa du Méee.

Gezien 20/5 Huis aan de Amstel Amsterdam. Tournee t/m 5/6. Reprise volgend seizoen. Inl. 020-4272350.