Plan Maestro

Orkaan `Mitch' hield ruim een half jaar geleden huis in Midden-Amerika. De getroffen landen presenteren volgende week een ambitieus plan voor wederopbouw. Honduras probeert als een `nieuw land' uit de chaos te komen. `We moeten er geld aan verdienen, bedoelen ze.'

de

In een sloppenwijk van de door Mitch gemangelde hoofdstad Tegucigalpa stond de 24-jarige Hondurese automonteur Selvin Pérez aan de rand van de afgrond. Tijdens de stormnacht van vrijdag 30 op zaterdag 31 oktober vorig jaar was zijn woning verdwenen, met zijn aanstaande bruid en hun driejarig dochtertje erin. Dagenlang aanhoudende regenval had de heuvel doordrenkt waarop de sloppenwijk was gebouwd. Maar de brandweerman aan wie Pérez de avond voor de ramp nog had gevraagd of zijn huis wel op een veilige plek stond, had bevestigend geantwoord. Evacuatie was niet nodig. Sterker nog: neem je buren in huis, zei de brandweerman, want zij lopen wèl gevaar. Net op tijd hadden de dertien mensen in Pérez' huis kunnen vluchten toen het gebouwtje samen met de heuvel begon te schuiven. Maar door alle hoogopgetaste spullen van de evacué's kon Pérez niet meer bij het kamertje komen waarin zijn vriendin en dochtertje op dat moment waren. Hij zag ze in de diepte verdwijnen. `Waarom zijn jullie ook niet op tijd weggegaan', had dezelfde brandweerman hem de ochtend na de ramp verweten.

Op de bank in het nabijgelegen huis van zijn oma vertelde hij dit verhaal, ingetogen, met een zachte, monotone stem. ,,Ik wil alleen nog maar hun lichamen terug en ze een christelijke begrafenis geven'', zei hij toen. ,,Meer wil ik niet.''

Het verhaal van Selvin Pérez was dat van de ontreddering van Honduras een half jaar geleden: een natuurramp waarvan de gevolgen door vermenigvuldigingsfactoren als armoede, onkunde en corruptie waren uitgegroeid tot een apocalyptisch drama. ,,We hebben vele duizenden doden, de lijken drijven in de rivieren. Zeventig procent van het land is getroffen, we zijn vijftig jaar in onze ontwikkeling achteruitgezet'', riep de Hondurese president Carlos Flores. Mitch heeft volgens het Rode Kruis tachtigduizend huizen beschadigd of verwoest. Uit de hele wereld stroomden hulpverleners, goederen en geld naar Midden-Amerika.

Geef me

In die ene stormnacht waren de levens van individuele burgers voorgoed veranderd. Zoals dat van Selvin Pérez. In een restaurant, lusteloos prikkend in een stuk vis, vertelt hij met diezelfde zachte, monotone stem de rest van zijn verhaal. ,,Ik word 's nachts wakker en dan hoor ik haar weer, vlak voordat ze in de afgrond stort. `Selvin', zegt ze alleen verwijtend, `Selvin, help me'. Maar ik kon haar niet helpen.'' De lichamen van zijn vriendin en hun dochtertje zijn tot op de dag van vandaag niet gevonden. Nadat de Mexicaanse en Canadese reddingswerkers weer naar huis waren gegaan, had Pérez van het spaargeld voor zijn trouwdag een aantal buren betaald om te helpen zoeken. Na een maand was het geld op. Een tocht langs de instanties – voor hulp bij het zoeken, voor een lijst met de namen van vermisten, voor een lijst met vermeldingen van lijken uit Tegucigalpa, voor overlijdensaktes – leverde niets op. Niet thuis gaf de brandweer, de gemeente, het ministerie van Justitie en Binnenlandse Zaken, het nationale rampencomité en de mensenrechtencommissie.

Ruim zes maanden later zijn de kolkende rivieren van toen weer vriendelijke stroompjes waarin vrouwen de was doen en kinderen spelen. De weggeslagen stukken weg zijn echter provisorisch hersteld, veelal door buitenlandse hulpverleners. Op de weg van Tegucigalpa naar Danlí, bij de grens met Nicaragua, hangt over de rivier een van de vele Amerikaanse Bailey-bruggen die Honduras nu rijk is. Panamese vrachtwagens denderen er over heen, op weg naar Guatemala of El Salvador. De brug begint al door te zakken, zegt Juan Carlos Ruíz. Voorzichtig stuurt de Colombiaanse gedelegeerde van het Nederlandse Rode Kruis zijn Toyota-terreinwagen over de houten vloer van de tijdelijke oeververbinding. Tijdelijk, lacht Ruíz schamper: ,,In Honduras is al het tijdelijke definitief''.

We zijn onderweg naar één van de vier wederopbouwprojecten die het Nederlandse Rode Kruis in het departement El Paraíso is begonnen met een deel van de 112 miljoen gulden die is ingezameld voor de slachtoffers van Mitch. Het Rode Kruis gaat hier nieuwe woningen bouwen voor mensen die door de orkaan dakloos werden. Maar ten minste zo belangrijk vindt het Rode Kruis dat bij de wederopbouw van Honduras de lokale gemeenschappen een grote rol zullen spelen. De plaatselijke afdeling van het Rode Kruis moet daarbij als basis dienen. Dat blijkt problematisch. Er is een gebrek aan vrijwilligers, zegt de voorzitster van het Rode Kruis in Danlí. Apathie, desinteresse, gebrek aan initiatief bij de Hondurezen. Het is een vaak voorkomende klacht, zowel van Hondurezen zelf als van buitenlandse hulpverleners. ,,Hier heerst een ongelooflijke mentaliteit van `da me' (geef me)'', zegt een Amerikaanse functionaris van de Verenigde Naties in Tegucigalpa, terwijl ze haar hand ophoudt.

Opvoeding, scholing, bewustwording – dat is de niet eens zo verborgen agenda van de internationale gemeenschap bij de wederopbouw van Honduras. Zo moeten de inwoners van het gehucht El Robledal collectief aan de latrine van het Rode Kruis. Gedelegeerde Juan Carlos Ruíz wijst links en rechts op de huizen als we de enige straat van El Robledal afzakken. Ze staan er wel, de latrines, maar ze worden vaak gebruikt als opslagplaats of kippenhok. ,,Kijk daar 'ns'', zegt Ruíz, ,,dat huis heeft geen toilet, maar er staat wel een four-wheel drive op de oprit.''

Op macro-niveau staat Honduras ook heropvoeding te wachten. Het land heeft een potje gemaakt van de bevolkingsregistratie. De `vele duizenden' doden waarvan president Flores sprak in zijn eerste dramatische televisie-interview werden maar met moeite concrete cijfers. Geleidelijk werd het dodental teruggebracht van aanvankelijk 12.000 tot 5.600 nu, en het aantal vermisten tot 8.000.

Bij het registreren van de slachtoffers maakte de overheid gebruik van gegevens uit een tien jaar oude census. In een land van aanzienlijke interne en externe migratie, met veel onwettige kinderen en uiterst onbetrouwbare statistieken, is een census na tien jaar onbruikbaar.

Heropvoeding

Er waren na Mitch ook problemen met definities. Is een aangespoeld lijk een dode, ook als dat lijk niet is geïdentificeerd? Ciro Ugarte, chef van de Peruaanse nationale rampenorganisatie en voor een jaar uitgeleend aan de Verenigde Naties in Honduras: ,,Dit zijn cijfers van het Hondurese ministerie van Volksgezondheid. Zij hebben uitsluitend de lijken geteld en komen uit op iets meer dan tweeduizend doden, niet op 5.600.'' Maar, zo wordt in kringen van de internationale hulpverlening vergoeilijkend gezegd, we willen het de Hondurese regering niet lastiger maken dan het al is om zo meteen in Stockholm financiering te krijgen voor de wederopbouwplannen. Zo werd 5.600 het officiële dodental.

Stockholm. De naam van de Zweedse hoofdstad ligt dezer dagen op ieders lippen in Honduras. Volgende week komen vertegenwoordigers van de Midden-Amerikaanse landen en de donorlanden er bijeen om het herstel van de regio na Mitch te bespreken. De verwachtingen zijn hooggespannen. De Hondurese regering heeft een Plan Maestro opgesteld ter waarde van bijna vier miljard dollar. Een ambitieus plan, vooral voor het reactiveren van de Hondurese economie door grote, infrastructurele werken.

René van der Poel, directeur Honduras van de Nederlandse ontwikkelingsdienst SNV ziet `Stockholm' mislukken. ,,Er komt waarschijnlijk geen nieuw geld voor Midden-Amerika, mede door de crisis rond Kosovo. Dit kan ernstige politieke consequenties voor de Hondurese regering gaan krijgen.'' En Zoraida Mesa, het hoofd van de VN-ontwikkelingsorganisatie UNDP in Tegucigalpa, stelt: ,,Stockholm is geen bingo waar in drie dagen miljarden uit zullen rollen. Er zijn te hoge verwachtingen geschapen.''. Dat vindt ook Anton Schutte, plaatsvervangend chef de poste van de Nederlandse ambassade voor Midden-Amerika in Costa Rica. ,,We willen dat het in Stockholm niet alleen gaat over een paar projecten, maar over de grote issues. We hopen op een debat over de mogelijkheid tot omvorming van de maatschappij.''

Van hulp naar heropvoeding naar maatschappijomvorming: de plannen van de internationale gemeenschap met Honduras zijn ten minste zo ambitieus als die van de Hondurese regering zelf. Maar het is nog de vraag of president Flores graag gehouden wil worden aan de uitspraken die hij en zijn ministers deden in die emotionele dagen direct na de ramp. ,,Er is zoiets dramatisch gebeurd in Honduras, dat we het land niet meer kunnen inrichten als voorheen'', zei minister van Binnenlandse Zaken Delmer Urbizo destijds op een bijeenkomst met het corps diplomatique in Tegucigalpa. Maar bedoelt de regering dat er een beter, democratischer Honduras moet verrijzen uit de door Mitch veroorzaakte puinhopen? Lang heeft Honduras bekend gestaan als een corrupte bananenrepubliek, waar twee partijen en een handjevol families de dienst uitmaken. Waar de economische elite regeert en rijker wordt, terwijl internationale hulporganisaties pleisters op de wonden van de armen mogen plakken.

Ombudsman Leo Valladares twijfelt aan de goede bedoelingen van de Hondurese regering. ,,We gaan meer democratie toestaan, zeggen ze. We moeten er geld aan verdienen, bedoelen ze.'' Als ik Valladares ontmoet, is het instituut ombudsman in een diepe bestaanscrisis terechtgekomen. Die heeft hij zelf veroorzaakt. Met bijna een miljoen dollar van de Deense en Zweedse regeringen is hij het project Auditoría Social gestart, een soort volksaccountancy van de hulp na Mitch: wie corruptie vermoedt, mag de ombudsman bellen. ,,Het is belangrijk dat we het buitenland laten zien dat we de zaak goed in de gaten houden'', zegt hij. In het in maart uitgekomen eerste voortgangsrapport komen welgeteld zeventien gevallen voor van vermoede corruptie, van het type havenmeester-ontvreemdt-container. ,,Eigenlijk zeer weinig, zeker in vergelijking met wat er na de orkaan Fifi in 1974 allemaal is gestolen'', constateert Valladares. Maar de Hondurese politiek reageerde furieus. ,,Flores belde me twee uur na het verschijnen van het rapport op en zei: `Dit gaat ons veel problemen bezorgen, nu kan ik niet meer naar Stockholm'. De reactie van de regering was buiten proportie; ik vraag mij dus af of er niet meer aan de hand is''.

De woede van de president gold vooral het verwijt in het rapport dat de liefdadigheidsorganisatie Fundación María (Maria-stichting) een ondoorzichtige boekhouding voert. Voorzitster van de stichting is immers mevrouw Flores, de in Tennessee als Mary Flake geboren Primera Dama de la Nación. Zij blijkt een wat timide vrouw van onbestemde leeftijd met de allure van een mannequin en de charme van een prom queen. Mary de Flores ontvangt mij ten kantore van haar stichting. Er worden grote glazen cola geserveerd, waarvoor de presidentsvrouw zich in het Engels verontschuldigt: door de noodgedwongen landelijke rantsoenering van elektriciteit kan er geen koffie worden gezet. ,,Na Mitch kwam ik in Amerika veel op de televisie. De mensen stuurden cheques, contant geld of dozen hulpgoederen op mijn naam of die van mijn man. Ik ontving persoonlijk 119 containers.''

Continue begeleiding van de stichting door twee functionarissen van de nationale rekenkamer moest garanderen dat alle inkomsten en uitgaven nauwgezet werden genoteerd. Toen kwam het rapport van de ombudsman. De presidentsvrouw: ,,Ik heb een paar dagen gehuild. Niemand had ook zelf ervaring met dit soort crises; ik ben maar een gewone huisvrouw. De ombudsman heeft me in elk geval nooit gebeld om uitleg te vragen. Geen wonder dat hier nooit iets gebeurt: als je iets probeert te doen, word je meteen gekritiseerd.''

Maar met de gevreesde massale corruptie, zo luidt de consensus in kringen van internationale hulpverleners in Honduras, valt het reuze mee. Hetzelfde geldt evenwel niet voor de organisatorische chaos, die ook zes maanden na Mitch nog voortduurt. Daar is het land zelf debet aan, maar in grote mate ook de goedbedoelende internationale gemeenschap. Lang voordat de Kosovaarse vluchtelingen werden bedolven onder knuffels, kregen de Hondurese overlevenden van Mitch uit verre streken ladingen schoenen toegezonden. Linkerschoenen. Of alleen rechterschoenen. Gedragen ondergoed, dozen vol. Containers met alleen het opschrift `Hulp voor Honduras' – geen nadere bestemming, geen afzender, de tekst in een vreemd schrift. In de haven van Puerto Cortés staan nog duizend van dergelijke containers. SNV'er René van der Poel: ,,Meer coördinatie zou goed zijn geweest, zowel door Nederland als internationaal.''

Nieuw Leven

Die coördinatie is één van de taken die UNDP zich heeft gesteld in Honduras. Chef Zoraida Mesa toont zich blij met een Nederlandse bijdrage van vijf miljoen gulden om een grotere maatschappelijke betrokkenheid bij de opbouw van het land te bewerkstelligen. Dat is immers één van de vele minder `zichtbare', en volgens haar daarom ook minder populaire, hulpprojecten. Mesa: ,,Elk land wil zichtbare projecten. Er werd gevochten om de bruggen te mogen bouwen.'' De Nederlandse overheidsbijdrage aan de wederopbouw van Honduras na Mitch ligt in het verlengde van het nieuwe `goed-bestuurscriterium' van minister Herfkens voor ontwikkelingslanden. Het niet politiek of militair georganiseerde deel van de Hondurese samenleving, de zogenoemde Sociedad Civil, moet nauw bij de wederopbouw worden betrokken, met als belangrijke taak de door Mitch verscherpte armoede aan te pakken.

Het gezicht van de verscherpte armoede – dat was het gezicht van wasvrouw Bertalia Zelaya Martínez. Achtendertig jaar, zei ze. Achtenvijftig had ik ook geloofd, als ze niet net had verteld dat ze in verwachting was van haar vijfde kind. Dakloos geworden door Mitch zat ze in haar met plastic zeil afgezette ruimte van twee bij drie meter in een grote tent op het buitenterrein van het gemeentelijke stadion in San Pedro Sula. Daar woont ze zo lang met haar moeder en vier kinderen, en zeshonderd andere, veelal vaderloze gezinnen, tot de gemeente het woningbouwproject Nueva Vida (Nieuw Leven) klaar heeft. Onder de bezielende leiding van burgemeester en zakenman Roberto Larios worden aan de rand van de stad nieuwbouwwoningen voor de zeer kleine beurs neergezet. In de buurt van de assemblagebedrijven, die overigens ten dele zijn gevestigd in gebouwen die door Larios worden verhuurd. Maar ere wie ere toekomt: in San Pedro lijkt de lokale overheid te functioneren. Er is ook veel internationale steun voor project Nueva Vida. Topmodel Claudia Schiffer heeft 102 huizen geschonken, liet de burgemeester zich achteloos ontvallen tijdens een matineus gesprek. Maar de toekomstige bewoners van Nueva Vida moet eerst gemeenschapszin en woonfatsoen worden bijgebracht, vindt de Mexicaanse projectleider Alfredo De Hoyos. Terwijl kinderen uit het gemeentelijke opvangkamp aan zijn broek hingen, somberde De Hoyos: ,,De Hondurezen hebben geen gevoel voor gemeenschapszin, geen nationaal bewustzijn. De mensen helpen elkaar niet, niemand geeft iets weg. Die mentaliteit moet veranderen.''