Onze eigen, wolharige dombo

Wat was de mammoet voor een beest? De meeste mensen zien hem voor zich als een grote, harige olifant, die voortsjokte over onafzienbare bevroren vlakten en met zijn slagtanden in de sneeuw krabde op zoek naar plukjes rendiermos en zo nu en dan een piepklein berkeboompje. Maar dat beeld is volstrekt verouderd, zo blijkt deze week op de Tweede Internationale Mammoetconferentie in Rotterdam met experts uit 17 landen.

Want net als zijn moderne neef de Afrikaanse olifant moet de mammoet een flinke eetlust hebben gehad. ,,Met zijn grote lijf had hij minstens 180 tot 200 kilo voedsel per dag nodig'', zegt mammoetexpert Dick Mol. ,,Dat scharrel je op een besneeuwde toendra nooit bij elkaar! Vermoedelijk liep hij rond op grazige, glooiende steppenvlakken. Rendieren en muskusossen hielden hem geen gezelschap, maar leefden een flink stuk noordelijker.''

Een tweede misverstand is dat de mammoet zo gigantisch groot zou zijn geweest. De wolharige mammoet die in Nederland voorkwam, had een schouderhoogte van hooguit 2.65 meter. ,,Termen als `mammoettanker' en `mammoetwet' zijn echt overdreven!'' vindt Mol.

De eerste Mammoetconferentie werd vier jaar geleden in St. Petersburg gehouden en men hoopt er een vierjaarlijkse traditie van te maken. In Rotterdam zijn voor deze gelegenheid pronkstukken uit allerlei collecties bijeengebracht op een kleine, maar interessante expositie in het Rotterdamse Natuurmuseum. Uit het onderzoek aan die fossielen weten we nu dat de vroegste voorouders van de mammoet zo'n 2 tot 3 miljoen jaar geleden vanuit de Afrikaanse savannen via Zuid-Spanje of via het Midden-Oosten naar Europa moeten zijn gereisd. Van daaruit hebben ze Centraal-Azië en vervolgens, via de Beringstraat, de Nieuwe Wereld veroverd.

Tot zo'n 2000 voor Christus hebben in Noord-Siberië nog mammoeten geleefd. In onze regio zijn ze al omstreeks 13.000 voor Christus uitgestorven. Toen het klimaat na de laatste IJstijd warmer werd, en de Noordzee in korte tijd zo'n 100 meter steeg, veranderden de land-waterverhouding en de vegetatie radicaal. Jagers hielpen de mammoet nog een laatste handje bij het uitsterven.

De dieren zijn levensecht afgebeeld op grottekeningen, ondermeer uit de Dordogne en het Spaanse Altamira. Er zijn complete skeletten opgegraven en in de bevroren toendra's van Alaska en Siberië zijn ook weke delen, compleet met dikke vrachten wollig haar teruggevonden. Dick Mol: ,,Volgens de verhalen was het materiaal zo goed bewaard gebleven dat onderzoekers bij het opgraven van de Berezovska-mammoet, die nu in het museum in St. Petersburg staat, nog van het mammoetvlees hebben gegeten. Maar als je die weke delen ruikt, weet je zeker dat dat onzin is.''

Fossiele vondsten uit Italië wijzen aanvankelijk op een beest met forse oren, net zoals zijn Afrikaanse voorouders. Naarmate de IJstijden in Europa vorderden en het klimaat steeds kouder werd, ontwikkelden de mammoeten zich geleidelijk tot steppenbewoners met dikke, wollige vachten en kleine oortjes. Ze kregen kiezen als molenstenen om harde steppengrassen te vermalen. Mol: ,,Het gebit van de mammoet is het populairste fossiel ter wereld. De Noordzee heeft duizenden mammoetkiezen opgeleverd, die veel informatie verschaffen over hun levenswijze en voedselkeus.'' Deze week nog stond Mol voor het museum een sigaretje te roken toen er een man op de stoep stond die iets heel geks in zijn achtertuintje had gevonden. ,,Het bleek een molaar te zijn uit de linkeronderkaak van een mammoet. De tuin was opgespoten met zand uit de Noordzee.''

Zo'n 300.000 jaar geleden moesten de mammoeten zich nog meer aanpassen aan het veranderende klimaat en in die tijd zijn drie soorten ontstaan. De steppenmammoet, met zijn vierkante kop, de wolharige mammoet met karakteristieke ronde kop en de zuidelijke mammoet, waarvan nog geen complete schedels zijn gevonden. Een spectaculaire vindplaats in de Verenigde Staten is Hot Springs in South Dakota. Hier werd een enorme massa mammoetbeenderen aangetroffen van 55 jonge stieren. Mol: ,,Als ze een jaar of tien waren, werden ze als baldadige tieners uit de groep gestoten en zwierven dan samen rond, tot ze zo omstreeks hun dertigste in aanmerking kwamen om hun paringsdrang weer in de kudde te laten gelden.'' Vermoedelijk zijn de jonge mammoeten in een kratermeertje gaan zwemmen. Toen het begon te regenen en de wanden spekglad werden, konden ze er niet meer uit. Hot Springs is inmiddels een toeristische topattractie. De vindplaats is overdekt, liefhebbers mogen onder deskundig toezicht twee weken komen graven, terwijl een voortdurende stroom bezoekers hen op de vingers kijkt.

Ook in Siberië worden nog voortdurend spectaculaire vondsten gedaan. Mol is net terug van het Taimyrschiereiland, ver voorbij Nova Zembla, waar een compleet mammoetskelet werd gevonden door een nomadenfamilie, de Jarkovs. Ze hadden de kostbare, bijna drie meter lange ivoren slagtanden er uitgesloopt en de rest van het skelet achtergelaten in de permafrost. Het wordt nu door een Frans-Russische expeditie geborgen voor een regionaal natuurmuseum. De Jarkovs en hun stamgenoten leven nog tamelijk traditioneel, afgezien van hun geweren, waarmee ze schieten op alles wat beweegt. Ze dragen kleren van rendierbont, met knopen van mammoetivoor en trekken rond in een krappe, rechthoekige tent van zeildoek, die op slede-ijzers staat. Mol: ,,Je kunt er nauwelijks rechtop in staan. Maar ze kunnen er een kacheltje in stoken van drifthout dat ze langs de rivieren vinden en dan wordt het daarbinnen behoorlijk heet. Oma reist ook mee, hoe oud zij is was niet bekend.''

Wellicht een tip voor het Leidse natuurmuseum Naturalis, dat fors in exotische dinoskeletten heeft geïnvesteerd, maar tot frustratie van Mol geen enkele complete Hollandse mammoet in huis heeft. ,,De populariteit van de mammoet bij het grote publiek is omgekeerd evenredig met de belangstelling van de Nederlandse universiteiten, die de grote ijstijdzoogdieren als specialisme hebben laten vallen.''

Uiteindelijk heeft Naturalis wel een `compositie-mammoet' samengesteld uit losse botten die op zolder lagen. Een goed paar passende slagtanden ontbrak. Ten langste leste zijn die in Londen geleend, maar omdat ze niet in de kaak pasten zijn ze daar maar buiten aangeplakt en dus potsierlijk lang, vindt Mol. ,,Kan Naturalis die Jarkovslagtanden niet aankopen?''

De Mammoet. Natuurmuseum Rotterdam, Westzeedijk 345, expositie t/m 3 oktober 1999.