Beurs niet meer warm van politiek

Hoe de tijden veranderen: toen Lubbers in 1986 de verkiezingen won, maakte de beurs een vreugdesprong van procenten tegelijk. Met name de financiële fondsen profiteerden goed, met Aegon, dat toen nog maar een jaar of vier bestond, als een van de grootste stijgers. Maar deze week ging het drama in Den Haag dat leidde tot de val van Paars II geheel aan het Damrak voorbij. Ver van Den Haag dobberde de AEX-index in Amsterdam gewoon mee op de golven van het internationale beursklimaat.

In die 13 jaar is er ook flink wat veranderd. Zowel aan de `Amsterdamse' als aan de `Haagse' kant. Wat het Haagse betreft is het beleid lang niet zo nationaal meer als toen. Het internationale klimaat noopt tot beleid dat in hoge mate is geobjectiveerd: structurele verbetering van de arbeidsmarkt, inzetten op meer concurrentievermogen en een algemene bedrijfsvriendelijkheid zijn overal troef. De begrotingspolitiek is stevig verankerd in Europees beleid. De koppeling met de D-mark was er toen, en die met de euro nu, maar het rentebeleid is nu geheel uit handen gegeven aan de ECB in Frankfurt, terwijl de nationale obligatiemarkt geheel is opgelost in een pan-Europese. Afgezien van het licht oplopen van een renteverschil met Duitse obligaties (dat ook al niet plaatsvond) is een reactie op de rentemarkten ook al nauwelijks meer mogelijk.

Zet daar de `Amsterdamse' kant van de uitgebleven reactie op de kabinetscrisis tegenover: vrijwel alle AEX-fondsen zijn in de tussentijd sterk geïnternationaliseerd. Hun koers hangt niet zoveel meer af van wat er in Nederland gebeurt. En het Amsterdamse beursklimaat zelf correleert sterk met Frankfurt, Parijs en Londen. Enkel een forse politieke schok, zoals het vooruitzicht op een links kabinet na de aanstaande verkiezingen, kan nog voor een beursreactie zorgen. Het aftreden van het kabinet liet beleggers deze week dus koud, maar Kok II was niet het enige dat aftrad deze week.

De reacties op het vertrek van bestuursvoorzitter De Vlugt van Van Leer waren gisteren heel wat heftiger. De Vlugt liet maar eens zien dat managementopties een groot goed zijn, maar levensgevaarlijk in het gebruik. Zijn vertrek werd, redelijk uniek, tijdens de aandeelhoudersvergadering aangekondigd.

Samen met zijn directieleden had De Vlugt in de aanloop naar overnamebesprekingen met de Finse branchegenoot Huhtamäki, voor ruim 20 miljoen gulden aan opties verzilverd. Zowel binnen als buiten het bedrijf werd de timing van deze transactie ernstig bekritiseerd, hoewel de directie naar eigen zeggen een conflict of interests wilde voorkomen. Cynisch genoeg steeg de koers na De Vlugts vertrek met maar liefst 8 procent tot 25,35 euro, nog altijd 0,30 euro lager dan de uitoefeningsprijs waarvoor de directie van Van Leer de aandelen op 6 mei had verkocht.

Of het vertrek van Philips' kroonprins Roel Pieper tot een koersreactie leidde zal nog lang onderwerp van discussie zijn. Philips-bestuurder A. van der Poel verzilverde zijn opties enkele uren voordat wereldkundig werd gemaakt dat Pieper het bedrijf zou verlaten. Van der Poel profiteerde niet, zoals bij Van Leer, van een fantastische koerssprong, maar hij bleef wel een koersdaling voor. Nadat Piepers vertrek wereldkundig was gemaakt daalde de koers met 0,4 procent, terwijl de beeldbepalende AEX die dag met 1,4 procent steeg. Aan de Stichting Toezicht Effectenverkeer de vraag of Van der Poel ook in het optie-mes is gelopen.