Hockeysters scoren tegen Canada maar vier keer

Nog slechts drie weken scheiden de Nederlandse hockeysters van het toernooi om de Champions Trophy. Maar al te graag had bondscoach Tom van 't Hek gisteren daarom antwoord gekregen op de vraag of zijn selectie klaar is voor de tweejaarlijkse krachtmeting tussen de zes sterkste hockeynaties ter wereld. Het bleek ijdele hoop en uiteraard wist de bondscoach dat al toen de bond hem vorig najaar een oefeninterland tegen Canada in de maag splitste.

Geheel volgens verwachting maakte de ploeg uit Noord-Amerika gisteren in Laren duidelijk waarom het internationaal geen rol van betekenis speelt. Dinsdag verloor het zelfs met 1-0 van overgangsklasser SCHC. Veel waarde mocht dan ook niet worden gehecht aan de 4-0 overwinning. Van 't Hek signaleerde in zijn nabeschouwing niettemin een winstpuntje. ,,Aan de beleving lag het in elk geval niet, want mentaal waren we vandaag bij de les'', vond de oud-international. Donderdag krijgt hij meer duidelijkheid over de vorm van zijn selectie wanneer Duitsland als sparringpartner optreedt.

Tegen Canada bleef Nederland zelfs op halve kracht overeind en kon de vice-wereldkampioen het zich permitteren om een handvol kansen te missen. ,,Toch had de score hoger moeten uitvallen'', erkende Van 't Hek. Slechts vier keer dook de ploeg van bondscoach Dru Marshall op in de cirkel van Nederland, zonder ook maar één keer gevaarlijk te worden. ,,Het leek wel zaalhandbal'', zo typeerde Van 't Hek de stormloop op keepster Sarah Forbes die de schade beperkt hield voor Canada.

Dat de teller op vier bleef steken, was verder te wijten aan de strafcorner die opnieuw faalde. Liefst twaalf keer mochten Dillianne van den Boogaard en Ageeth Boomgaardt aanleggen vanaf de rand van de cirkel, maar niet éénmaal maakte het Bossche koningskoppel de faam uit de Nederlandse competitie waar. Daarmee gaven ze een vervolg aan hun teleurstellende optreden tijdens de play-offs, toen beiden het vizier ook al niet op scherp hadden staan.

Van 't Hek beweert zich geen zorgen te maken over de haperende korte hoekslag, al ontkwam hij na afloop niet aan de conclusie dat ,,het net lijkt alsof er een deken over de corner ligt''. De komende weken wil hij benutten om ,,het ritme en de scherpte'' te hervinden en nieuwe varianten uit te dokteren. Dat lijkt hard nodig, want als geen ander beseft Van 't Hek dat een falende strafcorner op het allerhoogste niveau gelijk staat aan zelfmoord.

Van 't Hek zet bij het toernooi om de Champions Trophy in op een finaleplaats. ,,Dat zijn we aan onze stand verplicht.'' In Brisbane begint Nederland op 10 juni tegen outsider Argentinië, gevolgd door duels tegen achtereenvolgens Zuid-Korea, Nieuw Zeeland en Duitsland. De voorronde wordt afgesloten met een ontmoeting tegen wereld- en olympisch kampioen Australië. ,,Die schijnen ook een aardig ploegje te hebben'', grapte Van 't Hek gisteren.

Toch staat de Champions Trophy niet bovenaan zijn verlanglijstje. Meer waarde hecht Van 't Hek dit jaar aan het Europees kampioenschap, medio augustus in Duitsland. Bij titelprolongatie verzekert Nederland zich in Keulen van deelname aan de Olympische Spelen in Sydney. Slaagt het daar niet in, dan is de ploeg aangewezen op het olympisch kwalificatietoernooi, dat in maart in het Engelse Milton Keynes wordt gehouden.

Die sluiproute wenst Van 't Hek te vermijden. ,,Directe plaatsing voor Sydney schept rust en duidelijkheid'', beseft de bondscoach, die toch al weinig goede herinneringen bewaart aan olympische kwalificatietoernooien. Met een vijfde plaats in de eindrangschikking kwam Nederland vier jaar geleden in Kaapstad met de schrik vrij, na onder meer een blamerende nederlaag (0-1) tegen Canada.

Van 't Hek wenste gisteren de indruk weg te nemen als zou hij het toernooi in Brisbane slechts benutten als een veredelde voorbereiding op het EK. ,,Wij hebben een eer hoog te houden'', sprak hij geestdriftig. ,,We kunnen het ons niet permitteren om daar zesde te worden en dan te zeggen: `sorry, maar de sfeer is goed'. Excuses tellen niet.''

Dat geldt ook voor de fysieke weerbaarheid. Anderhalve maand geleden deed Van 't Hek na het gelijkspel tegen Duitsland (3-3) nog zijn beklag over het geringe uithoudingsvermogen van zijn selectie. ,,We zijn niet fit, klaar uit.'' Gisteren was hij aanzienlijk milder gestemd. ,,Maar helemaal fit zullen we wel niet zijn in Australië'', vermoedde Van 't Hek, die voor het eerst achttien in plaats van zestien speelsters mag meenemen naar een internationaal toernooi.