Rome wil grotere rol in crisis

Italië wil eigen accenten zetten bij het zoeken naar een diplomatieke oplossing voor Kosovo en daarbij een actieve rol spelen, bijvoorbeeld door aan te dringen op een resolutie van de Veiligheidsraad. Maar het wil geen scheuring veroorzaken binnen de NAVO.

Dat is de uitkomst van een kamerdebat gisteren. Premier Massimo D'Alema wist na lang onderhandelen een motie van zijn centrum-linkse coalitie met voorstellen voor een eenzijdig staakt-het-vuren veranderd te krijgen. De motie koppelt stopzetting van de bombardementen nu aan overeenstemming over een resolutie van de Veiligheidsraad.

,,Opschorting (van de bombardementen) is erop gericht het mogelijk te maken de Veiligheidsraad bijeen te roepen op basis van een resolutie en de bereidbaarheid van de Joegoslavische regering te toetsen om haar toe te passen'', zo staat in de motie.

De woorden `op basis van' veronderstellen volgens de interpretatie van D'Alema dat de bombardementen pas kunnen worden gestaakt als er in principe overeenstemming is bereikt over een resolutie. Anderen vinden die uitleg te beperkt – het is de juist de verschillende interpretatie die uiteindelijk een kamermeerderheid mogelijk maakte. De motie werd met 308 tegen 189 stemmen en 60 onthoudingen aanvaard.

D'Alema herhaalde gisteren zijn basisconcept: de voorstellen van de G-8 moeten het raamwerk vormen voor een resolutie van de Veiligheidsraad waarmee ook Rusland en China kunnen instemmen. Hij wil hiermee de Verenigde Naties een actievere rol geven.

De premier wist de grote groep binnen de coalitie die neigt naar een staakt-het-vuren zonder voorwaarden, als een gebaar naar Belgrado, achter de lijn van de regering te krijgen. Hij wees erop dat dit direct zou ingaan tegen de strategie van de NAVO. Verdeeldheid zou het zoeken naar een vreedzame oplossing alleen maar moeilijker maken, zei D'Alema.

De rechtse oppositie vindt dat de NAVO-bombardementen pas moeten worden gestaakt nadat de Joegoslavische president Miloševic een resolutie van de Veiligheidsraad heeft aanvaard. Een motie met die strekking werd met 359 tegen 194 stemmen verworpen, met acht onthoudingen.