Als een haren zak

Zonsverduisteringen in bijbelverhalen illustreren steeds het eindtijdelijke van een gebeurtenis. Jezus stierf na een (onechte?) eclips.

DE BIJBEL ontmythologiseert de zon. In de Egyptische religie bijvoorbeeld werden koningen beschouwd als zonen van de zonnegod Ra. Ze werden soms letterlijk zoon van de zon, Ra-M'ses, genoemd. De naam van de leider die het joodse volk uit Egypte naar `het beloofde land' bracht, Mozes of M'ses, kan in de oren van zijn volk geklonken hebben als een stil protest tegen Ramses II en de Egyptische verafgoding van de zon. Van een zonnegod wilde het joodse volk niets weten.

De ontmythologisering van de zon valt ook te lezen in het scheppingsverhaal waarmee de bijbel begint. Op de eerste dag, staat er in Genesis 1, schiep God het licht. ,,En God noemde het licht dag en de duisternis noemde hij nacht.' Pas op de vierde dag wordt over de creatie van zon en maan bericht, zonder dat ze overigens met name worden genoemd. ,,En God maakte de beide grote lichten, het grootste licht tot heerschappij over de dag, en het kleinere licht tot heerschappij over de nacht.' Zon en maan worden in de bijbel duidelijk functioneel omschreven, ze zijn bedoeld om het bestaan ritme te geven en de mens de tel niet te laten kwijtraken: ,,om scheiding te maken tussen dag en nacht en (...) zij dienen tot aanwijzing zowel van vaste tijden als van dagen en jaren.'

Het woord zonsverduistering komt letterlijk in de bijbel maar één keer voor, maar wel op een van de meest cruciale momenten uit de bijbelse geschiedenis, namelijk op het hoogtepunt van Jezus' lijden, als hij aan het kruis is gespijkerd. Het evangelie volgens Lucas leest dan: ,,En het was reeds ongeveer het zesde uur en er kwam duisternis over het gehele land tot het negende uur, want de zon werd verduisterd.' In het Grieks, de taal van het Nieuwe Testament, staan daar de woorden helios en eclips. Na die zonsverduistering stierf Jezus.

Het opmerkelijk is echter dat deze verduistering geen echte zonsverduistering was in de astronomische zin van het woord. De theoloog prof.dr. S. Greijdanus schrijft in zijn Korte Verklaring bij Lucas 23 dat in dit geval geen sprake kan zijn geweest van een gewone zonsverduistering, die ontstaat doordat de maan tussen de zon en de aarde kwam te staan en zo het licht van de zon onderschept. Want zoiets gebeurt alleen bij nieuwe maan. Tijdens het joodse paasfeest, het tijdstip van Jezus' sterven, was het echter volle maan. Israel telde de maanden vanaf nieuwe maan, het paasfeest werd gevierd op de veertiende van de maand, dus was het op dat moment volle maan.

Zonsverduisteringen die in de bijbelverhalen voorkomen zijn nooit alleen natuurverschijnsel, maar voor alles gebeurtenissen met een religieuze betekenis. Ze illustreren steeds het eindtijdelijke, het eschatologische van een gebeurtenis. Jezus' volgelingen zagen in de eclips bij diens dood de straffende hand van God, daartoe onder andere geïnspireerd door de woorden van de oudtestamentische profeet Amos die gezegd had: ,,Te dien dagen zal het geschieden, luidt het woord van de Heer, dat ik op de middag de zon zal doen schuilgaan en bij klaarlichte dag het land in donker zal zetten. Dan zal ik uw feesten in rouw verkeren en uw liederen in klaagzang.'

Ook in het allerlaatste bijbelboek, de Openbaring van Johannes, dat in de schrille kleuren en beelden die Jeroen Bosch hebben geïnspireerd, de ondergang van mens en aarde schetst, komt de zonsverduistering als symbolische gebeurtenis voor. Als Gods oordeel wordt voltrokken, staat er dat de zon zwart werd ,,als een haren zak'.

De bijbel eindigt zoals hij begint: mét licht, maar zonder zon. Bij de eschatologische beschrijving van het nieuwe Jeruzalem, waarmee een nieuwe wereld wordt aangeduid, staat: ,,De stad heeft de zon en de maan niet van node, dat die haar beschijnen, want de heerlijkheid Gods verlicht haar.'