Fiat zoekt naarstig versterking

De Italiaanse Fiat-groep is in hoog tempo bezig zijn positie te verstevigen. Fiat wil minder kwetsbaar worden voor de problemen op de markt voor personenauto`s. Meest recente overname is Case, Amerikaanse producent van landbouwmachines.

Nu de aankoop van Volvo is mislukt als verjaardagscadeautje, probeert de Italiaanse Fiat-groep met een reeks kleinere maar belangrijke overnames en samenwerkingsakkoorden twee hoofddoelen te realiseren: minder kwetsbaar worden voor schommelingen op de markt voor personenauto's, en in ieder sector bij de wereldwijde marktleiders te behoren.

Paolo Fresco, de vorig najaar aangetreden president van de Fiat-groep, is in dat opzicht bezig met een vliegende start. Hij moet wel. De problemen bij Fiat-auto, nog altijd goed voor meer dan de helft van de totale omzet, drukken zwaar op de groep. Een teken aan de wand is dat Standard & Poor's, het Amerikaanse bedrijf dat de kredietwaardigheid van ondernemingen controleert, eerder deze maand Fiat onder speciale observatie heeft genomen.

In het vorige week gepubliceerde jaarverslag zegt Fresco impliciet dat de groep er niet fantastisch voor staat. De resultaten van 1998, omschreven als ,,een moeilijk jaar'', zijn ,,niet bevredigend''.

Fiat-auto zit in de rode cijfers. De winst van de groep is de helft van die van vorig jaar. Voor de eerste helft van dit jaar wordt weinig verbetering verwacht.

Fiat had zich een andere verjaardag gedacht. Dit jaar viert het bedrijf, dat goed is voor 32 procent van de actieve handelsbalans van Italië, zijn eeuwfeest. Fresco had dat graag gevierd met de overname van Volvo. Daardoor zou Fiat zich in een aantal sectoren tegelijk hebben versterkt: personenauto's, vrachtwagens, luchtvaart. De perspectieven waren zo goed dat Fiat er zeven miljard dollar voor over had gehad.

Uiteindelijk hebben de Zweden ervoor gekozen alleen de divisie personenauto's te verkopen, aan Ford. Er wordt druk op gespeculeerd dat Fiat nu naar een andere partner zoekt in deze sector. ,,De wereld beweegt zich in de richting van allianties en wij willen bewegen zoals de wereld,'' zei Fresco vlak voordat de gesprekken met Volvo mislukten. ,,We kunnen het alleen doen, maar we moeten onze ogen openhouden voor alle mogelijkheden,'' zei Gianni Agnelli, oud-president van Fiat en een van de belangrijkste aandeelhouders, twee maanden geleden. ,,Er woedt nu een storm in de auto-wereld en we kunnen het subject of het object van besluiten zijn.''

Vooralsnog is Fiat de actieve partner, degene die de overnames doet. Het laatste voorbeeld daarvan is de maandag bekendgemaakte aankoop van Case, de Amerikaanse fabrikant voor landbouwmachines (voor 4,3 miljard dollar). Integratie hiervan met Fiat-dochter New Holland moet het nieuwe bedrijf op de tweede plaats van de wereldranglijst zetten, net achter het Amerikaanse Deere.

Door deze overname zal dit jaar ongeveer twintig procent van de groepsomzet van Fiat uit de sector landbouwmachines komen. New Holland boekte vorig jaar minder winst dan in 1997, door problemen op de markt wegens de daling van de landbouwprijzen. Maar het bedrijf stond er al goed voor en het akkoord met Case, dat volgens Fiat besparingen in de orde van grootte van 400 tot 500 miljoen dollar kan opleveren, biedt uitstekende perspectieven.

Aan de overname van Case is een hele reeks akkoorden voorafgegaan. Sinds 1 januari is Irisbus actief, een joint venture voor de produktie van bussen tussen vrachtwagenfabrikant Iveco en Renault. Irisbus komt op de tweede plaats in Europa.

In de eerste maanden van dit jaar is Fresco, die jarenlang heeft gewerkt bij het Amerikaanse bedrijf General Electric, bijzonder actief geweest. Magneti Marelli gaat een joint venture voor verlichting vormen met het Duitse Bosch, die op dit gebied de tweede ter wereld moet worden. Comau, de Fiat-dochter voor de robots die worden gebruikt bij de fabricage van auto's heeft het Amerikaanse Pico en het Franse Sciacky gekocht.

Verder heeft Fiat zijn rol in het veelbelovende verzekeringsbedrijf Toro versterkt en heeft het een reeks activiteiten afgestoten, zoals Snia (chemie) die niet essentieel worden geacht omdat ze niet direct te maken hebben met de produktie of het gebruik van auto's.

De resultaten van deze Fiat-dochters vormen een buffer die helpt om de problemen van Fiat-auto op te vangen. Maar die sector blijft het grote zorgenkind van Fresco. Het inzakken van de auto-verkopen in Brazilië en andere Latijns-Amerikaanse landen heeft geleid tot een felle prijsconcurrentie, waar Fiat zwaar onder heeft geleden. Ook het aflopen van de steunmaatregelen in Italië voor vervanging van auto's die ouder waren dan tien jaar, heeft negatief op het resultaat gedrukt.

In het jaarverslag staat dat de gevolgen van deze twee factoren ook de eerste helft van dit jaar voelbaar zullen blijven. De introductie van twee nieuwe modellen, een herziene versie van de Fiat Punto en de Lancia Lybra, moeten Fiat-auto een nieuwe impuls geven. Een ingrijpende herstructurering in Latijns Amerika moet de schade daar beperkt houden.

Toch voorspelt het jaarverslag; ,,1999 zal ook een moeilijk jaar zijn voor de Fiat-groep.'' Het zal moeite kosten de negatieve ontwikkelingen onder controle te brengen of ongedaan te maken. ,,Op de korte termijn wachten ons zware uitdagingen,'' schrijft Fresco. ,,Onze belangrijkste business, de auto, zal moeten wachten op de tweede helft van dit jaar om te beginnen met het benutten van al het potentieel van de nieuwe produkten.'' Dat moet de basis leggen voor een duidelijker herstel in het jaar 2000.

Het streven naar ,,concurrerende excellentie'' vormt de leidraad in de strategie. Vorig jaar nog zei Fiat dat het niet genoodzaakt was tot samenwerking en dat de auto-sector vooralsnog sterk genoeg was om op eigen kracht verder te gaan. Dergelijke uitspraken zijn nu wat minder te horen. Voorlopig kiest Fresco ervoor om de mogelijkheden aan te grijpen die zich voordoen op de markt, zonder bij voorbaat een strakke lijn uit te zetten en prioriteiten te stellen.

Gianni Agnelli heeft voorspeld dat de andere activiteiten van de Fiat-groep zich de komende jaren sneller zullen ontwikkelen dan Fiat-auto. Hij heeft eerder gezegd dat Fiat bij de grootste vijf autoproducenten ter wereld moet horen om te kunnen overleven. En dat impliceert dat Fiat-auto, net als de andere Fiat-dochters, op termijn samenwerking moet aangaan.