Zwijgen

We zitten op het terras van café Arrien, de Baskische schrijver, een vriendin en ik. Het is een warme avond, de bomen bloeien en bij de fontein is het vol kleine kinderen die rennen, dollen en rondedansjes maken. Daarachter ligt het nieuwe centrum, gebouwen in een pseudo-antieke stijl, rond 1950 neergezet door gevangenen uit de Burgeroorlog.

We praten over de `samenleving van zwijgen', de manier waarop Spanje probeert met het verleden om te gaan. ,,Mijn vader vertelde later alleen over de honger'', zegt de vriendin. ,,Nooit over de oorlog. Bijna alle goede boeken over Franco en de Burgeroorlog zijn door buitenlanders geschreven. Het blijft taboe.''

,,Mijn vader was een linkse politieke gevangene, mijn moeder een echte katholieke Baskische'', vertelt de schrijver. ,,Één keer kregen ze enorme ruzie, op een kerstavond. `Jullie communisten en anarchisten, jullie vermoordden de priesters en verkrachtten de nonnen!' schreeuwde mijn moeder. `Nog lang niet genoeg!' schreeuwde mijn vader. Dat was de enige keer.''

Aan de overkant hangt het vol leuzen: `Model A is genocide voor de Baskische taal!' `Donder op!' ,,Houdt het nooit op bij jullie?'' vraag ik. ,,De ETA is voorlopig gestopt'', zegt de schrijver. ,,Dat is geen stunt, daar is heel veel aan voorafgegaan, dat is vermoedelijk blijvend. Deze weg leidde niet verder. De moord op dat gemeenteraadslid. De aanslag op het Guggenheimmuseum, een Baskische instelling, een Baskische agent die erbij omkomt. Dat we zover waren gekomen''

De schrijver weet veel meer, dat is duidelijk, maar ook daarover zwijgt men verder bij Arrien.