Musea willen verdachte bezoekers kunnen weren

Na de vernieling van een Picasso zinnen musea en politici op maatregelen: bezoekers weigeren, doeken achter glas plaatsen of daders zwaarder straffen.

De museumwereld is geschokt over de aanslag zondag op Picasso's Vrouwelijk naakt voor tuin, in het Stedelijk Museum in Amsterdam, waarbij een gestoorde man het doek met een aardappelschilmesje aan flarden sneed. Maar museumdirecteuren zijn niet van plan musea in bastions te veranderen om dergelijke uitwassen te voorkomen. Een betere aanpak van vandalisme vinden zij nodig, maar niet ten koste van de openbaarheid van het cultuurbezit: een aanslag door een geestelijk gestoorde is nooit voor honderd procent te voorkomen.

,,Tragisch genoeg heeft openbaarheid zijn prijs,'' zegt een woordvoerder van staatssecretaris R. van der Ploeg van Cultuur. De bewindsman wil vaart achter de studie naar extra maatregelen tegen kunstvandalisme. Deze zouden vooral moeten liggen op het gebied van preventie en strafrecht. Het onderzoek is onder zijn voorganger A. Nuis in gang gezet na de vernieling van Barnett Newmans Cathedra in 1997, ook in het Stedelijk Museum. In overleg met de toenmalige minister van Justitie zou worden bekeken of het mogelijk was een museumverbod makkelijker te maken. Dat onderzoek is nog niet afgerond. Volgens de woordvoerder is onlangs besloten dat er aanvullend onderzoek nodig was, onder andere naar incidentenregistratie. De resultaten worden dit najaar verwacht.

De Nederlandse Museumvereniging (NMV) publiceert eind deze maand nieuwe bezoekersvoorwaarden voor musea. ,,Die houden in dat we mensen mogen weigeren en fouilleren als we vermoeden dat ze iets van plan zijn, of al eerder iets hebben gedaan,'' zegt NMV-directeur Annemarie Vels Heyn. De vereniging hield gisteren in Amersfoort een algemene ledenvergadering waar vijftig museumdirecteuren bijeen waren. Zij zien de aanslag volgens Vels Heyn ten dele als een bedrijfsrisico. Over de strafmaat voor daders willen de directeuren zich niet uitspreken. ,,Men vindt dat dat moet worden overgelaten aan het rechtssysteem,'' aldus Vels Heyn. ,,Kunstvandalisme is een internationaal probleem. Een museum moet toegankelijk zijn en zoveel mogelijk laten zien, aan de andere kant moeten we de kunstwerken beveiligen. Daartussen zit een spanningsveld. Incidenten zijn ten dele onvermijdelijk. Bovendien hebben maatregelen negatieve bijwerkingen. Als je net als op het vliegveld gefouilleerd wordt, maakt dat het museumbezoek tot iets onaangenaams.'' Volgens haar wijkt de situatie in het buitenland niet erg af van die in Nederland. ,,Als in Londen handtassen bij de entree worden gecontroleerd, is dat meestal omdat er duidelijke bommeldingen zijn geweest.'' De musea zijn er niet voor om schilderijen achter glas te zetten vanwege het kwaliteitsverlies, vooral bij moderne kunst.

Auteur en beeldend kunstenaar Jan Wolkers, die enkele malen zijn kunst door vandalen vernield zag, is ook tegen bescherming door glas. ,,Juist als kunstenaar weet je hoe belangrijk het directe contact is met het materiaal, het kunstwerk. Daar moet eigenlijk geen glasplaat tussen zitten. Ik zou het zeer betreuren, maar als er een paar psychopaten niet van de schilderijen af kunnen blijven, ontkom je er uiteindelijk niet aan. Het is weerzinwekkend dat een klein aantal mensen die destructief op schoonheid reageren het verpesten voor zoveel kunstliefhebbers. Ik denk ook dat er hogere straffen gegeven moeten worden. Niet dat ik gelijk wil dat de handen er worden afgehakt, zoals in Arabische landen gebeurt. Maar mensen komen er te makkelijk van af.''

D66-Kamerlid Boris Dittrich pleit wel voor kunst achter glas. ,,Schilderijen moeten absoluut beter beschermd worden. Je kunt daarvoor niet-spiegelend glas gebruiken, dat niet de intensiteit van het schilderij aantast. Maar het is erg duur. We zouden moeten beginnen met de topstukken.'' Als voorbeeld noemt hij het Haags Gemeentemuseum. Daar zitten de meeste Mondriaans en andere kostbare werken achter niet-spiegelend glas. Volgens een museumwoordvoerder zie je het nauwelijks, maar wordt het doek toch iets minder zichtbaar.

Dittrich is ook voor hogere straffen voor het vernielen van openbaar kunstbezit. ,,In Italië bijvoorbeeld gebeurt dat ook. Daarmee breng je tot uitdrukking dat je het als maatschappij erg vindt dat kunst wordt vernield en komende generaties het genot ervan wordt ontnomen. Nu staat er een straf van maximaal een jaar op het vernielen van goederen, ongeacht of het een bushaltehokje betreft of een schilderij. Dat betekent dat je verdachten niet in voorlopige hechtenis kunt nemen, dat kan alleen als ze een misdrijf begaan waar minimaal vier jaar op staat. Ik pleit er niet voor om op het vernielen van kunst een straf van vier jaar te zetten, maar je zou een uitzonderingsbepaling kunnen maken. Overigens is dit geen oplossing voor psychisch gestoorden. Die trekken zich niets aan van de strafmaat.''

Beter beveiligen kan wel, vindt hij. ,,In het Rijksmuseum liepen dit weekeinde toeristen met hun rugzak nog op. Het gaat een beetje ver om overal detectiepoortjes te plaatsen, maar bij de ingang kan dat wel. En het afgeven van tassen en jassen lijkt met het eerste om mee te beginnen.''