Exit Netanyahu

TOT ZOVER BENJAMIN NETANYAHU. De Israelische kiezers hebben korte metten gemaakt met hun premier. Netanyahu had het er ook naar gemaakt. Een leider was gevraagd, maar hij bleek uiteindelijk niet meer dan een opportunist die het ene gat met het andere stopte met als enige doel om aan de macht te blijven. Ministers, zo ging het verhaal, gingen alleen nog in gezelschap van hun advocaat bij hem langs omdat ze anders zijn toezeggingen niet konden verzilveren. Het beste dat nog van zijn bewind kon worden gezegd was dat hij het Israelische vredesproces met de Palestijnen niet heeft kapotgemaakt. Of misschien is zelfs dat nog te veel eer. Misschien heeft het vredesproces bewezen inmiddels zo taai te zijn dat het zelfs een Netanyahu aankon.

De in het vredesproces geïnteresseerde buitenwereld hoopte openlijk op een nederlaag van Netanyahu. De Verenigde Staten, peetvader van het vredesproces en als zodanig herhaaldelijk publiekelijk geschoffeerd door de Israelische premier, lieten dat duidelijk uitkomen in de manier waarop zij ex-Likudminister Yitzhak Mordechai fêteerden die met zijn nieuwe Centrumpartij expliciet uit was op het neerslaan van Netanyahu. Het blijkt ook uit de verheugde reacties op de overwinning van oppositieleider Ehud Barak.

OP ZICHZELF IS hier wel enige behoedzaamheid op haar plaats. Met de verkiezing van ex-stafchef Barak is het niet meteen vrede. Hij staat bepaald niet als duif bekend. Ook bij hem staat veiligheid voor Israel vanzelfsprekend op de eerste plaats, en Jeruzalem is ook voor hem ondeelbaar. Netanyahu was ongeloofwaardig toen hij aan de vooravond van de verkiezingen waarschuwde dat het bestaan van de staat Israel op het spel stond als Barak zou worden gekozen.

Vaak wordt vergeten dat Baraks grote voorbeeld, wijlen premier Yitzhak Rabin, niet de belichaming van een vredesduif was. Maar het doorslaggevende verschil was dat Rabin wel in vrede geloofde, terwijl Netanyahu eerder de indruk wekte tegen zijn werkelijke overtuiging in te zijn gedwongen tot elke stap die hij op het vredespad zette. Dat leidde ertoe dat elk met de Palestijnen gesloten akkoord onmiddellijk werd uitgekleed en gesaboteerd. Van uitvoering van het meeste recente, het Akkoord van Wye Plantation, is helemaal niets meer gekomen.

Het staat vast dat onder een voortgezet bewind van Netanyahu weinig terecht zou zijn gekomen van de buitengewoon moeilijke onderhandelingen over de definitieve regeling van het Israelisch-Palestijnse conflict die nu gaan beginnen. Met Barak, die bijvoorbeeld niet afhankelijk is van steun van de onverzettelijke kolonisten, is er tenminste een kans dat voor kwesties als de toekomst van Jeruzalem, het lot van de joodse nederzettingen of het Palestijnse vluchtelingenprobleem een oplossing wordt gevonden. Binnen een jaar, zoals de VS begin deze maand de Palestijnen hebben beloofd om hen af te houden van de uitroeping van een Palestijnse staat.

HET VREDESPROCES is overigens maar één van de problemen die Netanyahu zijn opvolger nalaat. Zo is daar de groeiende tegenstelling tussen seculiere en (ultra-)religieuze joden, die volgens bezorgde Israeliërs in een werkelijke burgeroorlog kan ontaarden. Voor de Palestijnen en de VS en Europa moge het vredesproces het belangrijkste onderwerp van deze verkiezingen zijn geweest, voor veel kiezers was dat de godsdienstkwestie. Een belangrijke consequentie van deze verkiezingsuitslag is dat voor het eerst sinds lange tijd de ultra-orthodoxe partijen niet onontbeerlijk zijn voor een levensvatbare regeringscoalitie. Ondanks de grote verkiezingswinst van de Shaspartij is hun positie daarmee toch verzwakt: geen effectieve ultra-orthodoxe pressie meer.

Maar net als Netanyahu zal ook Barak moeten regeren met een bont gezelschap coalitiepartners. Want de versnippering van de Israelische politiek heeft zich doorgezet: de twee grote partijen, Likud en Baraks Arbeidspartij, hebben opnieuw verloren en niet alleen Shas maar ook een ongekende veelheid aan andere partijen hebben daarvan geprofiteerd. Alleen een sterke leider kan daarmee uit de weg. Barak mag nu aantonen dat hij die leider is.