Texas

Sharleen Spiteri is de Kees van Kooten van de popmuziek: ze is erg goed in het nadoen van typetjes. Was de zwartharige Schotse op de hitsingle You Can Say What You Want (samen met Ol' Dirty Bastard) een stoer hiphop-meisje, op haar nieuwe plaat doet ze een treffende Diana Ross-vertolking. Het nummer When We Are Together is in zijn geheel opgezet als Supremes-pastische – met gitaar-accenten op de klemtoon, klappende drums en het schelle, met metalige echo opgesierde stemmetje van Spiteri. Maar Spiteri's Ross-versie ontbeert het belangrijkste: de natuurlijke sensuele klank. En dat geldt voor meer punten van Texas' nieuwe plaat, Hush. Er wordt hier van alles geprobeerd, en soms lukt het bijna, maar echt overtuigend is het niet.

Texas raakt steeds verder af van hun oorspronkelijke rock-achtige geluid, de groep klinkt nu licht en soms zelfs iel. Spiteri heeft in de meeste nummers een dun geluid dat desondanks pregnant is. Want ze zingt heel mooi zuiver, met een statig timbre. De transparante begeleiding, van subtiele gitaar en vioolklanken, omlijsten haar op een evenzeer smaakvolle manier. Maar steeds vraag je je af wanneer er nou ergens een angel blijkt te zitten: een tactische draai aan een liedje, een onverwachte instrumentatie. of een vocale uitbarsting. Hush is nu veel te netjes.

Texas. Hush (Universal 538 972-2)