Gewapend bestand

PRESIDENT JELTSIN kan nog een jaar regeren over Rusland. De afzettingsprocedure is zaterdag in de Doema gesneuveld. De communisten konden, mede omdat een kwart van de afgevaardigden bij de stemming verstek liet gaan, de grondwettelijk vereiste tweederde meerderheid niet verzamelen. Jeltsin heeft nu een goede uitgangspositie om generaal Stepasjin met succes als premier door de volksvertegenwoordiging te loodsen.

Maar dat wil niet zeggen dat de overwinning van Jeltsin ook een overwinning is. De nederlaag van de communisten in de Doema betekent vooral dat de verkiezingscampagnes voor het parlement en voor het presidentschap al zeven respectievelijk dertien maanden eerder dan voorzien zijn begonnen. Dat is veel te vroeg, gelet op de financieel-economische crisis in Rusland en het onvermogen van Moskou om in het buitenland constructieve politiek te bedrijven.

NOG BELANGRIJKER is dat de politieke agenda in Rusland sinds zaterdag onduidelijker is dan toch al gebruikelijk. Beoogd premier Stepasjin heeft laten weten dat hij het beleid van zijn voorganger Primakov zal continueren. Maar in de samenstelling van zijn regering zal hij toch concessies moeten doen. Bijvoorbeeld aan de rapaljepartij van Zjirinovski, die zich zaterdag heeft opgeworpen als de belangrijkste bondgenoot van het Kremlin en daarvoor wellicht beloond zal worden met een ministerspost. Bovendien lijkt Jeltsin er zijn zinnen op te hebben gezet de communistische partij een laatste slag toe te brengen. De president wil daartoe de kieswet veranderen, en wel zo dat er geen politieke partijen meer mogen meedingen naar de kiezersgunst maar alleen individuele kandidaten. De communisten kunnen dat niet over hun kant laten gaan. Of de nieuwe coalities buiten de Doema, gedomineerd door burgemeester Loezjkov van Moskou, daarbij wèl belang hebben, moet bovendien nog blijken. De politieke loopgraven in Rusland blijven komend jaar dan ook overbevolkt.