Borell gaat heen: geen bloemen, geen toespraken

Ex-premier Felipe González kreeg gelijk: zijn opvolger als partijchef Borrel had een `onderkaak van glas'. Daarmee is de socialistische partij niet uit de problemen.

Geen bloemen, geen toespraken. Het lijsttrekkerschap voor de socialistische partij van José Borrell, die afgelopen vrijdag zijn vertrek aankondigde, werd dit weekeinde door zijn partijgenoten op uiterst sobere wijze ten grave gedragen. Terwijl de campagne voor de gecombineerde Europese en lokale verkiezingen in volle gang zijn, klonk een luidruchtig zwijgen over het plotselinge vertrek van de man die nog zo kort geleden hun partijleider was. Een donderende stilte eveneens over de hamvraag in socialistische kring: wie wordt de nieuwe lijsttrekker?

De enige die een aardig woordje zei over Borrell – die opstapte wegens een fraude-kwestie waarbij voormalige medewerkers waren betrokken – was voormalig partijleider Felipe González. Voor de gelegenheid gestoken in een sportief spijkerhemd, richtte de voormalig staatsman tijdens een verkiezingsoptreden in Toledo een solidaire groet aan het adres van zijn ,,hartsvriend''. Of de hartsvriend in kwestie deze geste kon waarderen, valt te betwijfelen. Was het immers niet González die vorig jaar bij de benoeming van Borrell had georakeld dat de nieuwe lijsttrekker ,,een onderkaak van glas had'', die bij de eerste de beste politieke dreun aan gruzels zou worden geslagen?

Van het begin af aan was het lijsttrekkerschap van Borrell een opeenstapeling van problemen. Op het eerste gezicht leek de man die in de schoenen van González de Grote kwam te staan alles mee te hebben. Borrell is intelligent, sportief, drinkt en rookt niet en is eerlijk als goud. Van bescheiden komaf, door hard werken zowel afgestudeerd als vliegtuig-ingenieur en econoom. Ruime ervaring als staatssecretaris en minister onder González. Dat hij als het beste jongetje van de klas af en toe wat gelijkhebberig en inflexibel uit de hoek kwam, werd door de partij-aanhang op de koop toe genomen.

Maar binnen de gestaalde kaders van de partij kon men al direct bij aanvang zijn bloed wel drinken. Borrell bestond het namelijk om zich min of meer op eigen houtje kandidaat te stellen bij de voorverkiezingen van het lijsttrekkerschap. Het was de eerste maal binnen de partij (en binnen heel Spanje) dat de gewone leden hun lijsttrekker konden kiezen. Dit experiment pakte akelig uit voor de partijleiding. In een ommedraai die weinig anders gezien kon worden als een roep om een drastische vernieuwing van het partijkader – hetzelfde kader dat verantwoordelijk was voor een regen aan socialistische schandalen – werd González's kroonprins Joaquín Almunia weggestemd.

Een slopende competentiestrijd volgde tussen Borrell en Almunia, die aanbleef als partijsecretaris. Op van de zenuwen liet Borrell zijn optreden in het belangrijke jaarlijkse kamerdebat over de staat van de natie in de soep lopen, omdat er teveel herrie kwam uit de banken van de regeringspartij.

Verreweg zijn beste optreden was de persconferentie waarin Borrell afgelopen vrijdag zijn vertrek aankondigde. Weliswaar aangeslagen, maar beheerst en waardig verklaarde de scheidende lijsttrekker dat hij een voorbeeld wilde geven in het door corruptie kaalgeslagen landschap van de Spaanse politiek. Hij had een beoordelingsfout gemaakt door ooit twee hoge belastingambtenaren te benoemen. Die moesten helpen bij het vestigen van een nieuwe, frisse belastingmoraal, maar hebben naar nu blijkt zelf op ruime schaal steekpenningen binnengehaald. Borrell nam zijn politieke verantwoordelijkheid en trad af.

Zo kreeg Felipe González alsnog gelijk: José Borrell bleek niet in staat om in de haaienvijver van de politiek het hoofd boven water te houden. Die wijsheid neemt niet weg dat de socialisten na een jaar van intern gekibbel weer terug zijn bij af: geen nieuwe leider, geen vernieuwing van het kader. De opvolgingskwestie is voorlopig uitgesteld tot na de verkiezingen van 13 juni. De partijleiding kiest dan weer zelf een leider.

De hoogste ogen scoort alsnog partijsecretaris Joaquín Almunia. González moedigde gisteren vanaf het spreekgestoelte zijn kroonprins aan ,,orde op zaken'' binnen de partij te brengen. De gedoodverfde opvolger – in de ogen van velen een grijze partijmuis – liet het uitgesproken vertrouwen beduusd over zich heen komen. Als mogelijke kandidaat wordt eveneens José Bono genoemd, een partijbaron die al twintig jaar de scepter zwaait over de regio Castilla-La Mancha.

En dan is er nog altijd Felipe González zelf. González zat gisteren achter het stuur van de auto die hem en José Bono in Toledo bracht. Als eerste, de secretaris en partijbaronnen op gepaste afstand, schreed hij de zaal in. ,,Presidente, presidente'', klonk het uit het publiek.