Iedere Palestijn wil wel een taxfree auto

Op een avond, begin april, rinkelde bij Hatem thuis de telefoon. Het bleek een oude kennis te zijn, die voor een van Arafats veiligheidsdiensten werkt. Hatem, een fatsoenlijke, keurig geklede universitaire docent die voor geen goud met zijn echte naam in de krant wil om redenen die hieronder zullen blijken, kreeg van hem een coupon te koop aangeboden. Een coupon om een taxfree auto aan te schaffen.

Het Palestijnse Gezag geeft deze coupons aan alle Palestijnen die uit ballingschap terugkeren om een functie bij de overheid te bekleden. Het is een soort tegemoetkoming in de kosten die velen van hen moeten maken om naar het moederland terug te keren en een nieuwe huishouding te beginnen. Binnen een jaar moet de auto zijn aangeschaft.

Belastingvrij auto's kopen is zeer aantrekkelijk: de importbelasting die Israel op auto's heft, is ongeveer honderd procent, en de Palestijnse autoriteiten moeten zich aan dezelfde tarieven houden, plus nog iets erbovenop voor de Palestijnse staatskas. Met een coupon betaal je de helft van wat je anders voor een auto moet betalen.

Geen wonder dat veel Palestijnen die hier altijd hebben gewoond, scheelzien van jaloezie. Tot in het parlement toe zijn er over dit gebruik kritische vragen gesteld – vooral ook omdat er ook coupons zijn om huisraad, satellietschotels en andere benodigdheden voor de halve prijs te verkrijgen.

Hatem was een van de velen die meenden dat dit privilege overbodig is, zeker omdat de meeste Palestijnse functionarissen ook al tal van andere voordelen genieten: mobiele telefoons, goedkopere reizen naar het buitenland, en niet zelden ook een auto van de zaak.

Maar juist omdat veel recent naar Palestina teruggekeerde functionarissen al een auto van de zaak hebben, waarmee ze ook privé kunnen rondrijden, zitten ze met die coupon in hun maag. Die coupon is voor hen waardeloos, maar voor anderen een felbegeerd bezit. Vandaar dat de veiligheidsfunctionaris Hatem belde en hem de auto-coupon voor 2.000 dollar aanbood.

Hatem vroeg een dag bedenktijd. De transactie ging tegen zijn principes in. Maar zijn vrouw, die een nieuwe auto nodig heeft, had een paar dagen daarvoor bijna een in Israel gestolen auto van een politie-agent gekocht voor 4.000 dollar. Ze had het Hatem verteld, en hij had geroepen: ,,Geen sprake van! Zo word je medeplichtig aan diefstal. En trouwens, je kunt er alleen maar in de stad mee rijden, want even buiten Ramallah staan Israelische agenten die tegenwoordig auto's onderzoeken op hun herkomst.''

,,Ja maar'', had zijn vrouw tegengeworpen, ,,iedereen doet het''! Zij vond het handig, om boodschappen te doen en de kinderen naar school te brengen. Zij hoeft niet zonodig de stad uit met een auto. Bovendien verdient ze als parttime onderwijzeres niet genoeg om zomaar een nieuwe auto te kopen.

Kortom, een dag later belde Hatem de veiligheidsfunctionaris terug met de mededeling dat hij de coupon wilde kopen. ,,Dit is minder abject'', vindt hij, ,,dan een gestolen auto kopen.'' Hij ging diezelfde avond naar de man toe om hem cash 2.000 dollar te overhandigen.

Toen zag hij de coupon. Die stond op naam van de veiligheidsfunctionaris. Geen probleem, zei de functionaris, we gaan samen naar het ministerie van Financiën om mijn naam in de jouwe om te zetten. Omdat de coupons vroeger niet op naam werden uitgegeven, werden ze helemaal geregeld ondershands verkocht. Toen de autoriteiten daar achter kwamen, en zich realiseerden dat zij door die praktijk belastingontvangsten misliepen, verschenen er namen op de coupons. Sindsdien moet het ministerie van Financiën ook verifiëren of de auto daadwerkelijk wordt aangeschaft door de juiste persoon. Zelfs een rechtmatige couponeigenaar kan geen belastingvrije auto kopen zonder het stempel van de minister van Financiën op de coupon.

Hatem rook onraad. Maar ze gingen naar het ministerie en de zaak kon, verzekerde men hem daar, geregeld worden.

De coupon ligt daar nu al ruim een maand, en hij heeft nog steeds geen nieuwe coupon ontvangen waar zijn naam op prijkt. Wel werd hij vorige week ineens gebeld door het ministerie. Een lagere ambtenaar zei: ,,Ik begrijp dat u de coupon van meneer X. wilt overschrijven op uw naam. Maar de stapel op het bureau van de minister is heel hoog. Allemaal eendere gevallen, ziet u. Als u mij duizend shekel (ongeveer 450 gulden) betaalt, leg ik hem bovenop de stapel.''

Als de tijd niet zou dringen, had Hatem misschien gewacht tot zijn coupon vanzelf bovenop de stapel was aangeland. Maar de coupons, die eens per jaar worden verstrekt, lopen allemaal eind juni af. ,,Wat'', dacht hij, ,,als ik voor eind juni nog niet aan de beurt ben? Dan ben ik mijn 2.000 dollar ook kwijt.'' Dus besloot hij om te betalen.

Nu, tien dagen later, heeft hij nog steeds geen nieuws. Of het moest zijn dat hij de laatste paar dagen al door drie andere functionarissen is benaderd die hem auto-coupons te koop aanboden. Wegens de spoedige vervaldatum gaan de prijzen, helaas voor Hatem, ook omlaag. Het laatste bod, gisteren, was 1.300 dollar voor een coupon.

Hatem is de laatste weken alleen maar in zijn overtuiging gesterkt dat het Palestijnse Gezag er puur is om mensen geld uit de zak te kloppen. Wat hem echter nog het allertreurigst maakt, is dat hij weet dat hij een figuur slaat als hij die mening hardop blijft uitdragen.