De resten van Alexander Katan

Alexander Katan werd niet vergast, zoals de andere joden in het Oostenrijkse kamp Mauthausen. Hij kreeg een injectie in het hart. De nazi's maakten een onderzoeksobject van hem. De zoon probeert nu het skelet van zijn vader terug te vinden. Met tegenwerking van Oostenrijk.

Alphons Katan besloot pas laat in zijn leven Mauthausen, het Oostenrijkse concentratiekamp waar zijn vader is vermoord, op te zoeken. Hij was twaalf jaar toen zijn ouders werden weggevoerd. ,,Een bezoek aan de plaats waar ze stierven heb ik onbewust voor mij uitgeschoven. Maar in 1994 was ik blijkbaar zo ver.' Katan nam contact op met de Stichting Vriendenkring Mauthausen in Amsterdam die jaarlijks een reis organiseert. Op een kennismakingsbijeenkomst keek hij een boekje van het Oostenrijkse ministerie van Binnenlandse Zaken in. ,,Het eerste wat ik daarin zag waren foto's van mijn vader. Daar stond hij, in al zijn afhankelijkheid, in zijn gevangenispak voor een barak. In de Duitse tekst was te lezen dat hij `skeletteert' is, een afschuwelijk cynische term. Ze hebben mijn vader, die de Engelse Ziekte had in een tijd dat er nog geen medicijnen tegen bestonden, gedood en zijn skelet als studieobject gebruikt.' Alexander Katan werd niet als alle anderen vergast, maar door een injectie in het hart vermoord.

De ontdekking van foto's van zijn vader in een brochure over Mauthausen was niet de enige shock. In het museum van het kamp bleken grote foto's van Alexander Katan - levend in gevangenispak, naakt en als skelet - te hangen. Het was de Vriendenkring Mauthausen niet gelukt om de Oostenrijkse autoriteiten over te halen de foto's nog voor het bezoek van de Nederlandse delegatie te verwijderen. ,Het was een volkomen onwerkelijk moment. Je vader wordt op reusachtige foto's tentoongesteld en massa's mensen lopen daar meer of minder geïnteresseerd aan voorbij. Ik vind het misdadig om zulke foto's op te hangen zonder dat er ook maar enige navraag is gedaan of er nakomelingen zijn die daarmee akkoord gaan. Het getuigt niet van respect voor de slachtoffers', zegt Katan. Vanaf het moment van deze ontdekkingen begon voor de zoon een zoektocht naar het skelet van de vader. Daarnaast probeerde Alfons Katan de foto's uit het museum inclusief de negatieven van de Oostenrijkse overheid terug te krijgen.

Gevangene 13.992

Alexander en Julia Katan woonden in Leeuwarden waar Alexander als docent en tolk werkte. Toen de Duitse bezetter de jodenster invoerde, weigerde het echtpaar die te dragen. Dat leverde problemen met de Duitsers op en uiteindelijk werden de echtelieden kort na elkaar opgepakt en naar de strafgevangenis in Leeuwarden gebracht. Julia Katan-Elze werd naar Ravensbrück en uiteindelijk naar Auschwitz gedeporteerd, haar man kwam via kamp Amersfoort in Mauthausen terecht. Dit Oostenrijkse kamp was kleiner dan Auschwitz maar deed wat wreedheden betreft er niet voor onder. Mauthausen had ook 49 Nebenlager, buitencommando's, in heel Oostenrijk. Vanaf 1941 kwamen Nederlandse gevangenen naar Mauthausen waar zoals in alle kampen een strenge hiërarchie heerste. Politieke gevangenen werden iets beter behandeld en kregen soms ook functies in het bureaucratisch apparaat. Joden en Russen waren zelfs van de medische behandeling uitgesloten. Daar tussenin stonden de zogenaamde asocialen zoals prostituées en zwervers, verder homoseksuelen, Jehovas-getuigen en criminelen. In deze kampgemeenschap nam Alexander Katan, Gevangene 13.992, een speciale plaats in. Hij stond bekend als een zeer intelligente man die zeven talen sprak en door zijn medegevangenen `de professor' werd genoemd. Zijn geringe lichaamslengte - Katan was amper een meter lang - en zijn gebogen botten wekten de interesse van de Rassenforscher - de `rassenonderzoeker' die in elk kamp aanwezig was.

Direct naast Mauthausen lag het buitencommando Gusen waar een eigen pathologische afdeling met een museum was ingericht. Het museum was vol met zogenaamde preparaten: menselijke ledematen of organen op sterk water. De ook in de huidige wetenschap gebruikte term preparaat reduceert het stoffelijk overschot tot een voorwerp - de naar de pathologische afdeling gebrachte lijken veranderden van vermoorde gevangenen in preparaten. Gusen was beroemd om zijn `huidpreparaten'. De SS-artsen hadden een bijzondere voorkeur voor getatoeëerde huid. Gevangenen met een interessante tatoeage werden meteen gedood en hun huid aan de collectie toegevoegd. De kampen werden bovendien bezocht door wetenschappers van de volkskunde-instituten. De onderzoekers konden kiezen welke gevangenen ze als skelet mee wilden nemen. De gevangenen waren voor de SS-artsen ideale onderzoeksobjecten. Op hun mochten experimenten worden uitgevoerd: injecties met diverse vloeistoffen, operaties aan ogen en ledematen maar vooral aan organen.

Josef Herzler, een gevangene die de aan hem uitgevoerde experimenten overleefde, vertelde in 1967 aan medewerkers van het Archief van het Museum Mauthausen (AMM) dat Alexander Katan voortdurend door SS-artsen, ook uit andere kampen, werd bekeken. Op 27 januari 1943 werd Katan in Gusen - vermoedelijk door SS-arts Gross - vermoord. Volgens historicus en Mauthausen-onderzoeker Florian Freund werd het skelet geprepareerd en aan de SS-Ärztliche Anatomie in Graz gestuurd. Freund verwijst naar een schrijven van kamparts Eduard Krebsbach, die op 23 juli 1943 aan het instituut in Graz schreef: ,,In de bijlage zend ik u twaalf fotografieën van de jood wiens skelet reeds in uw bezit is. Ik verzoek u deze foto's absoluut vertrouwelijk te behandelen. Ze mogen onder geen enkel beding in de openbaarheid komen. Ik voeg ook de rekening bij en verzoek om snelle betaling.' Freund is er zeker van dat Krebsbach daarmee naar Alexander Katan verwees omdat er geen ander geval van een gevangene bekend is die gefotografeerd en geprepareerd werd. Krebsbach overleefde de bevrijding van Mauthausen en vertelde de hem verhorenden Amerikanen dat hij géén misdaden had gepleegd: ,,Het is bij de mensen net als bij de dieren. Dieren die mismaakt ter wereld komen, worden meteen gedood. Alleen al uit humanitaire overwegingen zouden wij dat bij mensen ook moeten doen, daarmee zou veel ellende kunnen worden voorkomen.'

Verraders

De foto's van Alexander Katan werden gemaakt door een Spaanse gevangene, Juan de Diego. ,,De SS liet vaak foto's maken, van executies, zelfmoorden en tijdens een vluchtpoging neergeschoten gevangenen', vertelt Hans Marsálek, die Mauthausen overleefde. Marsálek richtte na de oorlog de Kampgemeenschap Mauthausen op - analoog aan de Vriendenkring Mauthausen. ,,De Diego leverde niet alle filmrolletjes bij de SS in maar smokkelde met de hulp van landgenoten ook materiaal naar buiten. Jonge Spanjaarden die in de steengroeve werkten, werden 's morgens en 's avonds door het dorp gedreven. Daarbij kwamen ze in contact met de bevolking. De familie Poltner had twee mooie dochters en de SS-mannen maakten graag een praatje met deze meisjes. Terwijl de dochters de SS-ers afleidden stopte hun moeder de gevangen eten toe. Aan haar gaven de gevangenen ook negatieven van de Diego die hij na de oorlog kwam halen. Hij ging naar Parijs en deed goede zaken met deze filmrollen. Ik vond dat niet geweldig, maar hij heeft de foto's destijds onder gevaar voor zijn leven gemaakt en het kamp uit gesmokkeld dus niemand kon hem verbieden ze te verkopen. Voor ons museum kregen we de foto's trouwens gratis.' Marsálek was een politieke gevangene en zat vast in het kantoor. ,,Ik heb Alexander Katan nooit gesproken maar ik zag hem wel als hij weer door de blokoudste, Herr Liese uit Hamburg, het kantoor werd binnen gebracht om aan bezoekers getoond te worden.'

Marsálek was de drijvende kracht achter het kampmuseum en medeverantwoordelijk voor het ophangen van de foto's van Katan. Zijn grote angst is dat er steeds meer bewijzen van de nazi-gruwelen verdwijnen. ,,Eerst kwamen de kinderen van de misdadigers die ons wilden verbieden foto's van hun vaders te tonen! Papa in SS-uniform wilden ze liever niet zien', roept Marsálek geëmotioneerd. ,,En nu komen de kinderen van de slachtoffers en die willen ook foto's weghalen. Straks is er niets meer over!' Dat deze angst niet helemaal onterecht is bevestigen historici, die zich met de geschiedenis van Mauthausen bezig houden. ,,Dat Marsálek heel emotioneel wordt als foto's weggehaald moeten worden, is vanuit zijn positie begrijpelijk', zegt Mauthausen-onderzoeker Florian Freund. ,,De overlevenden hadden het erg moeilijk na de bevrijding. Ze werden als verraders beschouwd en het heeft lang geduurd voordat ze maatschappelijk geaccepteerd werden. Als er staatsbezoek kwam werden ze trots gepresenteerd als Oostenrijkse verzetsstrijders maar daarna werden ze gewoon weer vergeten. Dat Mauthausen niet is gesloopt is alleen hun verdienste. Ook voor de oprichting van het museum hebben ze hard moeten vechten. Het is pas in 1970 geopend. Dat museum is hun levenswerk.'

Marsálek was niet de enige die het er moeilijk mee had dat Alphons Katan de foto's opeiste. Ook anderen vreesden dat Katan foto's en negatieven zou vernietigen. ,,Volgens mij is er in de communicatie een en ander mis gegaan', zegt Florian Freund. ,,Ik heb óók met meneer Katan gesproken en hij heeft op zich geen bezwaar tegen het wetenschappelijke gebruik van de foto's. Als hij om toestemming zou zijn gevraagd, was de hele zaak ook nooit geëscaleerd.'

Freund verwijst naar de moeizame correspondentie tussen Katan en het Oostenrijkse ministerie van Binnenlandse Zaken. Katan was verbijsterd dat hij geen antwoord kreeg op herhaalde verzoeken om het skelet en de foto's van zijn vader in bezit te krijgen en `rappelleerde'. De overheid in vorm van Dr.Dr. Fischer, hoofd van de Gedenkplaats Mauthausen op het ministerie van Binnenlandse Zaken, was op zijn beurt verbijsterd. Een burger die een antwoord opeist van een hoge ambtenaar, is een uitzonderlijk geval in Oostenrijk. Koel liet Fischer weten - na zes maanden en steeds scherpere brieven van Alphons Katan - dat aan diens wensen niet kon worden voldaan, het museum had immers een Bildungsauftrag en de foto's waren voor de uitvoering van deze pedagogische opdracht essentieel. De negatieven konden ook niet worden overhandigd aangezien niemand wist waar ze waren, aldus Fischer. Pas na druk van onder meer Simon Wiesenthal en vijftien schriftelijke en tien mondelinge contacten van de Nederlandse ambassade werden de foto's vrij gegeven. Ook de negatieven werden ineens gevonden. Aan de teruggave werd echter een voorwaarde verbonden. Alphons Katan zou een verklaring moeten ondertekenen waarin hij bevestigde dat aan al zijn wensen was voldaan en hij geen verdere eisen meer zou stellen, liet Dr. Fischer aan de door Katan inmiddels ingeschakelde advocaat weten. Het skelet van Alexander Katan bleef onvindbaar en het ministerie van Binnenlandse Zaken wilde kennelijk een punt achter deze lastige zaak zetten. Overigens heeft Katan de verklaring nooit ondertekend.

Massagraf

Intussen had de medische faculteit in Wenen een Commissie van historici ingesteld die de uit de nazitijd overgebleven preparaten moest onderzoeken. Twee leden van deze commissie, Wolfgang Neugebauer, directeur van het Documentatie-archief van het Oostenrijks Verzet, en Gustav Spann, docent aan het Instituut voor Eigentijdse Geschiedenis, waren geïnformeerd over het lot van Alexander Katan en combineerden hun onderzoek met een zoektocht naar diens skelet. Zij kregen toestemming om het hele Anatomische Instituut in Wenen naar het stoffelijk overschot van Alexander Katan af te zoeken. Alle skeletten werden met de foto's van hem vergeleken. Omdat de term Engelse Ziekte vroeger voor diverse ziektebeelden werd gebruikt en medici op grond van de groei van de boten geloven dat Katan niet aan Rachitis (een tekort aan vitamine D) maar aan Chondrodystrophie (een aangeboren stofwisselingsziekte) leed, werden de historici tijdens hun zoektocht door een arts begeleid. Naast de aanwezige skeletten werden verder ook de preparaten - losse botten en schedels van onbekenden - onderzocht maar ook dat leverde niets op. ,,Een keer dachten we dat we Alexander Katan hadden gevonden', vertelt Wolfgang Neugebauer. ,,Het skelet leek bij de foto te passen, maar onderzoek wees uit dat de beenderen uit de vroege 19e eeuw afkomstig waren.'

Waarom zochten Neugebauer en Spann in Wenen als het laatste spoor - de brief van Krebsbach - naar Graz verwijst? ,,Toen de geallieerden Graz naderden werd de SS Medische Academie leeggehaald en zoveel mogelijk bewijsmateriaal vernietigd. Wij vermoeden dat een deel van de administratie en de preparaten naar andere adressen werden gebracht. De lijken werden snel in een massagraf gestopt', aldus Gustav Spann. ,,Wij weten dat tenminste een deel van de Grazer collectie naar Wenen werd gestuurd maar het registratieboek dat inzicht had kunnen geven wat wanneer binnenkwam, lag in een gedeelte van het instituut dat door een bom was verwoest. Een ander ernstig probleem is dat in de nazitijd, maar ook nog na de oorlog, de handel in botten en schedels floreerde. De kans dat we het stoffelijk overschot van Alexander Katan nog vinden is dus uitermate klein', zegt Spann.

Uit een artikel van een Duitse historicus uit 1987 blijkt dat de leider van het Anatomische Instituut in Wenen, Josef Wastl, een buitengewoon fanatieke verzamelaar van `joods onderzoeksmateriaal' was. Tussen 1942 en 1943 liet hij op het joodse kerkhof zelfs lijken opgraven om zijn collectie met 220 joodse skeletten uit te breiden. Wastl bestelde ook ,,Schedels van Polen, jodenschedels en zoveel mogelijk gipsafdrukken van joden uit het oosten,, bij het anatomisch instituut in Poznan. Dit instituut bood `jodenschedels' voor 25 Reichsmark aan en informeerde naar ,,bijzondere wensen van de kopers'. Wat wilden ze? Mannen, vrouwen, welke leeftijdsgroep? ,,Polenschedels van kinderen en jongeren kan ik voorlopig niet leveren', liet de preparatoor weten. Toen de man aan tyfus overleed was Wastl vooral bezorgd of hij de bestelde schedels nog had `afgekregen'.

In Graz onderzoekt Alois Kernbauer, directeur van het universiteitsarchief, de geschiedenis van de universiteit in de nazitijd. ,,Wij hebben nog af en toe problemen met de bescherming van persoonlijke gegevens. Sommige van de betrokken personen leven nog en dan mag het archiefmateriaal niet worden gebruikt', aldus Kernbauer die zegt tot nu toe geen enkel spoor van Katan gevonden te hebben. ,,Ik heb zelfs nog niet één document over de SS Medische Academie in Graz gevonden. In Praag zijn twee dunne mapjes. In deze aantekeningen staan vooral disciplinaire straffen vermeld die aan de SS-ers werden opgelegd. Er zit niets substantieels in. De hele SS Academie stelde trouwens niets voor. Ze begonnen met 200 studenten en in totaal hebben er twintig de studie afgesloten.' Kortgeleden vertelde iemand hem nog dat er twee kasten vol met materiaal op de zolder van de vroegere SS Academie stonden. Had hij die dan nooit gezien? ,,Ik ging er meteen op af en mocht van die nieuwe eigenaren alles afzoeken - ik heb niets, maar ook helemaal niets kunnen vinden. Soms word je moe van al die sterke verhalen waar niets van blijkt te kloppen', verzucht de historicus. ,,Ik begrijp de wanhoop van de heer Katan heel goed en het is ook niet uitgesloten dat we het skelet van zijn vader ooit nog vinden, maar op het moment heb ik er geen enkel aanwijzingspunt.'

,,Ik vertrouw de Oostenrijkers niet meer naar alles wat er is gebeurd', reageert Alphons Katan. ,,Was ik naïef? Ik heb jarenlang bijzonder prettige vakanties in dit land doorgebracht maar ik heb mijn mening grondig moeten herzien. Een groot aantal Oostenrijkers heeft helemaal niets begrepen van hun eigen aandeel in de recente geschiedenis. Ik moest aan alle kanten vechten. Zelfs toen ik al met mijn klachten om de foto's van vader uit de brochure te krijgen het ministerie bestookte, kwam er een herdruk uit waar niet twee maar liefst vier foto's van vader in stonden! De foto's in het museum zijn in 1995 pas een dag voor onze komst weggehaald en ze hebben er een nare tekst voor in de plaats gehangen: `De foto's die hier hingen zijn op verzoek van de zoon van het slachtoffer verwijderd'. Alphons Katan gelooft dat er Oostenrijkers zijn - bijvoorbeeld medici - die weten wat er is gebeurd. ,,Als twee onderzoekers aan het werk worden gezet moet toch duidelijkheid te krijgen zijn?' De historici zijn daar niet zo zeker van, maar steken ook de beschuldigende vinger uit naar het ministerie van Binnenlandse Zaken. ,,Daar zitten ambtenaren die niets liever willen dan de schandvlek Mauthausen doodzwijgen. Daarom proberen ze ook iedereen die het verleden oprakelt, te intimideren. Een onafhankelijke stichting zou Mauthausen moeten beheren, niet een ambtenaar van Binnenlandse Zaken', meent historicus Freund. Wat de historici het meest steekt is het dubbele spel dat Binnenlandse Zaken volgens hen speelt. ,,Het kamp wordt als politiek instrument gebruikt. Naar buiten toe doet men fatsoenlijk: kijk, wat voor een monument wij van dit kamp hebben gemaakt! Als coulisse voor een staatsbezoek is Mauthausen geschikt maar van historische tentoonstellingen - kunst mag wel - wil men niets weten. Dan werken de ambtenaren furieus tegen.'Talloze interventies van personen en instanties hebben er toe geleid dat de foto's uit het museum zijn verwijderd en de negatieven aan Alphons Katan werden overhandigd. Zal hij ooit nog het skelet van zijn vader kunnen begraven? Joost Ebbenhorst Tengbergen, de Nederlandse ambassadeur, geeft de moed niet op. ,,Van Oostenrijkse zijde hebben tot nu toe zoveel mensen geholpen dat ik zeker niet uitsluit dat het skelet van Alexander Katan toch nog wordt gevonden. Mocht dat niet lukken, dan hoop ik dat tenminste duidelijk wordt wat ermee is gebeurd.'

Mauthausen

In de inleiding van het artikel De resten van Alexander Katan (zaterdag 15 mei, pagina 37) wordt gesuggereerd dat op één na alle joden in het concentratiekamp Mauthausen door vergassing om het leven zijn gekomen. Dat is onjuist. Er zijn in Mauthausen ook vele slachtoffers omgekomen door uitputting, mishandeling, medische experimenten en andere oorzaken.