Voorleesdag

Woensdag 19 mei vindt de zesde Nationale Voorleesdag plaats. Niet alleen zullen voetballer Richard Witschge, bokser Arnold Vanderleijde, atleet Marco Koers en zevenhonderd anderen optreden tijdens de zogenaamde `voorleesontbijten', ook zal duidelijk worden welk kind de beste voorlezer van de Nederlandse basisscholen is: in het Utrechtse Muziekcentrum Vredenburg strijden de beste lezers uit de twaalf Nederlandse provincies om die titel.

Aan de wedstrijd hebben zestigduizend kinderen op 1689 scholen meegedaan. Carry Slee bleek de favoriete auteur van de voorlezers, die vooral griezelboeken en realistische boeken voorlazen. Jury's van volwassenen hebben de kinderen beoordeeld op onder andere begrijpelijkheid, gebruik van klemtonen, tempo, stemgebruik en contact met het publiek. Rare stemmetjes zijn echter bij reglement verboden.

Winnaar in de provincie Utrecht werd de elfjarige Iris Dekker uit Doorn. ``Ik weet niet of ik zo goed kan voorlezen,'' zegt ze. ``Ik lees gewoon voor. Waarschijnlijk heeft het vooral met mijn stem te maken. Het is leuk om mensen een boeiend verhaal te vertellen. Ik lees nu ook veel hardop voor mezelf, maar dat is vooral om te oefenen voor de wedstrijd.'' Daar leest ze een fragment uit De tasjesdief van Mieke van Hooft, naast een tekst die ze pas op de dag zelf onder ogen krijgt.

Ze is mee gaan doen aan de wedstrijd om kampioen te worden. ``Maar ik ben al heel tevreden dat ik aan de landelijke finale mee mag doen. Nu moet ik tegen andere kampioenen, dus het zal moeilijk worden om te winnen.'' In de wedstrijd gaat het niet om lezen alleen, weet ze. ``Je moet ook opkijken naar het publiek, maar je mag ook weer niet te veel drama gebruiken. Ik vind dat wel jammer, want ik houd daar juist wel van. In ieder geval word ik later liever actrice dan schrijfster.''

Volgens een recent onderzoek van de Stichting Lezen is voorlezen een ritueel dat zich gemiddeld 5,2 maal per week gedurende 13,6 minuten voltrekt in Nederlandse huisgezinnen. De finaliste weet niet precies meer hoe vaak ze vroeger zelf werd voorgelezen. ``Vrij veel, geloof ik.'' Nu leest ze regelmatig het kleine zusje van een vriendinnetje voor. ``Dat moet steeds vaker, zeker nu ze weten dat ik aan de wedstrijd meedoe.''