De Groenen verlenen Fischer oorlogskrediet

De Groenen in Duitsland moesten gisteren compromissen met zichzelf smeden, en daarmee een normale politieke partij worden. Dat lukte over Kosovo, althans, voorlopig. Maar nieuwe problemen zoals over de sluiting van atoomcentrales, liggen op de loer.

Op de vroege morgen van Hemelvaart hangt onheil in de lucht boven Bielefeld. De Seidenstickerhalle waar de Groenen over Kosovo gaan debatteren, lijkt een belegerde vesting. Een cordon van enkele duizenden agenten heeft zich rondom het gebouw geschaard om verontwaardigde demonstranten in bedwang te houden.

Angstig houden twee Groenen de wacht bij een glazen deur. Buiten staat de radicale eco-socialist Jutta Ditfurth (,,Ik wil de laatste uren van de Groenen meemaken''), die jaren geleden uit de partij is gezet en nu met een randgroepje communisten het gebouw dreigt te bestormen. De 120 zwarte sherrifs, particuliere bewakers die door de Groenen zelf zijn ingehuurd, hebben elders hun handen vol.

Een van de `chaoten' houdt een bord omhoog waarop Joschka Fischer, de groene minister van Buitenlandse Zaken, met een Hitler-snor is afgebeeld. 'Fischer muss weg! Stoppt den 3. Weltkrieg!, luidt de tekst. `Bommen zijn geen oplossing', hebben een paar Nederlandse demonstranten op een laken geschreven. `Wij zijn woedend, we willen naar binnen', schalt het uit een megafoon. Enkele activisten doen een vergeefse poging naar binnen te rennen. Nog net weten ze een handvol stinkbommen naar binnen te gooien waardoor de lucht de hele dag naar zure boter ruikt.

Onrustig kruipen de groene partijbestuurders en de drie ministers Joschka Fischer, Jürgen Trittin (Milieu) en Andrea Fischer (Gezondheidszorg) op het podium achter de tafel. Fischer, wiens politieke toekomst die dag op het spel staat, kijkt hoofdschuddend de kolkende zaal in. Hij had ,,niet kunnen dromen'', dat bij uitstek de Groenen onder politiebewaking een partijcongres moesten houden.

Terwijl nog over de agenda wordt gesteggeld en de zaal net heeft gestemd over een motie of Joschka Fischers spreektijd niet moet worden gehalveerd, ontstaat paniek. Een jongeman met lang haar en in een grijze rok heeft de minister een verfbom naar het hoofd gegooid. Verward en pijnlijk getroffen grijpt Fischer naar zijn oor: zijn trommelvlies blijkt gescheurd. Zijn zwarte t-shirt en colbert onder de rode verf. Andrea Fischer barst geschrokken in tranen uit, Trittin slaat zijn lange arm om haar heen.

Intussen rent een magere naakte jongen door de zaal, maar hij kan vrijwel niemand boeien.

Huiverend van zoveel samengebalde agressie schuiven de prominenten even later weer op hun stoel, nu demonstratief afgeschermd door een reeks veiligheidsagenten. Oorlogvoeren betekent barre tijden voor regeerders, vooral als Groenen aan de macht zijn. De diepe scheur, die in de partij loopt tussen fundamentalistische pacifisten en pragmatische Realos, is de hele dag voelbaar.

,,Onze droom van een civiele wereldorde is ruw verstoord'', roept Antje Radke, een van de twee partijvoorzitters en ze verwoordt daarmee de gevoelens van een belangrijk deel van de zaal. ,,We moeten dringend een eind maken aan de militaire escalatie met een staakt-het-vuren'', zegt Radke en probeert de onmogelijke spagaat te maken tussen oorlog en vrede.

Met veel pathos en moralistische waarschuwingen losten pacifisten en niet-pacifisten elkaar af. Het goede geweten en de groene illusies lieten zich moeilijk verenigen met de alledaagse politieke werkelijkheid, die compromissen verlangt. ,,Het is bitter, dat het Duitse oorlogskabinet uitgerekend door SPD en Groenen wordt gevormd, die toch zijn gekozen om vredespolitiek te maken'', wierp vredesactivist Uli Cremer de Realos voor de voeten.

Maar hoe een vredespolitiek eruit ziet als in een land sprake is van verdrijvingen, massamoorden en verkrachtingen, daar waagde geen groene fundamentalist (Fundi) zich gisteren aan. Fischer maakte duidelijk ,,werkelijk alles'' te doen om vrede in Joegoslavië te bereiken. De 18 wapenstilstanden die er sinds 1993 zijn geweest, heeft Milosevic evenwel allemaal aan zijn laars gelapt op die in Bosnië-Herzegovina na.

De groene Euro-parlementariër Daniel Cohn-Bendit toonde zich naast Fischer de enige Realpolitiker, die moeilijke vragen niet uit de weg ging. Om de groene `identiteit' te redden, moeten de Kosovaren worden opgeofferd, merkte Cohn-Bendit snerend op. Hem had het gestoord dat elke keer als `Joschka' over vluchtelingen en hun ellende sprak, de fluitconcerten luider werden. De waarheid is bitter, zei Cohn-Bendit. Als enige nam hij het woord grondtroepen in de mond, dat bij de Groenen al helemaal taboe is. Als de vluchtelingen niet voor de winter in hun land terug zijn, komen ze nooit meer terug, waarschuwde hij.

Aan het eind van een lange dag keerde de rust terug en bleek de regie van het partijbestuur vruchten af te werpen. De meerderheid van de Groenen bekende zich tot het compromis van een tijdelijke wapenstilstand en wilde de koers van de regering en Fischer niet torpederen. Maar of Fischer werkelijk door de achterban wordt gesterkt zal zich moeten bewijzen. Als de diplomatie op de Balkan mislukt, kan hij uiteindelijk nog als verliezer te boek staan; laat staan als er over de inzet van grondtroepen moet worden beslist.

In Bielefeld hebben de Groenen vooral voor behoud van de coalitie gekozen. De romantici in de partij rest vertrek of ze zullen eraan moeten geloven dat ook de Groenen een heel normale partij zijn geworden, die compromissen moet sluiten wil ze aan de macht blijven.

In het buitenland mogen de idealistische Groenen aan het kortste eind trekken, in het binnenland dreigen groene thema's van de coalitie-agenda te verdwijnen. Bondskanselier Schröder schuift de afschaffing van kernenergie steeds verder voor zich uit; om van de groene eco-belasting, een ander paradepaardje, maar te zwijgen.

Het zal niet lang meer duren of Realos en Fundis staan voor hun volgende krachtmeting.