Zonnekoning

De videocamera's dringen geruisloos door in het openbare leven. Ze hangen bij benzinepompen, geldautomaten, in grote warenhuizen, voetbalstadions, snackbars, parkeergarages, discotheken en meer en meer op straat in uitgaanscentra. Protesten hiertegen zijn er nauwelijks, terwijl het idee van burgers bespieden toch lange tijd als een afschrikwekkend visioen gold. Zelf kan ik me er ook niet over opwinden. Degene die de camera hanteert beschouw ik als een soort onderzoeker die door een microscoop naar microben tuurt. In het openbare leven ben ik niet meer dan een microbe die zich volstrekt voorspelbaar gedraagt. Geld uit de muur trekken, iets oppakken en weer neerleggen in een winkel, een kroket eten, het is allemaal even oninteressant. De controleur achter de camera is alleen gespitst op die ene microbe die over de schreef gaat of in een samenscholing stennis maakt.

Videobewaking is een moderne vorm van sociale controle die zich concentreert op illegaal gedrag en dus de onschuldigen ongemoeid laat. De kans dat een camera mij vangt terwijl ik in mijn neus aan het peuteren ben neem ik daarbij voor lief, omdat het me niet zoveel kan schelen dat een onbekende ver weg mij in een flits daarbij betrapt.

De acceptatie van de videocamera scherpt het verschil tussen de openbare en de privéruimte aan. De anonimiteit van de straat verliest enigszins aan privacy, maar mensen vinden dit niet bezwaarlijk omdat ze binnenskamers genoeg gelegenheid hiervoor krijgen. Tegen videocamera's op het werk bestaan terecht wel grote bezwaren, omdat werknemers het akelig vinden door hun baas te worden bespioneerd. Blijkbaar houdt privacy verband met verschillen in rangen of standen. Het is onaangenamer in de gaten te worden gehouden door superieuren dan door mensen die je als gelijken of als lager beschouwt.

Privacy is een luxeartikel. Mensen in armoedige omstandigheden hokken met een heel gezin in een kamer, moeten met anderen het sanitair delen in woonkazernes en ontberen elke afzonderingsmogelijkheid. Zodra iemand over geld beschikt, zoekt hij ruimte. Rijke mensen wonen in alle culturen in grote huizen. Toch is het verband tussen privacy en geld niet rechtlijnig. Heel beroemde mensen moeten zich veel moeite getroosten om hun privéleven beschermd te houden. Vaak lukt dat helemaal niet. De schending van de privacy is dan de prijs van de roem.

Sommige rijken van vroeger gaven niets om privacy, omdat ze zich boven de wet verheven achtten. Voor maîtresses en bastaarden schaamden ze zich niet speciaal. De Franse zonnekoning liet zijn intieme lichaamsverzorging door hovelingen opknappen en hij niet alleen. Perfect gezonde koningen, keizers en prinsessen van andere tijden lieten zich zonder enige gêne wassen, aankleden en verzorgen door domestieken. Zoiets is alleen mogelijk, wanneer je een knecht of dienstmeisje beschouwt als iemand uit een ander universum, iemand die zoveel lager staat dan jezelf, dat je je inderdaad nergens voor hoeft te schamen. Zoals de vroegere slavenhouders zich niet geneerden om in het bijzijn van hun slaaf liederlijke taal uit te slaan, winden te laten of desnoods de liefde te bedrijven, want je houdt je toch ook niet in als er een hond of een kanariepiet in de kamer zit?

Als mensen in principe gelijkwaardig zijn, zal men geneigd zijn meer privacy ten opzichte van elkaar te betrachten. Zich laten wassen en verschonen door een ander is dan geen teken meer van luxe en almacht maar van zielige afhankelijkheid. Wie een ander vraagt z'n sanitair schoon te maken doet dat beleefd en stelt er tenminste een zak geld tegenover. Sommige mensen vinden het zo gênant, dat ze zelf de wc schoonmaken voordat de werkster komt.

Wat kan de overweging zijn van mensen die zich aanmelden om honderd dagen lang te worden opgesloten en met camera's bespioneerd voor een tv-show van Veronica, genaamd Big Brother? Het kan niet alleen geldbelustheid zijn. Zij achten zich op voorhand onkwetsbaar voor elke blik van het lagere kijkgepeupel. Zij wanen zich zonnekoningen, zo hoog gestegen dat ze zich nergens meer voor hoeven te schamen.