Labour en Lords bereiken compromis over Hogerhuis

Het House of Lords, het Britse Hogerhuis, kan voorlopig 92 van zijn 750 erfelijke leden behouden op voorwaarde dat het de grondwetshervormingen niet dwarsboomt.

De Lords hebben dat `historische compromis' met de Labour-regering van premier Tony Blair gisteren in grote meerderheid goedgekeurd. De erfelijke Lords, stamhouders van adelijke families, mogen aanblijven totdat een overheidscommissie voorstellen heeft uitgewerkt voor een Britse Eerste Kamer-nieuwe stijl waarin niet langer plaats is voor ongekozen of -benoemde leden. Die commissie moet eind dit jaar verslag uitbrengen.

De Conservatieve Partij, waarop een meerderheid van de erfelijke Lords stemt, beschuldigt de regering ervan de erfelijke zetels in de Lords te willen afschaffen zonder vastomlijnde plannen te hebben voor de toekomstige Britse `Eerste Kamer'.

,,Hoe kan deze wet, een blauwdruk voor de sloop van het halve parlement, juist zijn zonder dat de regering ook maar een potloodschetsje heeft van wat ervoor in de plaats moet komen?'', zei Lord Strathclyde, leider van de Tories in het Hogerhuis. Hij steunde het aanblijven van zijn 92 mede-leden alleen omdat het ,,een slechte wet beter maakt'', zei hij. Lord Rodgers of Quarry Bank, de niet-erfelijke fractieleider van de Liberal Democrats in de Lords, zei te vrezen dat de tussenfase wel tien jaar kan duren.

Het compromis is de uitkomst van een reeks geheime onderhandelingen tussen premier Blair en Viscount Cranborne, de voorlaatste leider van de Tory-fractie in de Lords. Cranborne moest eerder aftreden nadat partijleider William Hague hem had verweten achter zijn rug om zaken te doen met Labour.

Blair beschouwt de erfelijke Lords als een historisch monstrum. De afschaffing ervan maakt deel uit van een reeks grondwetswijzigingen, waaronder het oprichten van semi-autonome besturen in Wales en Schotland. Op grond van haar meerderheid in het Lagerhuis kan Labour die hervormingen afdwingen. Omdat ze vreesde dat de Lords een guerrilla zouden beginnen, gaf Labour hen met het compromis een ,,koninklijke uitweg''.