Solidariteit

Ik weet niet in welke Bulgaarse kringen Raymond Detrez contacten heeft, maar zijn opmerking dat in Bulgarije ,,een grote solidariteit met de Serviërs'' bestaat (NRC Handelsblad, 7 mei), raakt kant noch wal. Uiteraard maakt men zich in Bulgarije grote zorgen over de NAVO-acties, maar deze zorg betreft vooral de grote economische gevolgen voor het eigen land, dat toch al zwaar te lijden heeft gehad van de oorlog in Bosnië en de economische boycot van Servië. Van oudsher is buurland Servië nu eenmaal een belangrijke handelspartner. Ook lopen vrijwel alle routes van en naar West-Europa via Servië. Een land heeft zijn buren nu eenmaal niet voor het uitkiezen.

Daarnaast is Bulgarije bang zelf betrokken te raken bij de oorlog, een vrees die nog versterkt is door de recente `afzwaaiers' van de NAVO. Sympathie voor de Serviërs is echter schaars onder de Bulgaarse bevolking. De meeste mensen hebben hun buik vol van dit volk, dat gedreven door nationalistische waangedachten al decennia lang voor onrust zorgt op de Balkan. Alleen de oud-communisten nemen het op voor hun `Slavische broeders'. Deze solidariteit wordt echter meer ingegeven door politiek opportunisme – men tracht angst en onvrede op te wekken bij de bevolking in een poging het draagvlak voor de huidige democratische regering te ondermijnen – dan door realiteit. Als geen ander beseffen de Bulgaren immers wat voor loze kreet deze `Slavische broederschap' is. Onder dezelfde noemer hebben de Russen – en hun communistische vrienden in Bulgarije – het land tientallen jaren lang uitgebuit. Ook zijn de Bulgaren niet vergeten hoe de Serviërs hen in 1913, toen het hele Bulgaarse leger was samengetrokken aan het zuidelijke - Turkse - front, laf in de rug aanvielen. De manier waarop de Serviërs sinds jaar en dag de Bulgaarse minderheid behandelen in de streek rond Nis, vormt al evenmin reden voor een warme vriendschap.

Voorts zij opgemerkt dat de Bulgaarse bevolking niet vijandig staat tegenover de eigen islamitische minderheden – etnische Turken en Pomaken (Bulgaren die tijdens de Ottomaanse overheersing, al dan niet gedwongen, zich bekeerden tot de islam). Het is waar dat in de nadagen van het communisme een grote exodus plaatsvond van islamitische inwoners naar Turkije. Onder de democratische regering zijn de verregaande beperkende maatregelen die de communisten tegen de islamitische bevolking hadden uitgevaardigd – onder meer op het gebied van de godsdienst, de taal en zelfs de eigen naam teruggedraaid en zijn velen van hen teruggekeerd. Orthodoxe en islamitische Bulgaren leven nu weer in redelijke harmonie met elkaar.