Eén dissident en het kabinet valt

Of de senaat instemt met invoering van het correctief referendum, hangt af van vijf VVD-senatoren en een senator van De Groenen.

Een uiterst wankel evenwicht bepaalt het voortbestaan van het tweede paarse kabinet. Vijftig stemmen voor, 25 tegen. Dat is de minimaal vereiste en tevens maximaal haalbare stemverhouding waarmee het kabinet volgende week het correctief wetgevingsreferendum door de Eerste Kamer hoopt te loodsen.

De politiek geladen rekensom gaat als volgt. De negentien senatoren van het CDA en de vier van de kleine christelijke fracties zullen het referendum niet steunen. Dat is 23 tegen. Senator Hendriks, voorheen van een ouderenpartij, stemt tegenwoordig mee met het CDA: 24 tegen. Senator Batenburg, van een andere ouderensplinter, gaat evenmin akkoord: 25 tegen.

De plus-zijde van de balans laat zich minder eenvoudig optellen. Duidelijkheid bestaat over 44 stemmen voor: van de PvdA (14), D66 (7), GroenLinks (4), een deel van de VVD-fractie (18 van de 23) en van de SP (1). Blijven over: zes onzekere stemmen. Of preciezer gezegd: vijf plus één.

Enerzijds is er het nog ongewisse stemgedrag van vijf VVD-senatoren, die zich bij eerdere stemming tegen het referendum keerden. Anderzijds is er de ene stem van senator Bierman, die namens De Groenen en een aantal provinciale partijen in de senaat zit.

Voor de rekensom maakt het niet uit: een enkele tegenstem extra is al voldoende om het referendum om zeep te helpen. Maar het politieke verschil is levensgroot. Een enkele VVD-tegenstem is al genoeg om het kabinet ten val te brengen. De enkele tegenstem van senator Bierman zal verder geen gevolgen hebben voor de coalitie.

Dat laatste zou in theorie de redding voor de VVD en daarmee voor het kabinet kunnen zijn: Bierman knapt het beulswerk op, de VVD houdt schone handen, de paarse coalitiepartners moeten zich neerleggen bij overmacht. Maar de VVD-fractieleider in de senaat, Ginjaar, bezweert dat dat niet de strategie van de liberale senatoren is. ,,Wij bepalen onze eigen koers en stemmen niets af met Bierman'', zegt Ginjaar.

Zowel Bierman als de vijf VVD'ers hebben hun prijs genoemd die het kabinet moet betalen om hun stem te winnen. Voor Bierman zijn het eisen die niets met het referendum te maken hebben. Hij verlangt onder meer dat het kabinet een einde maakt aan de in zijn kring gewraakte gemeentelijke herindelingen.

De dissidente VVD'ers proberen vooral de werking van het referendum verder uit te kleden. Op landelijk niveau is dat al gelukt: in de grondwet wordt vastgelegd dat een nationaal referendum pas kan worden gehouden als er eerst 40.000 en vervolgens 600.000 handtekeningen van burgers zijn verzameld. Dat zijn aantallen die in de praktijk nauwelijks haalbaar zullen zijn. Vergelijkbare barrières hopen VVD'ers binnen te halen voor provinciale en gemeentelijke referenda, waarover later in uitvoeringswetten nog moet worden besloten.

Bij het masseren van de weerspannige senatoren wijst de VVD-top erop dat het referendum inmiddels tweemaal is aanvaard door de Tweede Kamer en eenmaal door de Eerste Kamer, dat de VVD zich in het regeerakkoord eraan heeft gebonden, dat het correctief wetgevingsreferendum nota bene deel uitmaakt van het eigen VVD-verkiezingsprogramma en dat kabinetscrisis niet te vermijden is als ook maar een enkele VVD-senator eigenwijs zou willen blijven tot en met de stemmingen, komende dinsdagavond. Op grond daarvan wordt verwacht dat de VVD uiteindelijk niet de `brekende partij' zal durven zijn. Senator Bierman heeft het lot in handen van het referendum, de VVD-senatoren dat van het kabinet.