Bloemenveiling heeft last van euro

De Bloemenveiling Aalsmeer zelf weinig directe voordelen van de invoering van de euro als wettig betaalmiddel per 1 januari 2001, maar begroot de kosten die gepaard gaan met de omschakeling op `een bedrag met zeven nullen'. Dat zei financieel directeur R. Schutrups van Bloemenveiling Aalsmeer vanmorgen tijdens de presentatie van het jaarverslag in Aalsmeer. Door de invoering van de euro wordt de internationale bloemenmarkt volgens Schutrups weliswaar transparanter ,,maar voor de bloemenveiling zelf zijn er verder niet zo veel voordelen. Onze kwekers hebben nu nog rekeningen in guldens en onze kopers ook. Dat worden in 2001 alleen euro`s, voor de rest verandert er niet zo veel.''

Het merendeel van de bloemen en planten die op de Bloemenveiling Aalsmeer worden geveild, wordt geëxporteerd naar het buitenland. Vorig jaar steeg de omzet van het honderd voetbalvelden grote BVA-complex in Aalsmeer met 5,1 procent tot 2,96 miljard gulden. De hogere uitgaven aan bestrijding van het millenniumprobleem en de omschakeling van de software van guldens naar euro`s kostten de veiling 12,9 miljoen gulden extra, waardoor de winst in vergelijking met 1997 halveerde tot 7 miljoen gulden. Ook de ontwikkeling van de electronische handel via Internet was mede oorzaak van de hogere uitgaven aan informatie- en communicatie technologie. De export van snijbloemen naar Rusland viel door de roebelcrisis bijna helemaal weg. Toch was daar in de jaarcijfers van de Aalsmeerse Bloemenveiling weinig van te merken. Dat komt volgens algemeen directeur D. `t Hooft van BVA vooral omdat in de eerste helft van het jaar de export naar Rusland explosief groeide, maar in de zomer volslagen instortte. ,,Die twee effecten heffen elkaar op'', verklaarde `t Hooft. Vergeleken met de eerste drie maanden van het vorig jaar daalde de export van Nederlandse bloemen naar Rusland volgens `t Hooft met 68 procent. De export naar Rusland bedroeg vorig jaar 2,6 procent van de totale bloemenexport.

Ongeveer een op de vijf snijbloemen die in Aalsmeer geveild worden is gekweekt in het buitenland. Dat aantal groeide ook vorig jaar met enkele procenten. Vooral kwekerijen in Tanzania en Israël groeiden als kool.

`t Hooft is niet bang dat de Nederlandse kwekers hierdoor in het nauw zullen komen. Wel erkent hij dat buitenlandse kwekerijen het voordeel hebben dat ze erg snel kunnen uitbreiden. ,,In Nederland is dat nauwelijks nog mogelijk, maar de concurrentiekracht van de Nederlandse kwekers blijft prima,'' aldus de directeur.