Hè bah, King Corn! En nog nep ook!

Sommige reclamecampagnes hebben het eeuwige leven. Zoals de spot over het jongetje dat heel stellig tegen zijn ouders zegt dat hij `bij Japie gaat wonen' omdat ze daar brood van het merk King Corn hebben. De commercial zal zo'n twintig jaar geleden voor het laatst op de buis zijn geweest, maar de kijkers zullen hem nooit meer vergeten. En met Japie werd ook het merk King Corn een beetje onsterfelijk. King Corn, die fraaie naam voor dat kleffe fabrieksbrood, altijd verpakt.

Een mooi sterk merk, moet ook de Stichting De Ambachtshof gedacht hebben. Dat gaan we maar eens nieuw leven inblazen. En dus liet De Ambachtshof King Corn deponeren in het Benelux Merkenregister. Wel moest er nog een klein probleem opgelost worden: Quality Bakers, de oorspronkelijke gebruiker van de merknaam King Corn, bezat zelf ook nog steeds een merkregistratie. Maar daar was iets aan te doen. Immers, de Benelux Merkenwet bepaalt dat merkrechten vervallen als een merk gedurende een periode van vijf jaar niet wordt gebruikt. En dus stapte De Ambachtshof eind vorig jaar naar de rechter met het verzoek de oude registratie King Corn van Quality Bakers uit het register te schrappen omdat het merk al vele jaren geleden in onbruik was geraakt.

Maar zo gemakkelijk liet Quality Bakers zich zijn merknaam niet afpakken. Tijdens de zitting voor de rechtbank van Den Haag lieten de oude King Corn-bakkers zien dat zij het merk nog wel degelijk hadden gebruikt. In 1993, net binnen die fatale vijfjaarstermijn, had het bedrijf in de regio Haarlem onder de merknaam King Corn nog eens `221 luxe feestkrentenbroden van 1300 gram per stuk' afgezet. Het merk was dus nog wel gebruikt en dus waren de rechten niet vervallen, zo stelde Quality Bakers.

Maar dat ging de rechter toch wat ver. Volgens de merkenwet moet er sprake zijn van `normaal gebruik' wil je je rechten in stand houden. De verkoop van 221 King Corn-broden als `luxe feestkrentenbroden' kan toch bezwaarlijk als normaal gebruik beschouwd worden. 221 broden is slechts een fractie van een normale dagproductie en dat is in vijf jaar wel heel erg weinig. Deze minimale broodoplage was zelfs een beetje verdacht, zo meende de rechter, want zij lijkt slechts bedoeld te zijn om het recht op het merk King Corn in stand te houden. Normaal en commercieel verantwoord was het in ieder geval niet en dus zijn de rechten op het oude merk King Corn volgens de rechter vervallen.

In een laatste poging de zaak nog te redden voerde Quality Bakers aan dat King Corn een `algemeen bekend' merk was en dat algemeen bekende merken volgens de wet zelfs zonder een merkregistratie bescherming genieten. Maar ook dit argument mocht niet baten, omdat de rechter van oordeel was dat King Corn tegenwoordig niet meer als algemeen bekend merk kon gelden. Daar kon ook het door Quality Bakers overgelegde marktonderzoek uit 1992, waaruit bleek dat King Corn een merkbekendheid van 81 procent had, niets aan veranderen.

De oude King Corn-eigenaren hebben inmiddels hoger beroep ingesteld, maar het is de vraag of ze daar wèl aan het langste eind trekken. Natuurlijk ruikt het gedrag van De Ambachtshof naar lijkenpikkerij, maar die termijn van vijf jaar staat nu eenmaal niet voor niets in de merkenwet.

Als dit vonnis standhoudt, en dat is niet onwaarschijnlijk, dan maakt dat nog eens duidelijk dat er handel zit in oude, voorheen bekende merken. Deponeer ze opnieuw, de merken Berini, Bontkracht, Simca of Roots en u maakt een vliegende start. Maar netjes is het natuurlijk niet.