Helder antwoord op vage vraag van Van der Ploeg

Het advies van de Raad voor Cultuur om snel een `instituut voor beeldcultuur' op te richten in Rotterdam is zo duidelijk, dat staatssecretaris Van der Ploeg sterke argumenten zal moeten hebben om ervan af te wijken.

De Raad voor Cultuur heeft het staatssecretaris Van der Ploeg op het eerste gezicht gemakkelijk gemaakt. Het gisteren bekendgemaakte advies over het `instituut voor beeldcultuur', waar hij de raad om had gevraagd, kon nauwelijks duidelijker zijn: zo'n instituut moet er zo snel mogelijk komen, zegt de raad, en wel in het voormalige pakhuis Las Palmas op de Kop van Zuid in Rotterdam. Het voorstel dat Amsterdam had ingediend is namelijk ,,onuitgewerkt'' en ,,niet overtuigend''. Rotterdam daarentegen had een plan gemaakt ,,waarin stevige fundamenten worden gelegd en harde financiële toezeggingen worden gedaan'', zegt de raad.

,,Het advies is klip en klaar'', zegt F. Bool, directeur van het Nederlands Fotoarchief in Rotterdam. ,,Het is duidelijker dan ik had gedroomd, zowel over de wenselijkheid van zo'n instituut als over de vestigingsplaats.''

Toch is het zeer de vraag of Van der Ploeg wel zo gelukkig zal zijn met het rapport. Zo duidelijk als dat advies van de raad namelijk is over de samenwerkingsplannen van de vijf instellingen voor film, fotografie en nieuwe media, zo vaag was de vraag die de bewindsman de raad had gesteld over de plaats waar die samenwerking vorm zou moeten krijgen. Van der Ploeg schreef in zijn opdracht dat hij graag de mening van de raad wilde horen over ,,de culturele omgeving in algemene zin waarbinnen die samenwerking tot bloei kan komen''. En daar voegde hij nog aan toe: ,,Voor alle duidelijkheid wijs ik u erop dat het mij daarbij niet alleen te doen is om uw visie op de gemeentelijke aanbiedingen, maar vooral om uw inzichten over de positie van de beeldcultuur in het kader van het cultuurbeleid, op basis waarvan ik na overleg met de betrokken instellingen en de beide gemeenten uiteindelijk tot een keuze kan komen.''

Van der Ploeg vroeg dus geen direct antwoord op de vraag: Amsterdam of Rotterdam? Sterker nog, het lijkt er zelfs op dat hij dat helemaal niet wilde hebben. Van der Ploeg, die nog niet op het advies wil reageren, gaat nu praten met de betrokken partijen, zoals vooraf gepland was. Had de raad in zijn advies volstaan met een beschrijving van een `culturele omgeving in algemene zin' dan had Van der Ploeg met zijn medewerkers nu kunnen werken aan een draagvlak en vervolgens in alle vrijheid zelf een beslissing kunnen nemen.

Natuurlijk, het advies van de Raad voor Cultuur is een advies, Van der Ploeg hoeft het niet op te volgen. Maar de voorkeur van de raad voor Rotterdam is zo uitgesproken en het oordeel over Amsterdam zo vernietigend, dat de staatssecretaris sterke argumenten zal moeten bedenken om tot een andere keuze te komen.

De enige partij die de feestvreugde in Rotterdam nog kan verstoren is het Filmmuseum, dat nu naar die stad moet verhuizen. De mening van het Prins Bernhard Fonds, de beheerder van het legaat van 25 miljoen gulden dat oud-hoogleraar en fotoamateur H. Wertheimer naliet voor de oprichting van een fotomuseum, lijkt er nog nauwelijks toe te doen. ,,Met alle respect voor het Prins Bernhard Fonds: de vraag wat er met dat legaat gebeurt, is voor ons geen leidend motief geweest'', zei voorzitter J. Jessurun van de Raad voor Cultuur gisteren. En dat is opmerkelijk, want de bekendmaking van Wertheimers gift ruim anderhalf jaar geleden was de aanleiding voor alle plannen voor een nieuw instituut.