Flirten met de dood

Misschien had een Lieve Zuster Ursula mij net als Prikkebeen van deze reis moeten weerhouden. Want achter elke bocht lijkt het pad nog steiler. Ik zie de motorkap voor me oprijzen en word tegen de leuning gedrukt alsof ik in een opstijgend vliegtuig zit. De banden slippen in het stof. Een gele wolk waait ons achterna. Ik sluit het raampje van het portier. Draai het weer open omdat de hitte ons de adem beneemt. Angangueo, het mijnstadje dat we drie kwartier geleden verlieten, zie ik ver onder ons.

De oude man achter het stuur veegt het zweet van zijn voorhoofd. Hij ademt zwaar. De ijle lucht speelt hem parten. Hij was maar nauwelijks te overreden de rit te maken. ,,Kijk daar zie je de eerste exemplaren'', zegt hij enigszins opgelucht. ,,Vroeger was hun gebied veel groter. Mijn grootvader herinnerde zich hoe ze in zijn jeugd de hemel verduisterden en op je neerstreken alsof je de stam van een boom was. Er waren er miljoenen. Veel meer dan nu!''

De truck ploetert verder, hobbelend over rotsblokken en door gleuven die regenwater in de aarde achterliet. Na een uur zijn we meer dan drieduizend meter hoog. Ik stap uit. We hebben het gebied bereikt waar de Monarchvlinder de lichtheid van zijn bestaan met nectar voedt. Ik kniel bij een stroompje waar enkele exemplaren samenklonteren en de bodem kleuren als een bloembed. Ze hebben oranje vleugels waarop donkere nerven zich vertakken. Het zwart aan de randen wordt door witte stippen gebroken. De insecten krioelen op breekbare pootjes en tasten nerveus met hun voelsprieten. De chauffeur vouwt er één open. ,,Kijk deze met een oog op elke vleugel is het mannetje. En die zonder zijn vrouwtjes.'' Een zuchtje wind brengt ze in beweging. Vleugeltjes kietelen als een liefdesverklaring mijn gezicht.

Monarchvlinders horen niet in dit berggebied thuis. Het zijn migranten. In de maand november komen ze over uit het noordelijk merengebied van de Verenigde Staten. Ze verplaatsen zich in wolken van honderden exemplaren met een snelheid van twintig kilometer per uur. Ze laten zich meevoeren op de wind. Ze leggen vijfduizend kilometer af om op een klein gebied in de bergen ten westen van Mexico-Stad te overwinteren.

De zon gaat schuil. Grote droppels vallen in het begerige, zwarte stof. De vlinders trekken zich terug in de luwte. Ze zoeken warmte bij elkaar. Het zijn er duizenden. De takken van de naaldbomen lijken te bezwijken onder oranje gebladerte dat in trossen naar beneden hangt.

De mannetjes emigreren om hier een nieuwe generatie te verwekken en te sterven. Na de reis verspillen ze hun laatste krachten aan de paring. We zien ze als gevallen bladeren onder de bomen. We kunnen ze niet als Prikkebeen op onze hoed spelden. We mogen er niet aankomen. Ze zijn beschermd. Vogels en muizen die zich aan Monarchvlinders vergrijpen kunnen door een hartstilstand worden getroffen, want ze zijn giftig. Ze zijn koning in hun rijk.

Nu de zon doorkomt, breekt een gefladder van duizenden vleugeltjes de stilte. De atmosfeer zindert. Vlinders beheersen het bos. In een beekje drommen ze samen en vormen een levend tapijt.

In het voorjaar verduisteren de vlinders de hemel om zich te verzamelen voor de tocht naar Noord-Amerika waar de cyclus van sterven en geboren worden zich tijdens de zomer herhaalt. Ze verlaten hun Olympus. Bos en planten kunnen herademen.

In Mexico, waar dagelijks talloze mensen noordwaarts trekken en met gevaar voor hun leven de grens met de Verenigde Staten trachten over te steken op zoek naar een beter bestaan, geldt de pendelende Monarchvlinder als symbool voor vrij verkeer, geluk en verdraagzaamheid. Want begin november keren de vlinders terug om de graven van hun voorouders te bezoeken, zoals de Mexicaan dat doet op Allerzielen, wanneer hij de kerkhoven met bloemen tooit, met de gestorvenen picknickt en hun lievelingsmaaltijd op de zerken achterlaat om de rest van de dag te feesten en te flirten met de dood.

,,Het leven is niet meer dan de droom van een eendagsvlinder'', filosofeert de chauffeur op de terugreis als we de bijna loodrechte afdaling hebben ingezet.