Edith Velmans

Uitgeverij Podium heeft de rechten voor Edith's verhaal, het boek dat Edith Velmans (1925) schreef aan de hand van haar dagboeken als onderduikster in de Tweede Wereldoorlog, verkocht aan grote uitgeverijen in Duitsland, Engeland, Verenigde Staten, Spanje en Italië. Dat is des te opmerkelijker omdat het boek bij verschijning in 1997 in Nederland vrijwel onopgemerkt bleef.

``We hebben er twee jaar geleden 2500 gedrukt'', zegt Joost Nijsen, directeur van Podium. ``Daarvan hebben we er nog 350in huis.'' De Duitse vertaling verkocht al een stuk beter en inmiddels is Readers Digest voornemens 300.000 exemplaren van Edith's Book voor zijn clubleden te laten maken.

Nijsen denkt dat Nederland niet snel meer warm loopt voor een boek over de Tweede Wereldoorlog. ``Ik kreeg het manuscript via een medewerker van de Anne Frank Stichting. Voordat ik het las, had ik twijfels, maar ik vond het zo mooi dat ik het absoluut wilde uitgeven. Vervolgens is er nauwelijks aandacht aan besteed. We hebben de rechten voor enkele tienduizenden guldens aan het Duitse Hanser Verlag verkocht en in Duitsland was de belangstelling dadelijk groot. Ik denk dat vooral Nederland en Amerika overvoerd zijn met boeken over de oorlog. Op de Amerikaanse rechten wordt nu druk geboden, maar pas sinds het elders een succes is.'' De kans is niet groot dat Podium de resterende exemplaren van Edith's verhaal nog verkoopt: dinsdag verscheen het als Rainbow-pocket.

Onder andere om die uitgave te promoten verbleef Edith Velmans – die al twintig jaar in de Verenigde Staten woont – even in Nederland. ``Mijn dagboeken heb ik mijn hele leven met me meegesjouwd'', zegt ze. ``Ik heb echter nooit de tijd gehad om er veel aandacht aan te besteden. Ik had kinderen, een carrière en moest veel met mijn echtgenoot op reis. Het is iets waarop je pas later gaat reflecteren. Bovendien leek het verhaal me niet interessant genoeg. Het was gewoon mijn leven, wat op geen enkele manier te vergelijken valt met dat van Anne Frank. Zoveel heb ik niet meegemaakt.''

Overigens staat in Edith's verhaal ook hoe ze voor het eerst van de dagboeken van Anne Frank hoorde. Na de geboorte van haar tweeling deelde Velmans een ziekenhuiskamer met Miep Gies, de vrouw die de familie Frank bijstond in hun onderduiktijd. Pas toen ze aan Amerikaanse vrienden moest uitleggen waarom haar ouders de bezetting niet hadden overleefd, kreeg Velmans het idee dat ze iets met de dagboeken moest doen. ``Daar bleken maar weinig mensen beseft te hebben wat er was gebeurd. Ze waren met potlood geschreven in een nauwelijks leesbaar handschrift. Als ik ooit wilde dat iemand ze nog zou lezen, moest ik er iets mee doen. Vervolgens ben ik de dagboekbladen gaan uittypen en heb ik ze in het Engels vertaald. Hetzelfde heb ik gedaan met de brieven die mijn ouders mij schreven toen zij nog in Den Haag zaten en ik was ondergedoken bij een familie in Breda.''

Een vriendin haalde haar over om meer met de dagboeken te gaan doen. ``Zelf leek dat me veel te sentimenteel, ik geneerde me bij voorbaat. Toen mijn man een deel van de tekst las zei hij dat het een document humain was, waar ik zeker meer mee moest doen. Hij zegt dat niet zo snel.'' Met hulp van een van haar dochters schreef Velmans uiteindelijk een lopend verhaal, waarvan fragmenten uit de dagboeken en brieven deel uitmaken.''

``Ik heb jarenlang gemeend dat ik zeer koel en zakelijk tegenover dat verleden stond'', aldus Velmans. ``Nu word ik er juist weer met de neus in gedrukt, al is het maar door de reacties en de brieven die ik krijg.'' Met een cameraploeg van de televisierubriek Netwerk keerde ze terug naar het huis waar ze ondergedoken zat.

Ze betwijfelt of haar schrijverschap een nader vervolg krijgt. ``Ik heb nog veertig jaar dagboeken, maar ik betwijfel of die interessant zijn. Wanneer iemand mij als auteur aanspreekt, kijk ik altijd eerst over mijn schouder of er geen echte schrijver achter me zit.''