Debat over aftrek weer geopend

GroenLinks durft het aan en stelt de fiscale aftrek van hypotheekrente opnieuw ter discussie .

. Waar de grote partijen uit vrees voor electorale schade uitdrukkelijk stellen dat de hypotheekrenteaftrek in hun handen veilig is, en PvdA-leider Kok hierover zelfs een uitspraak van de eigen partij naast zich neer legde, waagt GroenLinks een sprong in het diepe.

De aftrek mag niet langer afhankelijk zijn van het inkomen van de woningbezitter, maar moet voor iedereen hetzelfde percentage van dertig procent zijn. Want zoals het nu is, is het niet eerlijk in de ogen van een progressieve partij als GroenLinks: hoe hoger de belastingschijf waar de huiseigenaar met zijn inkomen in valt, hoe meer hij terug krijgt van de betaalde hypotheekrente.

Met dit gisteren gepresenteerde plan neemt GroenLinks afstand van zijn verkiezingsprogramma. Daarin werd gesteld dat de rente slechts over een hypotheekbedrag van maximaal 250.000 gulden aftrekbaar zou moeten worden, en wel tegen het laagste belastingtarief. Hoewel dit niet betekende dat de hypotheekrenteaftrek zou worden afgeschaft, bleek het voorstel wat te wild voor een partij die zich in toenemende mate klaar acht voor het dragen van regeringsverantwoordelijkheid.

En dus kwam de nieuwe financieel woordvoerder van de fractie, Kees Vendrik, met een voorstel – voorzichtigheidshalve gegoten in de vorm van een discussienota – getiteld Nederland Hypotheekrenteland. Hij stelt dat met de `hypotheekrentesubsidie' van dertig procent iedereen gelijk wordt behandeld, ongeacht de hoogte van het inkomen. Dat is niet helemaal waar. Iemand met een hoog inkomen kan immers een hogere hypotheek afsluiten en dus zal de dertig procent subsidie een hoger bedrag zijn dan de dertig procent van de hypotheekrente van iemand met een lager inkomen.

Om de hogere inkomens toch wat zwaarder te belasten, wil GroenLinks het vermogen dat in de stenen van het eerste huis zit, boven een bepaald grensbedrag ook belasten als ware het een vermogen dat is verkregen door een erfenis of bestaat uit een pakket aandelen. In de belastingplannen voor de volgende eeuw van het kabinet wordt uitgegaan van een fictief rendement van dergelijke vermogensbestanddelen van 4 procent. Dit rendement wordt weer tegen dertig procent belast waardoor over het vermogen 1,2 procent belasting moet worden betaald. Dit percentage moet in het plan van GroenLinks worden geheven over de waarde van het huis boven de 280.000 gulden voor alleenstaanden en 400.000 voor gezinnen.

De inkomenseffecten van het plan, dat door het Centraal Planbureau, is doorgerekend, vallen volgens GroenLinks mee. Lagere inkomens, vooral als ze een goedkoop huis hebben, gaan erop vooruit. Boven modaal, vooral met dure huizen, gaat erop achteruit. Maar dat heeft volgens Vendrik alles te maken met het ,,bovenmatige'' voordeel dat de hogere inkomens van het huidige systeem ondervinden. Het plan zou de schatkist twee miljard gulden per jaar opleveren.

Vrijwel tegelijkertijd komen hypotheekverschaffers met extreem lage rentes en meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek records van huizenprijzen en nieuw afgesloten hypotheken. In die cijfers ziet Vendrik juist zijn gelijk. Hypotheken worden meer en meer voor andere zaken dan de aanschaf van een huis afgesloten. Daarom moeten in de redenering van GroenLinks mensen kunnen aantonen dat ze de hypotheek echt nodig hebben voor een huis en niet voor een boot, wereldreis of aandelen.

GroenLinks-nota via www.nrc.nl/Doc