Geen plek blijft onbespied

Afpersing, geweld, fraude – de detailhandel wordt op vele andere manieren bestolen dan door alleen eenvoudige winkeldiefstal. In Groot-Brittannië gebeurt dit allemaal op veel grotere schaal dan in Nederland. De tegenmaat- regelen zijn er ook naar. Zo'n aantasting van de privacy als daar nu gebruikelijk is zou hier (nog) niet geaccepteerd worden.

`Welcome to the Mardi Gra experience' of ,,Another smashing free gift from Barclaycard''. Het waren maar een paar van de teksten bij de bommen in boodschappentassen, waarmee de zelfbenoemde Mardi Gra-bommenlegger drieëneenhalf jaar lang filialen in Londen van Barclays-bank en van Sainsbury, de supermarktketen, bedreigde. De man, die zelf een camera boven zijn voordeur bleek te hebben om spelende kinderen uit de buurt van zijn bloemperken te kunnen wegjagen, werd ironisch genoeg zelf ook het slachtoffer van zo'n elektronische spion. Een bewakingscamera op straat registreerde vorig jaar een van zijn acties en vanaf dat moment was het een kwestie van tijd tot de politie hem kon arresteren. Eerder deze maand bekende hij zijn misdaden voor de rechter, in de wetenschap dat een lange gevangenisstraf hem staat te wachten. Barclays Bank raamde de kosten van zijn actie op 140.000 pond extra beveiligingsmaatregelen alleen. Sainsbury rekende de schade aan gederfde inkomsten uit: 640.000 pond.

Misdrijven in en jegens de detailhandel zijn allang niet meer te vangen onder alleen het hoofdje `winkeldiefstal'. Evenmin kan dit soort misdrijven nog langer worden gezien als criminaliteit zonder (aanwijsbaar) slachtoffer. Het British Retail Consortium, dat vorige maand de Tweede Europese Retail Crime conferentie in Londen had uitgeschreven, rekent uit dat de vormen van misdaad waarvan winkels het slachtoffer worden, elke Brit inmiddels 80 pond per jaar kosten. Ter vergelijking: Nederlanders boeten met ongeveer 90 gulden per jaar voor winkelcriminaliteit.

Het incidenteel door klanten onder de rok gepropte kledingstuk, hoe kostbaar ook, is allang niet meer de verliespost bij uitstek. Afpersing, roofovervallen, grepen in de kassa, geweldsmisdrijven jegens winkelpersoneel, diefstal, zwendel, fraude met betaal- en creditkaarten: de realiteit achter de winkeldeur is niet anders dan die op straat. Met één toegevoegde bijzonderheid: het winkelpersoneel zelf blijkt een prominente rol te spelen en diefstal door personeel stijgt sneller dan diefstal door klanten.

De BRC zelf schrijft 43 procent van de verliezen door misdrijf aan klanten toe en 26 procent aan personeel. Maar één veiligheidsfunctionaris op het congres, David Cox van Microsoft Alliance, schreef 50 procent van de verliezen aan fraude op het conto van het personeel en hoewel Nederlandse congresgangers als R. van Dijk van Vendex KBB en E. IJzerman van C&A Nederland zo'n percentage wel iets te boud geponeerd vonden, gaven ook zij toe dat het aantal personeelsleden dat hun werkgever besteelt ,,zeer sterk toeneemt''. ,,En de tijd dat we ons zo schaamden dat we zo iemand met stille trom lieten vertrekken, is ook voorgoed voorbij'', voegt Van Dijk er aan toe. ,,We doen nu echt aangifte bij de politie.'' Een lagere prijs afrekenen, korting geven, de duurste artikelen (laten) stelen: het is niet alleen de spreekwoordelijke juffrouw aan de kassa, die soortgelijke mogelijkheden benut. Unaniem werden op het Britse congres het management en het middenkader aangewezen als potentiële fraudeurs die de grootste financiële schade kunnen aanrichten. Zij hebben immers de beste uitgangspositie.

De Britse cijfers spraken boekdelen: misdrijven kostten de Britse detailhandel (gezamenlijke omzet 87.5 miljard pond) in bijna 45.000 vestigingen (inclusief banken) in 1998 1,39 miljard pond, aldus de uitkomst van het jaarlijks onderzoek van het BRC. Aan maatregelen ter voorkoming en bestrijding van misdrijven gaven ze het afgelopen jaar 550 miljoen pond uit, 100 miljoen meer dan het jaar daarvoor. Maar opnieuw David Cox – een Europees expert op het gebied van hoogwaardige technologische bescherminsconstructies tegen winkelmisdrijven – zette dat bedrag van 550 miljoen in een schril licht door te becijferen dat 790 miljoen pond per jaar verdwijnt in de zakken van het personeel en hun handlangers.

Hoe kon Cox zo zeker zijn? Hij was één van deelnemers die op dit congres de zegeningen van de techniek in de strijd tegen de boze buitenwereld predikte. ,,Het is niet voor niets dat je hier zoveel vertegenwoordigers van verlieslijdende grootwinkelbedrijven ziet'', merkte een Woolworth-vertegenwoordiger achter de hand op. ,,Ze zoeken allemaal naar middelen om de klant naar binnen te trekken en toch op hun spullen te letten.''

En inderdaad: het ritselde op dit congres van de ingebouwde elektronische etiketten en de ,,chemische DNA-sprays'', van de in de fabriek ingebouwde pincodes in digitale televisie-apparatuur tot de niet te verwijderen postcodes in video's. Jack Straw, de Britse minister van Justitie , betoogde hier dat ,,naming and shaming'' van de fabrikanten die niet aan dit soort ,,source tagging'' doen, in de auto-industrie al tot gunstige resultaten heeft geleid. Auto's die moeilijk te stelen zijn, verkopen beter.

Waar de buitenlandse congresgangers enigszins jaloers naar keken, was de mate waarin de Britten ongebreideld gebruikmaken van elektronische hulpmiddelen, zonder al te bezorgd te zijn over de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Een nieuwe Data Protection Act zal binnenkort limieten gaan stellen aan de vrije uitwisseling van foto's, videobeelden en andere door de winkels verzamelde persoonsgegevens tussen de detailhandel en politie, maar – aldus een politieman-inleider geruststellend – ,,daar kunnen we wel omheen''.

Privacy buiten het eigen huis is vrijwel uitgestorven, kopte een Britse kwaliteitskrant onlangs enigszins demagogisch. En het is waar: niet alleen in winkels, maar ook op elke straathoek en tot in het kleinste dorp hangt tegenwoordig een camera, waarmee niet-gereguleerd ,,security''-personeel de handel en wandel van passanten gadeslaat. Men is hier trots op het feit dat sinds kort in Londens Oxford Street, binnen en buiten, geen plek meer onbespied is. ,,Partnership'' – het nieuwe modewoord – tussen politie, plaatselijke overheid en winkeliers heeft geleid tot de inrichting van een gemeenschappelijk controlecentrum op ongeveer 1 km afstand, dat alle actie tegen boosdoeners coördineert.

De resultaten lijken spectaculair: alleen al zakkenrollen is met éénderde teruggebracht. Het (opnieuw) afspelen van videobanden voor opsporingsambtenaren van bijvoorbeeld het ministerie van Handel en Industrie heldert en passant de identiteit van de verkopers van namaak-parfum op of identificeert andere boosdoeners. Een politiesergeante uit Romford, een voorstad van Londen, meldde al even opmerkelijke resultaten uit haar stadsdeel en ging er daarbij prat op dat de camera's ook één niet-geregistreerde pedofiel en een aantal elders gezochte verdachten hadden geregistreerd. Andere inleiders prezen het feit dat hun ,,partnership'' nu zo ver voerde, dat de spoorwegpolitie op een station een groep professionele dieven had kunnen aanhouden, waarvan ze de beelden eerder doorgeseind hadden gekregen van de (particuliere) controlekamer in het stadscentrum.

Naar de aard van het congres was dit er het gezelschap niet naar om zich zorgen te maken over het feit dat sommige beheerders van centraal gecontroleerde camerabewaking (CCTV) hun materiaal aan televisiemaatschappijen verkopen. Evenmin is het hier de gewoonte al te hard te klagen over een dergelijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer, al werd het de man die zijn eigen zelfmoordpoging in een portiek in een noordelijke binnenstad op televisie terugzag, wel degelijk te veel.

Hetzelfde gold voor collega's die in een innige, maar overspelige omhelzing in de parkeergarage werden gefilmd. Nee, hier werd erop gewezen dat 124 camera's in 14 parkeergarages in Birmingham daar tot 86 procent vermindering van diefstal en vandalisme had geleid.

In Nederland, zegt Van Dijk van Vendex KBB, is het nog maar enkele jaren het geval dat grootwinkelbedrijven tegenover elkaar durven uitkomen voor de verliezen die ze lijden ten gevolge van criminaliteit. Net als zo'n acht jaar geleden nog in Groot Brittannië hielden concurrentie-overwegingen hen tegen. Nu maakt het gemeenschappelijk belang dat er gezamenlijk gesproken wordt over een mogelijke pro-actieve aanpak. Hoeveel verlies bijvoorbeeld Vendex KBB dan jaarlijks lijdt door winkelcriminaliteit? Welingelichte concurrenten menen dat het percentage hoog ligt: rond 4 procent. Van Dijk: ,,Wij zeggen niet meer dan meer dan 1 procent van onze omzet.'' C&A Nederland: ,,Ongeveer 1 procent van onze omzet.''

De Raad voor de Nederlandse Detailhandel, waarin voornamelijk grootwinkelbedrijven zijn vertegenwoordigd, zegt bij monde van zijn secretaris Sjoerd Veenstra, dat het percentage varieert ,,recht evenredig aan de aandacht die een ondernemer aan het probleem besteedt. Na elke nieuwe technologische vinding is er de verleiding te denken dat nu de oplossing is gevonden. Tot we met nieuwe inventiviteit van de andere kant worden geconfronteerd.''

Onder de buitenlandse congresgangers – veel minder dan de Britten hadden gehoopt – werd erop gewezen dat Europese richtlijnen in de maak zijn voor de manier waarop data moeten worden beheerd . De Groninger politiecommissaris Henk Munting kon wijzen op een Nederlands proefproject ,,Aangifte loont'' dat net op 4 plaatsen in ons land van start is gegaan. Het is de polderversie van ,,partnership'', maar wel een variant waarbij de politie uitmaakt wie er waarom wordt gearresteerd en wanneer.

Munting heeft moeite met de Britse praktijk, waarin de Britse detailhandelaren met hun onvoldoende gereguleerde beveiligingsindustrie naar eigen zeggen ,,negentig procent van het werk doen''. ,,Ik ben blij dat in Nederland de taak van de bestrijding bij de overheid ligt en niet bij particulieren'', zegt hij.

Het samenstellen van portfolio's van verdachten, die – foto en al – bij alle kassa's van bijvoorbeeld Marks & Spencer liggen en die uitgewisseld worden met andere belangstellende winkelbedrijven is in Nederland – ,,officieel'', zegt een Nederlandse congresganger veelbetekenend – verboden. Videobeelden van binnen de winkel mogen niet worden bewaard en de politie mag ze – anders dan bij verkeersbewaking en het gadeslaan van voetbalwedstrijden – niet simultaan mee afkijken. Een camera op de eigen pui richten is – juweliers uitgezonderd – niet toegestaan.

En een centrale databank, waarin de detailhandel niet alleen alle verdachte buitenstaanders, maar ook alle handelingen van het eigen personeel kan opslaan – zoals nu in Engeland in de maak is – daarvan is al helemaal geen sprake. De C&A-afgezant is niet als enige gefrustreerd. ,,De Nederlandse Registratiekamer heeft veel meer oog voor de particuliere levenssfeer dan voor de criminaliteitsbestrijding. Ze heeft veel te veel macht: ze zijn wetgever, openbaar ministerie en rechter tegelijk.'' Daarmee kan de Groninger politiecommissaris het niet oneens zijn. De Britse organisatoren vinden het meelijwekkend dat niet meer Europeanen een voorbeeld aan Groot-Brittannië nemen. ,,Typisch Europees'', zegt de BRC-woordvoerder.