Deventer koestert graswicket als een baby

Sinds 1995 mag het Nederlandse cricketelftal meedoen aan het Engelse bekertoernooi om de NatWest-trofee. Gisteren speelde het team in Deventer voor het eerst een thuiswedstrijd. ,,Dit veld is fantastisch. Het lijkt hier het buitenland wel.''

Bij de Koninklijke UD is het gras nog een keer extra gemaaid. Want het Nederlands cricketelftal komt op bezoek. De 124 jaar oude vereniging uit Deventer heeft een bijzonder veld. In Nederland kan maar op twee plaatsen – behalve in Deventer ook in Amstelveen – op een graswicket worden gespeeld. Op andere cricketvelden ligt een kokosmat in het midden. ,,Op een graswicket kunnen de omstandigheden snel veranderen. Dat hoort erbij, dat is de charme van cricket'', zegt international Tim de Leede.

Omdat er nu een paar van die professionele velden in Nederland liggen, mag de nationale ploeg tegenwoordig in de Engelse bekercompetitie ook thuis spelen. Vier jaar lang moest Nederland de plas oversteken. De Leede is na de gewonnen wedstrijd tegen Cambridgeshire verheugd over het veld in Deventer. ,,Het is hier echt genieten'', zegt de voormalig aanvoerder. ,,Het lijkt het buitenland wel. Dit veld is nog beter dan die van sommige Engelse counties. Zelfs op het beroemde Lords in Londen loopt het veld een beetje af, hier niet.''

De ondergrond van het gras op het wicket is klei, bij gewone sportvelden is dat meestal zand. Door de klei wordt het gras hard. Dan is het onmogelijk om een vinger in de grond te steken. Ook wordt er een ander grassoort, rye, gebruikt. Dat kan heel kort worden geknipt, noodzakelijk om cricket op te kunnen spelen. Normaal gras zou dan dood gaan. Een graswicket vergt een secure behandeling. Elke avond is men bij UD een uur of drie met het onderhoud bezig.

Aaien, maaien, walsen, prikken, ze behandelen in Deventer het gras als een baby. Een baby met vier vaders, vier mannen die de zorg op zich hebben genomen. ,,We zijn een stelletje idioten'', zegt Rutger Loenen, de man van het eerste uur. Hij heeft een agrarische opleiding gehad en is de grootste expert. ,,Grasonderhoud is mijn grote hobby.'' Loenen heeft in Engeland een cursus voor groundsman gevolgd en af en toe gaan hij en zijn collega's op werkbezoek bij de collega's in Londen. Loenen wordt in Deventer onder anderen bijgestaan door Michiel Lubbers. Hij is de broer van Steven Lubbers, de Nederlandse recordinternational. De andere Lubbers speelde zelf ook zo'n twintig jaar in het eerste elftal van UD. Nu houdt hij zich met het veld bezig. ,,Het is werk dat voldoening geeft. Je legt iets moois neer'', vertelt Lubbers.

Ook andere clubs zouden graag een graswicket willen hebben, maar hun grootste probleem is om geschikte mensen te vinden die kennis van zaken en vrije tijd hebben. Loenen en zijn drie collega's doen alles uit liefde voor hun club en hun sport. ,,Zelfs het bier moeten we hier 's avonds zelf betalen. Alleen de koffie is gratis.'' Eigenlijk is met een graswicket nooit sprake van een rustige periode. Als de competitie er in augustus opzit, is het tijd voor de najaarsbehandeling. Doorzaaien, prikken en voortdurend controleren of het gras niet gaat schimmelen.

Loenen meent dat ze nergens in het Nederlandse cricket zo gek zijn als bij UD. ,,Waar in Nederland vind je in mei zo'n prachtig grasveld?'', vraagt Loenen, die al 42 jaar lid is. ,,Ik heb het gevoel dat de betrokkenheid bij ons groter is dan bij clubs in het westen. Hier wordt er altijd weer wat nieuws verzonnen. Jongens, wat gaan we dit jaar weer doen?'' Loenen heeft uitgerekend dat het onderhoud van het graswicket en de aanschaf van nieuwe apparatuur per jaar zo'n 35.000 gulden kost. ,,Dat zou met onze vier elftallen zo'n 500 gulden per wedstrijd zijn'', weet hij. ,,Maar wij besparen veel geld door creatief te zijn. We hebben bijvoorbeeld voor 9.000 gulden een oude wals in Zeeland gekocht en hem opgeknapt. Ik heb twee rechterhanden en twee rechterogen.''

Dus heeft Loenen voor het gras in de Amsterdam Arena misschien ook wel een oplossing. ,,Het probleem daar is het licht en niets anders. De fotosynthese van de grasspriet. Het gras krijgt gewoon te weinig licht. Ik wilde daar een keer een foto nemen van een machine die ik eens aan de Arena heb verkocht. Het was klaarlichte dag, maar ik moest de flits aanzetten. Hier is iets goed mis, dacht ik toen.'' Dus heeft Loenen maar één advies: ,,Het dak moet eraf, het hele dak!''

Liggend langs de kant kijkt collega Lubbers onbezorgd naar de cricketers. Toch weet hij dat het veld er straks meer gehavend uit zal zien dan na een competitiewedstrijd van UD. ,,Die Engelsen zijn gewend op zo'n wicket te spelen. Die spelen allemaal met spikes en zetten hun voeten flink in het gras. Zodoende laten ze behoorlijke gaten achter.''

Nederland won gisteren de bekerpartij op het `biljartlaken' van Deventer. De laatste speler was nog niet van het veld gestapt of Loenen, Lubbers en Roel Toussaint stonden al voor de nazorg bij hun wicket. Ze walsten, ze veegden en ze rolden de waterslangen uit, want het veld moet meteen na de wedstrijd nat worden gemaakt. ,,Hoe sneller we klaar zijn, hoe eerder we aan het bier kunnen'', zegt Loenen lachend.