Nooit meer vliegen

Eindelijk is hij verlost van het vliegen. Gemiddeld vijf keer per week wachten op aansluitingen. ,,En je kan tijdens een vlucht niet werken, alleen de krant lezen. Tenzij ik in de eerste klas in een hoek zat weggestopt met mijn vrouw naast me.'' Lang geleden, tijdens zijn eerste buitenlandse post in Spanje, werd hem dat al duidelijk. ,,Naast me zat iemand druk te werken, allemaal papieren. Het is dan onmogelijk om helemaal niet mee te lezen. U bent van Procter & Gamble, vroeg ik. Ja, zei hij. Nou, ik ben van Unilever.''

Vandaag is de aandeelhoudersvergadering waar Morris Tabaksblat na vijfendertig jaar Unilever, vijftien jaar raad van bestuur en vijf jaar voorzitterschap zijn functie neerlegt. Hij gaat eerst met vakantie, daarna zich bemoeien met de speurtocht naar een nieuwe topman voor Reed Elsevier. Zelf is hij non executive chairman van de Nederlands-Britse uitgever geworden, een baan die hem een tot twee dagen per week gaat kosten. ,,Het is een Angelsaksische chairman, in Nederland te vergelijken met een gedelegeerd commissaris. Je treedt namens de andere commissarissen op en bent volledig verantwoordelijk.''

Verder is hij onder meer commissaris bij de verzekeraar Aegon en de pakjesvervoerder TNT Post Groep, en bestuurslid bij het Academisch ziekenhuis in Leiden en het museum Mauritshuis in Den Haag. ,,Na 35 jaar in één bedrijf is het leuk om wat anders te doen, maar ik word selectief. Ik wil tijd overhouden die ik zelf in kan delen.''

Als bestuurslid van Unilever was zijn agenda al twee jaar van te voren grotendeels gevuld. Vergaderen op het hoofdkantoor, afwisselend in Rotterdam en Londen, de verplichte nummers in Brussel en het bezoek aan de vestigingen van het concern. Samen met zijn co-voorzitter – ,,een van de grote voordelen van het met z'n tweeën zijn'' – bezocht hij die negentig landen minimaal om de twee jaar. ,,We hebben nu zo'n platte organisatie dat het nuttig is zelf signalen op te vangen. Maar als je ergens langsgaat, moet er wel een zinnig programma zijn.''

Vorig jaar trok hij bijvoorbeeld met de hele Unilever-top een week door China. ,,We waren ons strategisch plan aan het bijstellen. De rol van China – het beslag op mensen en kapitaal – is zo groot dat we besloten om zelf te gaan kijken. Mijn collega FitzGerald en ik hebben het politieke deel gedaan, in Beijing onder meer een gesprek met premier Zhu Rongji. We hadden ons bezoek afgesteld op zijn agenda. We praten ieder jaar wel met de premier of met de vice-premier voor lichte industrie. Dat zijn hele serieuze gesprekken, ze worden ook opgenomen en hij komt er een jaar later op terug. Wat hadden we afgesproken, wat is er van terechtgekomen? Een zakelijke relatie, heel plezierig.''

,,Al onze dochterbedrijven hebben een andere Chinese joint-venturepartner – daar hebben we veel tijd mee verloren. Vorig jaar kregen we de toezegging dat we dat onder één structuur mogen brengen. Dan kunnen we eindelijk profiteren van schaalgrootte.''

Tabaksblat sprak de premier toen een devaluatie van de Chinese munt dreigde. ,,Als ze willen devalueren, zeggen ze dat niet van te voren. Maar hij had interessante argumenten om het niet te doen. Hij sprak onder meer over de verantwoordelijkheid van China voor stabiliteit in de regio. China wil graag toetreden tot de wereldhandelsorganisatie. Daarom wil het zijn problemen niet afwentelen op de buitenwereld.''