Syntus: beter vervoer door markt

Kan `de markt' zorgen voor beter openbaar vervoer tegen lagere kosten? Bus- en treinexploitant Syntus wil het vanaf 31 mei in de Achterhoek bewijzen met een betere dienstregeling.

Zelfs de secretaresse mag een bus besturen, want ze heeft een groot rijbewijs. Bij Syntus, het gecombineerde trein- en busbedrijf dat vanaf 30 mei het openbaar vervoer in de Achterhoek gaat verzorgen, houdt men wel van onorthodoxe oplossingen. Daarom wordt de conducteur van de trein gehaald, kunnen machinisten en chauffeurs zowel op de trein als de bus worden ingezet en beschikken beide directeuren binnenkort ook over de papieren om – bij calamiteiten – als bestuurder in te springen. ,,We zijn gewoon bij nul begonnen en we hebben alles op z'n kop gezet'', zegt Syntus-directeur Frank van Setten.

Tien jaar geleden leidde het openbaar vervoer in de Achterhoek een zieltogend bestaan. De streekbussen en de Nederlandse Spoorwegen vochten met elkaar om een snel krimpende groep reizigers, het busnet werd door bezuinigingen steeds verder uitgekleed en de NS overwoog serieus de regionale spoorlijn tussen Zutphen en Winterswijk op te heffen.

Het openbaar vervoer kwam in een steile neerwaartse spiraal terecht. De vervoerders probeerden de kosten te verlagen door de dienstregeling te beperken, waardoor reizigers werden geconfronteerd met steeds langere wachttijden. Gevolg: het aantal reizigers nam verder af. ,,Zelfs onze eigen chauffeurs reden in hun vrije tijd alleen maar met de auto'', zegt Van Setten.

Onder leiding van Van Setten, destijds regiodirecteur van busvervoerder Oostnet, en zijn collega Jan-Willem Allersma, toen werkzaam bij NS, werd begin jaren negentig een nieuwe weg ingeslagen. Om mensen weer in de bus en de trein te krijgen besloten de vervoerders in de Achterhoek hun energie niet langer te steken in steeds nieuwe bezuinigingen op dezelfde activiteiten, maar te proberen met hetzelfde geld een volledig andere dienstverlening aan te bieden. Kort gezegd kwam dat erop neer dat bus en trein niet langer elkaar op dezelfde trajecten zouden beconcurreren, maar dat de bussen als een soort toeleverancier voor de trein gingen fungeren door de mensen op te halen in de omringende dorpen en af te zetten op de treinstations. Bovendien kregen buschauffeurs en treinmachinisten één communicatiesysteem, waardoor ze elkaar gemakkelijk op de hoogte konden houden van bijvoorbeeld vertragingen.

De nieuwe strategie heeft vruchten afgeworpen. Terwijl het openbaar vervoer elders in Nederland zwaar onder druk staat, steeg het aantal reizigers per bus en trein in de Achterhoek sinds 1991 met 25 procent.

Het Gelderse poldermodel, in 1994 geïntensiveerd onder de weinig inspirerende naam IGO+ (wat staat voor Integratie Gelderland-Oost), trok in binnen- en buitenland belangstelling. Het leverde de bedenkers zowel vanuit reizigersverenigingen als vanuit de politiek vele schouderklopjes op.

Op het ministerie van Verkeer en Waterstaat was men inmiddels druk bezig met plannen om de vervoersmarkt via concessies onder oude en nieuwe aanbieders te verdelen. Uitgangspunt hierbij was dat marktwerking zou zorgen voor beter openbaar vervoer, tegen lagere kosten.

Omdat dit doel binnen IGO+ al bereikt bleek te kunnen worden toonde minister Netelenbos zich bereid om een gecombineerd trein-busbedrijf in de Achterhoekse regio bij voorbaat voor ten minste vijf jaar een concessie te verlenen, met de mogelijkheid van nog eens vijf jaar verlenging. Half december 1998 richtten NS en VSN (moeder van Oostnet) hiertoe officieel het bedrijf Syntus op. Vanaf 30 mei dit jaar gaat deze vervoerder met nieuwe dienstregeling van start.

Inmiddels is Syntus al geen Nederlands onderonsje meer. Het Franse busbedrijf Cariane is de derde partner geworden in de Achterhoekse vervoerder. Tot tevredenheid van Van Setten en Allersma. ,,We zijn bij een aantal bedrijven geweest, en toen liepen we min of meer per toeval tegen Cariane op. Dat klikte meteen heel goed, ook qua filosofie'', vertelt Allersma.

Suggesties dat de Fransen bezig zijn met een sluipende overname van het openbaar vervoer in Nederland wijst de Syntus-directie van de hand. ,,Het gaat Cariane niet om het kopen van marktaandeel, zoals dat bij Britse bedrijven wel gebeurt. Bij Cariane spelen vooral strategische overwegingen. Er gebeurt van alles in het openbaar vervoer. Daar willen ze bij zijn'', aldus Allersma. In Frankrijk opereert Cariane als houdstermaatschappij voor 53 regionale busbedrijven. Allersma: ,,En die bedrijven opereren ook allemaal zelfstandig, met eigen management''.

Voor Syntus is de samenwerking met Cariane om twee redenen gunstig. Cariane brengt de financiële slagkracht van een sterke partner mee en kennis van vervoerssystemen.

Syntus wil de komende jaren een groot deel van het materieel vervangen. Onlangs kocht het bedrijf al elf lichte dieseltreinen. Ook moeten er 30 nieuwe bussen komen met een lage instap, zodat het voor ouderen of mensen met kinderwagens bijvoorbeeld gemakkelijker is om de bus in en uit te komen.

Voor deze bussen en treinen is ruim 60 miljoen gulden nodig. Zelf heeft Syntus dat geld niet; het bedrijf wil dit binnenkort `uit de markt' halen. ,,Wij zoeken binnen Europa naar financiers. Dat Cariane natuurlijk hele goede contacten heeft in Frankrijk, helpt'', aldus Allersma.

Hoewel de winstmarges op het openbaar vervoer ,,dubbeltjeswerk'' zijn, voorzien de Syntus-directeuren een zonnige toekomst voor hun bedrijf. Door de conducteur van de trein te halen en met goedkopere treinen te rijden kon de dienstregeling worden verbeterd. In plaats van elk uur rijden de bussen en treinen in de Achterhoek vanaf 30 mei elk half uur.

Van Setten en Allersma gaan ervan uit dat het aantal reizigers (nu tien miljoen per jaar) door de uitgebreide dienstregeling met ten minste tien procent kan stijgen. Die groei is belangrijk omdat de overheidbijdrage voor Syntus is gebaseerd op het aantal reizigers dat een kaartje koopt voor bus of trein. Van Setten: ,,Veel vervoerders, ook wij, hanteerden in het verleden de verkeerde volgorde. Je maakt een dienstregeling, laat er een stempel op zetten en gaat vervolgens rijden. Zonder dat het je uitmaakt of er nu wel of passagiers zijn. Zo werken wij dus niet meer.''