Macedonië wacht economische ramp

Voor de oorlog in Kosovo was Macedonië economisch al kwetsbaar. Nu het land wordt omringd door oorlog en overspoeld met vluchte- lingen wordt het een economisch rampgebied.

Ook de Franse premier Jospin kreeg het zaterdag tijdens zijn bezoek aan de Macedonische hoofdstad Skopje te horen: 200miljoen dollar, anders gaat het hier binnen de kortste keren fout. Dat bedrag is alleen al nodig om het begrotingstekort voor dit jaar te dekken, daarnaast moeten flink wat andere maatregelen worden getroffen. De Macedonische regering verwacht dat Europa en de Verenigde Staten tot deze financiële steun zullen besluiten op de komende vergadering van donorlanden in Parijs, woensdag.

,,We hebben de afgelopen weken de ene bespreking na de andere gehad om deze donorconferentie voor te bereiden. Ik ga er van uit dat we iedereen hebben overtuigd dat 200 miljoen het minimum is', zegt Dragoljub Arsovski, directeur-generaal voor de begroting op het ministerie van Financiën. Daadwerkelijk hebben echter alleen Nederland (5 miljoen dollar) en Taiwan (2 miljoen) extra steun verleend. Verder hebben internationale organisaties een noodlening verschaft (de Wereldbank 40 miljoen) of een stand-by krediet geregeld.

De oorlog in Kosovo heeft de droom van een groot deel van de twee miljoen inwoners van de jonge en kleine republiek aan flarden gescheurd. Dit jaar zou voor het eerst in acht jaar iets van een mooie toekomst zichtbaar worden, lage inflatie en een stijging van het bruto nationaal product met 3,5 procent.

Inmiddels sturen steeds meer ondernemingen de werknemers voor weken of maanden met onbetaald verlof, beschikken de banken niet over kapitaal, moet de overheid meer reservisten voor politie en leger oproepen, zonder het geld er voor te hebben, stijgen de prijzen niet zoals voorspeld met drie maar met acht procent en zijn de toch al lage salarissen in de publieke sector voor drie jaar bevroren. Daarnaast hebben de boeren hun oogst niet kunnen afzetten, en loopt de werkloosheid razendsnel op. Een werkloosheidsuitkering bestaat niet, veel gezinnen dreigen onder het bestaansminimum van 250 mark per maand te zakken.

Daar komt dan bij dat de bevolking binnen een maand met 10 procent gestegen door de komst van bijna 200.000 vluchtelingen uit Kosovo. Nog is er weinig te merken van onrust en onbehagen over de situatie, maar volgens financieel deskundigen zal het niet lang meer duren, omdat het zonder snelle internationale steun allemaal nog erger gaat worden.

Onderbroken door aankondigingen van nieuwe e-mailtjes en korte telefoontjes, legt Arsovski in zijn werkkamer op het ministerie uit wat zijn land is overkomen. ,,We beleven nu de vierde schok in ons korte leven'', zegt hij. Hij somt op: de Golf-oorlog, waarbij de bouwbedrijven hier zo'n 280 miljoen dollar verloren, daarna het uiteenvallen van Joegoslavië en de Soviet Unie, waarbij alle handelscontacten voor korte of langere tijd wegvielen. Macedonië moest nieuwe afzetgebieden en nieuwe partners zoeken. ,,Dat heeft wel drie jaar geduurd en intussen liepen de verliezen steeds maar op'', aldus Arsovski. Het handelsembargo tegen Joegoslavië en de blokkade door Griekenland (kwaad omdat de republiek de naam Macedonië gebruikte) vormden de derde schok, die in drie jaar volgens een berekening van Financiën een verlies van 4.5 miljard dollar veroorzaakte.

In de afgelopen jaren is Macedonië geholpen door de internationale gemeenschap, onder meer met leningen, waardoor de schuld inmiddels ruim 800 miljoen dollar bedraagt. ,,Dat kunnen we nooit terugbetalen, het beste is om er een streep door te halen'', zegt Arsovski. De oorlog in Kosovo heeftbestaande handelsbanden afgesneden. Het ministerie van Financiën heeft berekend dat het verlies anderhalf miljard dollar zal bedragen, als deze oorlog tot het eind van dit jaar doorgaat. Nu al is het negatieve verschil op de handelsbalans 591 miljoen dollar, Macedonië importeert steeds meer, kan steeds minder uitvoeren.

De weg van zuid naar noord, naar Europa, is afgesneden. En ook al is de blokkade door Griekenland weer opgeheven, het handelsverkeer is niet echt op gang gekomen. De exportwegen naar zee, via Griekenland, betekenen een omweg, waardoor de producten duurder worden en de Europese concurrenten hun voorsprong behouden. Een ander probleem is het verlies van de afzetmarkt in Joegoslavië zelf (de export bedroeg 500 miljoen dollar per jaar). Macedonië telt veel toeleveringsbedrijven die eindproducten leverden voor industrieën in Joegoslavië, bijvoorbeeld voor de productie van auto's. Dat is gestopt. Volgens Arsovski heeft zijn regering de moed niet laten zinken, er wordt serieus gewerkt aan een andere verbinding met Europa vanuit het aan alle kanten ingesloten land, een weg- en spoorverbinding van west (Albanië) naar oost (Bulgarije). Maar hiervoor zal eerst fors moeten worden geïnvesteerd, de wegen in deze landen zijn bijzonder slecht.

De Kamer van Koophandel in Skopje heeft onlangs een inventarisatie gemaakt van de actuele situatie bij 246 grote en middelgrote bedrijven. De directe verliezen over de afgelopen twee maanden bedroegen 372 miljoen mark (de koers van de Macedonische denar is gekoppeld aan de mark). De productie was in deze bedrijven gedaald met 20 procent, soms met 60. Onderverdeeld had de transportsector 200 miljoen mark verlies, de metaalindustrie 72 miljoen, de chemische industrie 60 miljoen, de landbouw 200 miljoen. Zonder hulp zullen deze bedrijven hun werknemers naar huis moeten sturen. Gelet op de lage inkomens is te verwachten dat binnen afzienbare tijd grote groepen onder het bestaansminimum zakken. Zo verdient een onderwijzer 300 mark per maand, een medewerker bij een bank 476, een arts 500 mark. Het gemiddelde inkomen is 305 mark. De slechter wordende financiële situatie kan de komende tijd spanning veroorzaken tussen de diverse bevolkingsgroepen, in het bijzonder tussen de Macedoniërs en de Albanezen. Naar schatting van de overheid is 70 procent van de vluchtelingen (125.000 personen) ondergebracht bij particulieren. ,,Die zorgen dan voor hen, maar wij gaan er van uit dat elke vluchteling de overheid tenminste 6 dollar per dag kost, hoe dan ook'', zegt Arsovski. Met de vluchtelingen in de UNHCR-kampen komen deze kosten dan op 1,1 miljoen gulden per dag. Wat de overheid onder deze omstandigheden bijzonder steekt is dat noch de NAVO, noch de internationale hulporganisaties goederen uit Macedonië afnemen, alles komt van buiten. ,,We hebben vaker moeilijke tijden gehad, al ziet het er nu wel ernstig uit'', zegt Arsovski, waarna hij benadrukt dat de regering gewoon doorgaat met hervormingen. In het openbaar bestuur, het rechtssysteem, de gezondheids- en sociale zorg (pesioenfondsen).

Rudi Lazarevski, een van de partners in het adviesbureau Price Waterhouse Coopers, kijkt daar van op. ,,Met hervormingen, herstructureringen is niemand hier nog bezig'', zegt hij. Zijn werk als adviseur van de regering bij de privatisering van het staatstelefoonbedrijf is opgeschort. Op de vraag hoe hij de huidige financieel-economische situatie beoordeelt, schiet Lazarevski spontaan in de lach: ,,Het is een ramp, alles staat compleet op zijn kop.'' Weer ernstig voegt hij er aan toe: ,,Mensen krijgen hun loon nog uitbetaald, maar hoe zal het over twee, drie maanden zijn? Niemand die het weet.''

Hij verwacht dat lang niet alle Kosovaren naar hun land terugkeren als er een internationale regeling is getroffen. ,,Een belangrijk percentage zal hier voorlopig blijven, ik schat zeker een jaar'', meent Lazarevski. Dat kan volgens hem alleen maar goed gaan als de economische teruggang op zeer korte termijn wordt gestopt. ,,Er zijn tot nu toe veel beloften gedaan, maar daar is nog maar heel weinig van gerealiseerd. Het zal heus wel komen, maar komt het ook op tijd?''